Iraakse verzet jaagt de oudheidkundigen weg

Van de oude schatten die in april verdwenen uit het Irak Museum in Bagdad, is een groot deel terug. Maar buiten de stad, op menige opgravingsplaats, is volop geplunderd....

Halverwege het telefoongesprek over de Iraakse kunstschatten slaan plots mortiergranaten in rond het kantoor van archeoloog John Russell in Bagdad. De Amerikaan, hoogleraar aan het Massachusetts College of Art in Boston en sinds enkele maanden adviseur van het Iraakse ministerie van Cultuur, probeert tevergeefs ontspannen te klinken. 'We doen hier even de gordijnen dicht', zegt hij. 'Als ze dichterbij komen ga ik wel naar de badkamer, die heeft geen ramen.'

De oudheidkundige slaakt een zucht, zoals hij vaker zal doen tijdens het interview. 'Ze vuren nu bijna elke avond granaten af op de Amerikaanse green zone. Je raakt er bijna aan gewend.'

Hoe staat het, zeven maanden na de oorlog, met de uitgebreide cultuurschatten van Irak, het oude Mesopotamië? In hoeverre is het Irak Museum, het belangrijkste museum van het land, daadwerkelijk leeggeplunderd vlak na de inname van Bagdad? Wat is inmiddels teruggevonden? En wat is de toestand van de vele archeologische vindplaatsen in het land? Russell, Irak-kenner en in april lid van de eerste Unesco-missie in het land, heeft goed en slecht nieuws.

Eerst het goede nieuws, al wat langer bekend. De schade aan het Irak Museum valt mee, zegt hij, ondanks de tv-beelden van kapotgeslagen vitrines. Veel van de 170 duizend artefacten waren door medewerkers mee naar huis genomen. 'Net zoals tijdens de Golfoorlog.'

Alleen de zwaarste en de te breekbare stukken, veertig in totaal, waren achtergebleven in de tentoonstellingsruimtes en verdwenen. Er zaten topstukken tussen van meer dan vierduizend jaar oud. Uit de opslagruimtes en de kelders zijn verder nog eens dertienduizend voorwerpen gestolen, meestal kleine objecten, zoals aardewerk en kostbare cilinderzegels.

Ook een deel dáárvan is inmiddels terug, meldt Russell. Sommige werken zijn door Iraki's teruggebracht, andere zijn door Amerikaanse en Iraakse agenten teruggevonden. Er worden nog 27 topstukken vermist en zo'n tienduizend kleinere werken.

Het zoeken gaat door. 'Begin deze maand hadden we een paar goede dagen', zegt Russell. Op 11 november werden 820 kleine objecten teruggegeven, na intensief speurwerk door het Iraaks-Italiaanse Instituut van Archeologische Wetenschappen. Op 3 november werden bij een inval de nummers 2 en 28 van de lijst met dertig meestgezochte oudheden teruggevonden.

De terugkeer van deze twee stukken, het Koperen beeld van Bassetki van 2300 voor Christus en de Rijdende komfoor van Nimrud (circa 850 voor Christus) is vooral te danken aan de inspanningen van de 812th Military Police Company, benadrukt de archeoloog. 'Zo'n twintig mensen van deze compagnie hebben zich zelf tot taak gesteld oudheden op te sporen. In september vonden ze ook al de beroemde Warka Vaas van 3000 voor Christus. Het lukt ze met ouderwets politiewerk: praten met mensen, goed luisteren. Jammer genoeg vertrekken ze binnenkort.'

En daarmee begint zijn opsomming van de problemen. Het opsporen van gestolen artefacten en het bewaken van de vele vindplaatsen in het land hebben geen prioriteit bij de coalitietroepen en zijn afhankelijk van de inspanningen van individuen. 'De Amerikaanse troepen hebben hun handen vol met het bestrijden van terroristen en met reconstructiewerk.'

Alleen de Italianen rond Nassiriya, verzucht hij, beschermen de sites in hun gebied op agressieve wijze. 'Het is zeer spijtig dat juist zij nu slachtoffer zijn van een aanslag.'

Ook de Nederlanders in het zuiden hebben een belangrijke vindplaats onder hun hoede: de resten van de Sumerische stad Uruk (3500 voor Christus). De plek wordt momenteel door lokale stammen bewaakt, maar Russell zou graag zien dat ze wordt meegenomen in patrouilles. 'Sites in de omgeving zijn volgens de stammen onbewaakt.' Een woordvoerder van de landmacht zegt dat nog wordt bekeken of Uruk om veiligheidsredenen speciaal moet worden beschermd.

De plundering van de vele archeologische vindplaatsen in de Iraakse woestijn, veelal nog niet opgegraven, vormt de verborgen culturele ramp van de oorlog, zegt Russell. 'Dieven hebben soms met honderden tegelijk, dagenlang, heuvels weggegraven tot er alleen een krater over was. Sommige grote sites zijn bijna verdwenen. Dat gebeurt nu niet meer, maar we missen nog altijd het overzicht over wat er is gebeurd.'

Een van de belangrijkste projecten van Russell en zijn directe baas, de Italiaanse diplomaat Mario Bondioli Osio, is daarom het trainen van de circa dertienhonderd Iraakse bewakersvan archeologische vindplaatsen. Ze krijgen uniformen en wapens. 'Maar wat we echt nodig hebben, zijn auto's en een communicatiesysteem. Ze kunnen zich niet vervoeren en hebben geen enkele radio. Zo kun je niet bewaken.'

En er is nog veel meer nodig. Mensen vooral. 'Het grootste probleem zijn de aanslagen. Daardoor blijven de non-gouvermentele organisaties weg. We kunnen hulp gebruiken van Unesco, The Blue Shield (een soort cultureel Rode Kruis, red.), het Prins Claus Fonds, het World Monument Fund. Er liggen zoveel projecten te wachten.'

Hij noemt een paar op: de conserveringslaboratoria in het Irak Museum zijn binnenkort weer bruikbaar, maar alleen buitenlandse specialisten kunnen met de beschadigde ijzeren, koperen en ivoren voorwerpen omgaan. En de papieren in de nationale archieven hebben roet-en waterschade opgelopen, die moeten schoongemaakt. 'Maar voorlopig gaan er meer mensen weg dan binnenkomen', zegt de archeoloog somber.

Zelf denkt hij niet aan vertrekken. Er is nog te veel te doen. 'Ik wil er zijn als het Irak Museum weer opengaat.' Voorzichtig: 'Volgend jaar april moet het gebouw er in elk geval klaar voor zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden