Interpretatie van gezichtsuitdrukkingen blijkt cultureel bepaald

Menselijke gezichtsuitdrukkingen zijn niet universeel. Dat stellen onderzoekers van onder meer de universiteit van Madrid nadat zij hadden bestudeerd hoe Trobrianders, een gemeenschap uit Papoea-Nieuw-Guinea, reageren op gezichtsuitdrukkingen. Leden van deze stam beoordelen een opengesperde mond en grote ogen als een teken van woede, terwijl dit in westerse culturen wordt gezien als een uiting van schrik of verbazing.

Schrikt deze man of is hij juist boos? De interpretatie van opengesperde ogen en een open mond blijkt cultureel bepaald. Beeld Aurélie Geurts

Charles Darwin is vooral bekend van de evolutietheorie. In 1872 publiceerde hij ook Het uitdrukken van emoties bij mens en dier waarin hij stelt dat gezichtsuitdrukkingen universeel zijn. In de jaren zestig bouwde de Amerikaanse psycholoog Paul Ekman daarop voort met de zogeheten 'universaliteittheorie' van gezichtsuitdrukkingen. 'Ekmans theorie is al langer onderwerp van debat. Studies laten zien dat gezichtsuitdrukkingen niet altijd en overal op dezelfde wijze worden geïnterpreteerd', zegt Job van der Schalk van de universiteit van Cardiff en niet betrokken bij het onderzoek.

Ook de nieuwe studie in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS toont aan dat er uitzonderingen op de regel zijn. Een team van Spaanse en Amerikaanse onderzoekers reisde naar een eilandengroep tweehonderd kilometer ten oosten van Papoea-Nieuw-Guinea. Hier leven de Trobrianders, een stam van tuinders en vissers, afgezonderd van westerse invloeden.

Culturele achtergrond speelt mogelijk rol

De onderzoekers legden proefpersonen foto's voor en vroegen hun deze te koppelen aan emoties, zoals vreugde, angst, afkeer, woede en verdriet. Een gezicht met opengesperde mond en grote ogen associëren de Trobrianders met woede en bedreiging, terwijl westerse proefpersonen eerder zeggen dat de persoon op de foto schrikt of verbaasd is.

'In dit soort studies verwarren proefpersonen wel vaker negatieve emoties, zoals boosheid en walging. Maar dit is de eerste studie waarin woede en schrik, toch emoties met tegengestelde intenties, verward worden', zegt Agneta Fischer van de universiteit van Amsterdam, die niet betrokken was bij de studie. 'Een zeer verrassend resultaat, hoewel in een eerdere studie in Papoea-Nieuw-Guinea deze emoties ook al werden verward.'

De culturele achtergrond van de Trobrianders speelt mogelijk een rol. Zij associëren gezichten met opengesperde mond en grote ogen - in lokale taal ekapunipuni matala genoemd - namelijk met kwaadaardige bovennatuurlijke wezens, zoals heksen en geesten.

De geest van Baloma

Waarom associëren Trobrianders grote ogen met woede? Mogelijk vanwege een oud volksverhaal waarbij een man schrikt van de geest van zijn pas overleden schoonmoeder. Hij ziet de grote ogen van deze Baloma in een donkere hoek van het huis en morst van schrik hete soep over haar. Gekwetst spreekt zij een vloek uit waardoor mensen geen geesten meer kunnen zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.