Column

Ik zou elke dag wel kunnen blowen

 

null Beeld null

Na een vrije kür op een scheve schaats, die hier verder buiten beschouwing kan worden gelaten, en enkele dagen van aanhoudend gepieker, zette ik me 's avonds op het terras van een coffeeshop. Ik zou elke dag wel kunnen blowen, maar ik moet aan de longen denken, de huid, de vriendin, het leven zelf, dat altijd voortgaat, en nooit terug; het is gewoon eenrichtingsverkeer.

Halverwege een jointje hoorde ik een hels gehoest de straat binnenkomen. Ik kende die hoest. De hoest behoorde Harold toe, een vriend uit de tijd dat er nog geen verplichtingen waren, maar wel feestjes om van in garderobes te verdwalen.

Vorig jaar werd Harold getroffen door een hartaanval. Hij bevond zich juist aan de balie van het ziekenhuis, wat toevalliger lijkt dan het is. Harold is goed in scheve schaatsen, maar weet in cafés en het verkeer ook altijd precies daar te gaan staan waar de scheve schaatsen van anderen in de vorm van stoelen en scooters terechtkomen.

Hoestend zette hij zijn fiets op slot en kwam naast me zitten, hoestend nam hij het jointje over, hoestend gaf hij hem weer terug. Als ik zou stoppen met roken, was ik misschien nog wel op tijd. Harold was al over de 60. Ik sloeg hem op zijn rug, niet te hard - de stents in zijn borstkas hoefden niet van hun plaats.

Betraand richtte hij zijn blik op. Hoe is het met jou? Nog altijd vol alarmsignalen? Doe je nog drugs? Drank? Je rookt toch nog wel? Hoe is het eigenlijk met de kleine?

Nee, zei ik. Nou ja, roken wel, en af en toe dit. Voor die momenten in het jaar of de maand dat het lichaam aangeeft dat je de gedachten als een grootmoeder moet laten gaan - het huis uit, de tuin, de wijk, de stad en verder, veel verder, tot waar de lichtjes branden in de speelse avondlucht en niets meer betekent wat het te betekenen heeft.

Ik gebruik vooral cabinol, zei hij. Of hoe heet het. Hasj-olie waar de thc, de werkzame stof, is uitgehaald. Daar word je pas rustig van. Een paar druppels in een elektrische sigaret en klaar ben je. Zal ik voor jou ook eens een flesje halen? Handig om bij de hand te hebben voor als je je eens in de prak hebt geblowd.

Dank je. Zei ik. Het roken beviel, de gedachten pakten langzaam de koffers. Ik hoorde het tikken van een wandelstok dichterbij komen. Het was Gerard, de 70 al flink gepasseerd, die met een stok liep sinds een sprong uit het raam op de zonnewering van de onderbuurman was geëindigd. Heren. Zei hij. Vrolijk, verward. Heren. En, tegen Harold: Jij zou me nog bellen, hè? Bel je me nog even?

Hij liep verder. Harold zei: Hij wil dat ik xtc voor hem regel, maar hij heeft net een tia gehad, dus daar begin ik niet aan. Zachtjes hoestend, inwendig hoofdschuddend, zagen we hoe hij de straat uitliep, wankelend het hoekje omging.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden