'Ik weet niet wie ik moet geloven'

Steven Shapin kreeg deze week de Erasmusprijs voor zijn vernieuwende kijk op de wetenschapsgeschiedenis...

De ranglijst van prestigieuze beroepen wordt sinds jaar en dag aangevoerd door de hoogleraar. Maar is de eminente geleerde nog wel voor honderd procent te vertrouwen? Als The New York Times tegenwoordig een biomedisch onderzoeker citeert, meldt de krant meteen welke bedrijven diens onderzoek financieren. Een journalistieke bijsluiter: wat deze onderzoeker over cholesterol of kanker vertelt zou best waar kunnen zijn, maar bedenk, beste lezer, dat hij wordt gesteund door Pfizer, Glaxo of een ander bedrijf dat straks een heleboel pillen hoopt te verkopen.

Ook medische tijdschriften als The Lancet of The New England Journal of Medicine vermelden tegenwoordig niet alleen aan welke universiteit de auteur verbonden is, maar ook wie zijn onderzoek betaalt.

Die toenemende verstrengeling van commercie en wetenschap is gevaarlijk, vindt Steven Shapin, hoogleraar wetenschapsgeschiedenis aan Harvard Universiteit. 'Wetenschappelijke kennis is de beste kennis die we hebben. Maar zij is gebaseerd op vertrouwen. We leven in een gefragmenteerde wereld, waarin vrijwel niemand in staat is om gespecialiseerde kennis buiten zijn eigen vakgebied te beoordelen. Daarom moeten we wel afgaan op bronnen die we betrouwbaar vinden.'

Shapin is geen gemakzuchtige criticus van de commercie. Als wetenschapshistoricus weet hij maar al te goed dat zuivere, ongebonden wetenschap een moeilijk te bereiken ideaal is. In de Middeleeuwen dienden de universiteiten de kerk, later de vorstenhuizen, tegenwoordig heeft het bedrijfsleven veel invloed. Bovendien zou veel onderzoek - bijvoorbeeld in de biomedische wetenschappen - niet eens mogelijk zijn zonder inbreng van grote bedrijven.

Toch maakt Shapin zich zorgen. Ten eerste wordt de schaal waarop wetenschap en bedrijfsleven samenwerken, steeds groter. En ten tweede staat het vertrouwen in de wetenschap toch al onder druk.

In een democratische cultuur met populistische trekjes staat de geleerde niet meer vanzelfsprekend aan de top. Wie zegt immers dat al die academische wijsheid nuttiger is dan ons gezonde boerenverstand? 'Het idee van de triomferende wetenschap domineerde de elitecultuur van de afgelopen honderd jaar. Maar de samenleving en media zijn sterk gedemocratiseerd. Mensen geloven sterker in zelfbeschikking, waardoor de elite minder de toon aangeeft dan vroeger.'

Steven Shapin was deze week in Nederland. Gisteren kreeg hij, samen met collega Simon Schaffer uit Cambridge, de Erasmusprijs voor hun historische onderzoek naar de wisselwerking tussen wetenschap en samenleving. Daarnaast verschenen twee boeken bij uitgeverij Balans. Wetenschap is cultuur is een bundel met artikelen van Schaffer en Shapin. De wetenschappelijke revolutie is de Nederlandse vertaling van Shapins internationaal succesvolle boek uit 1996.

De term 'wetenschappelijke revolutie' stamt uit de 20ste eeuw en beschrijft een periode van het einde van de 16de tot het begin van de 18de eeuw, waarin de moderne wetenschap zou zijn geboren. De geboorte van de moderne wetenschap luidde, volgens die visie, ook de geboorte van de moderne wereld in.

Dankzij wetenschap en technologie kreeg de mens een ongekende greep op de natuur. Bovendien werd de westerse samenleving relatief tolerant en pluralistisch, omdat de wetenschap het inzicht voedde dat kennis altijd voorlopig is en achterhaald kan worden door nieuwe ontdekkingen.

Deze visie op de wetenschappelijke revolutie heeft de charme van de helderheid: de westerse samenleving ontworstelt zich aan de achterlijkheid, in een rechte lijn van Copernicus tot ons, verlichte burgers.

Revisie

De beginzin van Shapins De wetenschappelijke revolutie is dan ook provocerend: 'Dit boek gaat over iets dat nooit heeft plaats gevonden - de wetenschappelijke revolutie'. Dat schept verwachtingen die volgens critici niet worden waargemaakt. Het boek is geen hemelbestormende revisie van een vaak vertelde geschiedenis. Ook Shapin laat zien hoe groten als Galilei, Boyle en Descartes de wereld veranderden met ideeën die tot op de dag van vandaag invloedrijk zijn.

Shapin: 'Het is ook een paradoxale zin. Hoe kun je een boek schrijven over iets dat niet bestaat? Ik heb vooral willen aangeven dat de geschiedenis ingewikkelder is dan zij vaak is voorgesteld.'

Shapin maakt, zoals het een modern historicus betaamt, de geschiedenis wat rommeliger. De 'wetenschappelijke revolutie' was geen duidelijke omwenteling, maar 'een scala aan uiteenlopende praktijken'. De vernieuwers ontmoetten veel tegenkrachten en waren het ook onderling lang niet altijd eens.

De opkomst van de moderne wetenschap wordt nogal eens vereenzelvigd met de teloorgang van de godsdienst, maar zo zagen vroegmoderne natuurfilosofen als Newton en Boyle het zelf allerminst. Integendeel, zij geloofden dat de experimentele wetenschap het christendom juist nieuwe kansen bood. Door een vinding als de microscoop nam het ontzag voor de Schepping alleen maar toe. Zelfs het onaanzienlijkste schepsel, de vlieg, bleek te beschikken over ogen die oneindig gecompliceerd van structuur waren. Daar moest wel een hogere macht achter zitten.

De traditionele natuurfilosofie ging ervan uit dat materie bezielde eigenschappen bezat. Als iemand aan een rietje zoog, 'wilde' het water omhoog vanwege de horror vacui, de vrees voor een vacuüm. Boyle bestreed de gedachte dat materie als water angstig zou kunnen zijn, of überhaupt iets zou 'willen'. Hij verklaarde het opzuigen van water door verschillen in luchtdruk.

Dat paste in een nieuw, mechanistisch wereldbeeld, waarin de natuur werd voorgesteld als een machine, voortgedreven door onpersoonlijke krachten, die vaak in wiskundige formules gevat konden worden. De natuur leek op een gigantisch uurwerk, waarvan de radertjes in elkaar grepen. Toch moest er altijd iemand zijn die het uurwerk maakte, en daarmee de levenloze materie bezielde en in gang zette. Dat moest God zijn.

Onzeker

Niettemin zou de wetenschap uiteindelijk de plaats van religie innemen, als de belangrijkste denkwijze die de werkelijkheid verklaart. Het probleem is echter dat wetenschappelijke kennis zo onzeker is. 'De wetenschap is als een leger dat oprukt', zegt Shapin. 'Achter de linies is het vreedzaam. Dat is de duidelijke wereld van de handboeken, waarin algemeen aanvaarde kennis vastgelegd is. Maar aan het front is het chaotisch. Voor leken is het niet of nauwelijks te beoordelen welke partij gaat winnen.'

Aan het einde van de 19de eeuw was er nog een kleine, maar cultureel belangrijke groep amateurs die aan wetenschap deed, of de wetenschap op de voet volgde. Maar in de 20ste eeuw werd de wetenschap zo gespecialiseerd dat zij slechts voor ingewijden daadwerkelijk te doorgronden is.

Shapin werkt nu zelf aan een boek over vetzucht. 'Ik mag zeggen dat ik behoor tot de één procent leken die het meest weet over onderzoek naar obesitas. Toch weet ik niet wie ik moet geloven. Volgens het hoofd van de Centers for Disease Control, een belangrijke Amerikaanse instantie de volksgezondheid bewaakt, is obesitas een top killer, die de rol van tabak gaat overnemen. Een jaar later schreef het hoofd statistiek van diezelfde instantie in hetzelfde tijdschrift een stuk waarin hij betoogde dat er helemaal geen bewijs is voor een epidemie aan vetzucht.'

Dan sluipt er wantrouwen in, ook bij een geroutineerde wetenschaps-watcher als Shapin. 'Er zijn natuurlijk belangen mee gemoeid. Farmaceutische bedrijven die pillen ontwikkelen om de eetlust af te remmen. Maar ook gezondheidsvoorlichters en andere obesitas-experts. Waar blijven zij als het best meevalt met de obesitas?'

Is er nog een uitweg uit het wantrouwen? 'Burgers moeten ook beseffen dat onzekerheid niet altijd slecht is. Een cultuur waarin kennis voorlopig is, zal relatief open en pluralistisch zijn. Maar wetenschappers moeten vooral tonen dat ze betrouwbaar en onafhankelijk zijn. Want anders is het beoordelen van wetenschappelijke kennis net zoiets als het kopen van een tweedehands auto waarbij je niet onder de motorkap mag kijken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden