ColumnIonica Smeets

Ik stond de afgelopen weken geregeld met 20 M&M’s en een spruitje tegenover een kind uit de zaal

null Beeld

Heel even voelde ik me een rockster toen ik aan een boekhandel vroeg of ze 20 M&M’s en een spruitje wilden klaarleggen (al stelde ik geen eisen aan de kleur van de M&M’s). De afgelopen weken tourde ik samen met Edward van de Vendel door het land voor het kinderboek Rekenen voor je leven dat we maakten met illustrator Floor de Goede.

In ons boek komt groep 7 van de Rover Hoepsika-school in opstand tegen hun saaie rekenboek. Ze sluiten een contract af met hun juf en meester: een jaar lang gaan ze de helft van hun rekenlessen vervangen door rekenvragen die de kinderen belangrijk vinden voor hun leven. Elk kind één vraag, elke week één vraag.

De eerste vraag komt van Mano die wil weten hoe hij alle spelletjes kan winnen. Meester Tuur speelt met Mano in de rekenles een variant van het wiskundige spelletje Nim. Daarbij leg je 21 voorwerpen neer en moeten twee spelers om de beurt één, twee of drie voorwerpen wegpakken. Degene die het laatste voorwerp pakt, heeft verloren. Het is een klassiek voorbeeld van een spel met een winnende strategie: als tweede speler win je altijd (mits je weet hoe het werkt). De truc is dat je steeds zorgt dat je per speelronde samen vier voorwerpen wegpakt. Neemt de ander er één, neem jij er drie. Neemt die er twee, doe jij er ook twee. Pakt de ander er drie, neem jij er één. Dan gaat het aantal voorwerpen dat er ligt onherroepelijk van 21 naar 17 naar 13 naar 9 naar 5 naar 1 en dan heeft de ander verloren.

Voor ons boek tekende Floor de Goede alle rekenlessen als strips en we zochten samen naar kleurrijke voorwerpen om dit spel te laten zien. We bedachten dat het leuk was als de meester en Mano met M&M’s speelden die ze moesten opeten als ze ze pakten. Maar dan wilden we als 21ste voorwerp iets dat heel vies was, zodat Mano goed zijn best zou doen om te winnen. Na lang overleg kozen we een spruitje, dat zag er grappig uit en je kunt het in theorie rauw eten. In het boek zie je hoe Mano het spel verliest en chagrijnig knarsend een spruitje wegwerkt. Daarna legt de meester uit hoe het spel werkt en hoe Mano voortaan kan winnen.

Toen we dit najaar op boekentour gingen, besloten we deze rekenles in het echt te doen. Dus stond ik de afgelopen weken geregeld met 20 M&M’s en een spruitje tegenover een kind uit de zaal. Ik begon het spel steeds en de kinderen zouden in principe van me kunnen winnen. Ik rekende er echter op dat de kans klein was dat ze ter plekke de juiste strategie bedachten en ik verwachtte dat zij uiteindelijk net als Mano tandenknarsend een spruitje zouden wegwerken.

De eerste 10-jarige tegen wie ik speelde, hapte het spruitje breed lachend weg. Ook andere kinderen vonden het een prima spel: ze hadden een heleboel chocolade gepakt, wat maakte hun dat ene spruitje uit? Maar het allergeweldigste was een meisje dat opgewekt in haar eerste beurt het spruitje alvast pakte – terwijl ze toch echt niet van spruitjes hield. Nu ben ik zo benieuwd wat zij later zal worden. Het zou me niets verbazen als zij een échte rockster wordt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden