INTERVIEW

'Ik gebruik geen eufemismen: je maakt iemand dood. Jij doet dat'

Als arts bij de Levenseindekliniek verrichtte Willeke Stadtman vijftien keer euthanasie. Vandaag verschijnt Slotakkoord, haar boek over de vijftien grootste misverstanden over euthanasie.

Willeke Stadtman: `Het is een flagrant onjuist beeld dat de Levenseindekliniek een lopende band is waar je maar op hoeft te stappen om naar de uitgang te worden geholpen.` Beeld Anouk van Kalmthout

Hoe ziet een euthanasiejurk eruit? 'Niet zwart', zegt Willeke Stadtman met een glimlach. 'Mijn bezoek is al zo beladen. Wanneer ik dan ook nog kom aanzetten in een begrafenistenue, begint de uitvaart direct. Het mag ook niet te fleurig zijn: ik ga niet naar een feestje. Daar sta je dan, voor je kledingkast. Als mens, niet als arts. Ik kies de laatste tijd voor een rode jurk met een donker patroon. Vrij onopvallend, veilig. Dat is blijkbaar mijn euthanasiejurk geworden.'

De dag vóór onze ontmoeting had ze nog 'een uitvoering', zoals ze het noemt. Het ging om een 77-jarige vrouw, ergens op de Veluwe.

'Eerst haal ik bij de apotheek de medicijnen. Beter gezegd: de euthanatica. In de auto denk ik altijd: dit is haar laatste uur, hoe beleeft ze dat? Gisteren was het een vrouw die al vijfentwintig jaar in een verpleeghuis woonde. Ze was amper dertig toen ze niet meer kon lopen. Diagnose onduidelijk. Heel lang was ze optimistisch, in haar scootmobiel ging ze graag naar een dorpskroegje. Totdat ze begin dit jaar rechtszijdig verlamd raakte door een ongeneeslijke tumor in haar wervelkolom. Ze kon niets meer, en wilde niet verder leven. De verpleeghuisarts verwees haar naar de Levenseindekliniek. Zo kwam ik in beeld.

'We bellen aan (we werken met een team, arts plus verpleegkundige) en maken kennis met de mensen die bij de euthanasie aanwezig zullen zijn, de aanstaande nabestaanden. In dit geval een zus, een dochter van haar zus, haar broer en schoonzus en twee vriendinnen. De sfeer is bedrukt en gespannen. Mevrouw zelf is heel blij dat ze kon gaan.

'Ik leg de procedure nog eens uit. Er zijn twee methoden: via een injectie, of via een drankje met barbituraten dat smaakt naar anijs. Je overlijdt binnen een kwartier tot een half uur. Deze mevrouw had al aangegeven het liefst een injectie te willen. Vóór ik het slaapmiddel inspuit, vraag ik expliciet: 'Wilt u dit echt?' Ze knikt. Ze valt snel in een diepe slaap. Dan volgt de dodelijke spuit met een spierverslappend middel. Ik gebruik geen eufemismen: je maakt iemand dood. Jij doet dat. Je ziet hoe de kleur wegtrekt uit haar gezicht. Ik heb het inmiddels vijftien keer gedaan, maar het blijft confronterend.'

We treffen Willeke Stadtman (65) kort nadat het kabinet heeft voorgesteld om ook gezonde mensen met een voltooid leven hulp bij zelfdoding te verlenen. 'Ik moest onmiddellijk terugdenken aan mijn broer Wilfred', zegt ze. 'Hij wilde al vanaf zijn 20ste dood. Hij zou het nog zestien jaar volhouden: zijn honden bonden hem aan het leven.'

Eerst spreken we over haar boek Slotakkoord, dat vandaag verschijnt: vijftien misverstanden over euthanasie en hulp bij zelfdoding. Volgens Stadtman is één van de grootste dwalingen dat euthanasie in Nederland bij vingerknip valt te regelen.

CV Willeke Stadtman

1950 geboren te Steenwijkerwold
1976 afgestudeerd als arts
1976-1989 werkzaam als arts (jeugdzorg, ouderenzorg)
1989-2011 bestuursfuncties in de zorg, vice-voorzitter brancheorganisatie Arcares (Actiz)
2014 start eind 2014 als arts bij de Levenseindekliniek publicatie Hopeloos maar niet ernstig (gebundelde columns)
2016 publicatie Op voet van oorlog, een familiegeschiedenis
2016 publicatie Slotakkoord. 15 misverstanden over euthanasie en hulp bij zelfdoding
Willeke Stadtman is getrouwd, heeft drie kinderen, vier kleinkinderen, een Roemeense kliko en een kater die poes heet

'Stel: een patiënt wenst euthanasie, maar zijn verzoek wordt niet gehonoreerd door de huisarts. Bijvoorbeeld om geloofsredenen. Dan kan de patiënt een andere huisarts kiezen of zich aanmelden bij de Levenseindekliniek. In eerste instantie bekijken wij of er überhaupt een kans is dat deze persoon voldoet aan de wettelijke criteria. Is hij wilsbekwaam? Is er sprake van ondraaglijk en uitzichtloos lijden? Als het gaat om iemand met een terminaal kankerproces is de casus simpel. Dat geldt niet voor een psychiatrische patiënt die 'alleen maar' chronisch depressief is, en bij wie behandelingen hebben gefaald.'

De Levenseindekliniek voert drie van de vier verzoeken die binnenkomen, niet door, onderstreept Stadtman. 'In 2015 werd in Nederland 5.516 maal euthanasie verricht, waarvan 365 keer door ons. Dat is 1 op 15. Als wij een euthanasievraag onderzoeken, volgen weken en soms maanden van gesprekken met de patiënt en de familie. Daarnaast is er intensief contact met de huisarts en andere behandelaars. Je bouwt een band op. Als aan alle wettelijke criteria is voldaan en wij groen licht geven, houdt een onafhankelijke SCEN-arts (Steun en Consultatie bij Euthanasie in Nederland) de zaak nog eens tegen het licht. Zo'n check beschermt de dokter die de euthanasie uitvoert.

'Laatst zei een patiënt: 'Ja zeg, als het zo lang moet duren... Ik loop wel onder de bus.' Dat hoor ik vaker. Mijn antwoord is dan: 'Dat is uw eigen keuze. Maar zoiets is heel vervelend voor de chauffeur, voor de omstanders én voor uw kinderen.' Ik ben dan vrij duidelijk. Ik laat me nooit onder druk zetten. Kortom, het is een flagrant onjuist beeld dat de Levenseindekliniek een lopende band is waar je maar op hoeft te stappen om naar de uitgang te worden geholpen.'

Beeld Anouk van Kalmthout

Dat beeld werd in de hand gewerkt door de begin dit jaar uitgezonden documentaire Levenseindekliniek. Hannie Goudriaan was dement en kreeg euthanasie. 'Huppakee weg', was zo ongeveer het enige dat zij nog kon uitbrengen. De kijker zag haar een dag vóór de dodelijke injectie nog autorijden en in het Thialf-stadion dansen bij een dweilorkest. De film veroorzaakte veel maatschappelijke beroering. 'Moord met anderhalf miljoen getuigen', twitterde Victor Lamme, hoogleraar cognitieve wetenschappen.

Willeke Stadtman zucht. 'Die tweet vond ik schandalig, laat ik dat voorop stellen. Maar de beroering begreep ik heus wel. Ik noem het de tol van het halve verhaal. De makers van de documentaire hebben het ondraaglijk lijden van mevrouw Goudriaan onvoldoende inzichtelijk en invoelbaar gemaakt. Waarom bestuurde zij die auto? Omdat haar man Gerrit geen rijbewijs had. Ze reed op de automatische piloot. Ze kende nog twee routes, waarvan eentje naar haar huisarts leidde, die ze elke dag bezocht om haar doodswens kenbaar te maken. In 2010 bleek dat zij een vorm van dementie had die al vroeg het taalcentrum aantast. Ze was de woorden kwijt. Als ex-verpleegkundige wist zij wat haar wachtte. De behandeling van haar euthanasieverzoek is uiterst zorgvuldig gegaan, maar dat zie je niet terug in de beelden. Het onbegrip was logisch.'

De directie van de Levenseindekliniek had besloten de makers van de documentaire geheel de vrije hand te geven. Prijzenswaardig, meent Stadtman, maar ook een tikje naïef.

'Na de voorvertoning heb ik tegen mijn collega's gezegd: 'Deze film is een grabbelton, voor- en tegenstanders kunnen er naar hartelust in graaien.' Maar dat er zo'n commotie zou ontstaan, zag ik niet aankomen. Noem het beroepsdeformatie. Kijk, ik wéét hoe zorgvuldig de procedures zijn, terwijl de argeloze kijker afgaat op de scène waarin een vrouw een dansje maakt tijdens een schaatswedstrijd. Ik denk dat ook het management van de Levenseindekliniek de impact heeft onderschat.'

'Zelfeuthanasie' Van der Heijden

De suïcide van oud-CDA-Tweede Kamerlid Frans van der Heijden en zijn echtgenote, maandagavond bekend geworden, wordt door Willeke Stadtman geïnterpreteerd als zelfeuthanasie. 'Het is onduidelijk of zij een verzoek hebben gedaan bij de huisarts. Ze hebben zich in elk geval niet gemeld bij de Levenseindekliniek. Ik kan wel zeggen dat zij binnen de huidige euthanasiewet mogelijk geholpen hadden kunnen worden, omdat beiden ongeneeslijk ziek waren. Mensen kunnen ook samen afscheid nemen, duo-euthanasie is mogelijk. Ik vraag mij af: waar ligt hun frustratie? Zijn ze boos op de 'aangetaste' zorg, zoals in de rouwadvertentie staat? Boos op christelijke partijen die de autonomie van mensen inperken? Welk statement wilden ze postuum maken?'

Dementie is de een van de ingewikkeldste categorieën bij euthanasie. In Slotakkoord gaat Stadtman uitvoerig in op de aanname dat alzheimerpatiënten per definitie wilsonbekwaam zijn, en dus niet in aanmerking zouden komen voor een vervroegd levenseinde.

'Dat is waarschijnlijk het allergrootste misverstand. Mijn ervaring is dat zelfs patiënten die al flink dementeren nog helder kunnen zijn over hun doodswens. Terwijl ze soms niet eens meer weten hoe hun echtgenoot heet. Ze houden het besef dat ze weliswaar nog bestaan, maar eigenlijk niet meer zouden wíllen bestaan. Laatst stelde ik bij een mevrouw met vergevorderde alzheimer enkele controlevragen.

'Wat is dat dan, euthanasie?', vroeg ik.

'Dan krijg je een spuitje.'

'En wat gebeurt er dan?'

'Dan ga je dood.'

'Wat betekent dood?'

'Dan ben je er niet meer.'

Stadtman wijst erop dat voor euthanasie volgens de wet niet per se een schriftelijke wilsverklaring noodzakelijk is.

'Zo lang je tenminste wilsbekwaam bent', zegt ze. 'Bij dementie helpt zo'n verklaring natuurlijk wél. Dat je bijvoorbeeld laat weten niet verder te willen leven als je je kinderen niet meer herkent. Ik maak één belangrijke kanttekening: wacht niet te lang. Dan loop je het gevaar dat je niet meer wilsbekwaam bent in woord of gebaar. Denk aan een diep dement persoon met een lege blik, die niks meer weet en niks meer lijkt te voelen. Hij is niet meer 'in de tijd', de geest is vervluchtigd. Als arts kan ik die persoon niet meer helpen, zelfs niet wanneer er een getekende wilsverklaring ligt. Wil je euthanasie? Stap er tijdig uit. Desnoods om 10 voor 12, 'te vroeg', zoals schrijver Hugo Claus heeft gedaan. Hij besloot tot euthanasie toen hij geen taal meer had. Nog één keer een feest met vrienden, en dan: weg. Maar ja, wat is het beste moment? Ik vind: een huisarts moet zijn patiënt daarin stap voor stap begeleiden en tijdig waarschuwen.'

Vraagt ze niet te veel? Euthanasie voor een zwaar demente patiënt die op een haar na nog wilsbekwaam is - voor veel huisartsen gaat het begrijpelijkerwijs over een grens.

Ze knikt. 'Zij zien dit als een hachelijk terrein. Dat kan ik me ook heel goed voorstellen. Gemiddeld genomen krijgt een huisarts één keer in de zes jaar te maken met een complex euthanasieverzoek. Velen van hen zijn op dit punt onzeker. Soms heb ik dat ook. In zo'n geval vragen we een onafhankelijk oordeel van een geriater of een psychiater. Je kunt niet zorgvuldig genoeg zijn.'

Ook in psychiatrische gevallen is het honoreren van een euthanasieverzoek verre van eenvoudig, schrijft ze in Slotakkoord.

'De Levenseindekliniek ziet zo'n verzoek in eerste instantie als een levenshulpvraag. Uiteindelijk leidt dan ook hooguit 10 procent van deze aanmeldingen bij ons tot euthanasie. Het probleem is: je kunt niet op voorhand zeggen dat een psychiatrische aandoening ongeneeslijk is, dat er nooit een oplossing zal komen. Misschien vinden ze volgend jaar wel een medicament, een nieuwe behandeling, of kan deep brain stimulation het lijden opheffen. Dat weet je nooit.'

Dan vertelt Stadtman over een casus die een onverwachte wending kreeg.

'Een vrouw had een langdurige depressie en een chronisch pijnsyndroom. Haar psychiater gaf aan dat er geen oplossingen meer waren. Zij wilde per se dood. Ze bleek in aanmerking te komen voor euthanasie, dat werd onderschreven door een tweede, onafhankelijke psychiater. We waren al ver in het traject, toen haar familie, vooral haar moeder, enorme druk begon uit te oefenen: nu geen euthanasie, eerst nog een nieuw antidepressivum proberen. De vrouw raakte compleet in de war. Het probleem was: ze moest dan van haar reguliere pijnmedicatie af, want de twee medicijnen verdroegen elkaar niet. Uiteindelijk besloot ze het nieuwe middel te proberen.'

En?

'Zij leeft nog. Laatst kreeg ik een telefoontje van haar: 'Het gaat een stuk beter, u kunt het dossier sluiten.''

Zonder pressie van familiezijde zou deze vrouw dood zijn geweest. Is dat geen pijnlijk besef?

'Ja. Ik vind het ook best een lullig voorbeeld dat ik nu geef. Ik wil eerlijk zijn: sommige mensen keren op hun schreden terug. Maar juist door alle checks and balances heeft deze vrouw uiteindelijk gekozen voor het leven. Het is niet zo dat toestemming van familieleden nodig is voor euthanasie. De patiënt beslist, maar wij hechten groot belang aan de mening van ouders, kinderen, broers en zussen, partners. Een patiënt kan op elk gewenst moment het euthanasieverzoek intrekken.'

Dan zijn er nog mensen die der dagen zat zijn, die het gevoel hebben dat hun leven voltooid is. Behoort euthanasie ook in zo'n situatie tot de mogelijkheden?

'Alleen wanneer er ook sprake is van een stapeling van ouderdomsklachten. Dat mensen bijvoorbeeld slechtziend of hardhorend zijn, en niet langer kunnen lezen of tv kijken. Of dat ze versleten gewrichten hebben. Zonder medische grondslag is euthanasie wettelijk onmogelijk. In mijn boek beschrijf ik een vrouw van 93 die zegt: 'Elke dag hoop ik dood wakker te worden.' Ze wil werkelijk niet meer. Sociale eenzaamheid valt niet door een bingo-avond op te lossen. Het is existentieel. In leven zijn zonder nog een leven te hebben.'

Om deze laatste groep is dit jaar veel te doen geweest. Een commissie onder leiding van voormalig SCP-voorzitter Paul Schnabel oordeelde dat alles bij het oude kon blijven: de huidige euthanasiewet biedt voldoende mogelijkheden om zulke mensen tegemoet te komen, omdat het in veel gevallen draait om een stapeling van ouderdomsklachten. Toch liet het kabinet bij monde van VVD-ministers Schippers en Van der Steur weten dat er een wet moet komen met ruimere mogelijkheden voor hulp bij zelfdoding voor relatief gezonde ouderen die klaar zijn met leven.

'Voor hen is elke dag een gruwel', zegt Stadtman. Maar verrassend genoeg blijkt ze tegen deze nieuwe 'parallelwet'. 'Er zitten te veel haken en ogen aan. Wie zijn nu precies de 'stervenshulpverleners met een medische opleiding' die in de kabinetsbrief beschreven staan? Zijn zij voldoende toegerust om complexe situaties goed te kunnen beoordelen? En: zo dreigt de situatie dat een patiënt de makkelijke route kiest. Dat hij denkt: ik zeg gewoon dat ik een voltooid leven heb en eruit wil, dan hoef ik niet te voldoen aan regels over ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Op die manier ondergraaf je de Euthanasiewet.

'Vergeet dit kabinetsvoorstel. Laten we met de toetsingscommissie overleggen om voor deze speciale groep een soort proeftuin van twee jaar te starten. Hopelijk kunnen we deze mensen helpen door de huidige wet iets op te rekken.'

Beeld Anouk van Kalmthout

Er is nog een derde weg. Niet hulp bij zelfdoding, niet voor de trein springen, maar 'zelfeuthanasie'. In het boek Uitweg van psychiater Boudewijn Chabot staat beschreven hoe je jezelf kunt doden door te stoppen met eten en drinken, door dodelijke middelen te kopen via internet, of door de 'heliummethode' met een plastic zak over je hoofd.

'Goed dat deze informatie wordt aangereikt, om te voorkomen dat mensen kiezen voor een gruwelijke manier van zelfdoding. Ongeveer de helft van de mensen die voor een eigen uitweg gaan, heeft nooit een euthanasieverzoek gedaan. Zij prefereren echt de autonome route, zonder een beroep op anderen te doen. Dat respecteer ik. Maar ik heb bezwaar tegen de roep om ultieme autonomie waarbij tegelijkertijd een beroep wordt gedaan op anderen. Dat is uitbestede autonomie.

'Ik schaam me een beetje voor mijn conservatieve standpunt, maar ik vind dat het begrip autonomie in Nederland moreel-ethisch onvoldoende is bediscussieerd. Het gaat niet puur over het recht zelf te beslissen of je wilt sterven. Want hoe zit het met mensen die lijden aan een ernstige psychiatrische stoornis en hulp weigeren omdat hulp weigeren onderdeel is geworden van hun ziektebeeld? En die verward door straten lopen en uiteindelijk wanhopig in de gracht springen? Hoeven zij dan niet verplicht te worden opgenomen - omdat zij autonoom mogen zijn?'

'Zorgwekkende zorgvermijder'

Stadtman heeft een persoonlijke ervaring opgedaan die bepalend is geweest voor haar denken over euthanasie en een zelfgekozen levenseinde. In 2000 beroofde haar jongste broer zich van het leven. Hij was 36.

'Wilfred weigerde elke vorm van behandeling. Dat kan dus, in Nederland. Een 'zorgwekkende zorgvermijder' werd hij genoemd. Een paar maanden vóór zijn dood stond ik voor zijn dichtgetimmerde huis. Ik zag een magere hand die het gordijn opzij schoof. Hij liet ons niet binnen. Ik schakelde de psychiatrie in: hij moest opgenomen worden. Ze vonden het niet urgent, Wilfred wees immers alle hulp af. Er kwam een sociaal-psychiatrisch verpleegkundige langs, maar die werd het bos in gestuurd. Niks aan de hand, zei mijn broer, met mij gaat het prima. In zijn dagboek schreef hij triomfantelijk dat hij in de berging al een tempel des doods had ingericht, 'en die lul had hoegenaamd niets in de gaten'.

'Wilfred had een luchtdichte tent van plastic gebouwd, waar hij een matras in had gelegd. Zijn hond lag dood naast hem. Hij had berekend dat de zuurstof na 29 uur op zou zijn. Om te voorkomen dat hij door benauwdheid het plastic zou openscheuren, had hij zich verdoofd met drugs. Na 26 dagen is hij gevonden. Ik zeg: mijn broer had opgenomen moeten worden. Zijn depressie was behandelbaar. In mijn optiek is Wilfred het slachtoffer van onze doorgeschoten opvatting van autonomie - die wij in Nederland zo hoog in het vaandel hebben.'

Eerder dit jaar verscheen Op voet van oorlog, waarin Stadtman haar familiegeschiedenis beschrijft. Haar vader beleefde een jeugd die werd gekenmerkt door verstoting en pleeggezinnen. In de Tweede Wereldoorlog sloot hij zich als 18-jarige aan bij de Grüne Polizei. Na de oorlog verbleef hij vier jaar in een strafkamp.

'Mijn vader had het label 'fout'. Daar kon hij niet mee omgaan. Hij kreeg een nihilistische levenshouding die hij met verbaal en fysiek geweld botvierde op zijn gezin. Ik was de oudste, en moest altijd bemiddelen tussen mijn vader en moeder. Of ik moest een doodsbang zusje of broertje tot bedaren brengen. We zijn alle vier opgegroeid met het idee: alles is hopeloos, er valt niets te genieten, de mens is een mislukte diersoort. Toen mijn vader overleed, stond Wilfred bij de kist en zei: 'Je hebt mijn jeugd vergiftigd en mijn zin om te leven vernietigd.''

Heeft Stadtman, de oudste dochter, op enig moment zelfdoding overwogen?

'Nee. Mijn vader was trots op me. Ik had een goed verstand. Via mij ging een droom van hem in vervulling: een gerespecteerd lid van de samenleving zijn. Vervolgens heb ik een draai aan mijn verleden kunnen geven door dokter te worden, door iets goeds voor anderen te doen. Als jong meisje had ik al een katoenen luier met een rood kruisje op mijn hoofd. Ik plakte pleisters op mijn poppen. Ik zag mezelf als de nieuwe Albert Schweitzer: iemand die de wereld zou uitleggen hoe wij de mensheid konden redden.

'Het is ironisch dat ik niet langer mensen genees maar dood. Maar ik help mensen als niets anders meer helpt. Dat vind ik een nobele opdracht voor artsen. Mensen zijn zo kwetsbaar in hun laatste uur. Je voelt de strijd tussen overlevingsdrift en doodsverlangen. Als mensen er dan toch uitstappen... dat is moedig. Aan hen heb ik Slotakkoord opgedragen. Hier ligt een link met Wilfred: hij koos voor een oplossing die ook voor hemzelf heel belastend moet zijn geweest. Ik hoop dat voor anderen te voorkomen.'

Ze aarzelt. 'Ik heb zelf ook moeilijke momenten gehad. In 1969 ging ik studeren in Leiden. Het was de tijd van hippies en flowerpower, ik zat tussen leeftijdsgenoten die allemaal blij zaten te wezen, maar ik vond eigenlijk niks leuk. Ik kon ook niet huilen. Ik was volkomen losgekoppeld van mijn gevoel. Langzamerhand vond ik daar een betere balans in. Niettemin: na de dood van Wilfred ben ik ernstig depressief geworden. Niet suïcidaal, maar die gedachte welde op. Ik ken het lijden. Ik kan me verplaatsen in mensen die ontredderd zeggen: doe mij maar weg. In die tijd trok ik me terug in een klooster. Ik fietste helemaal alleen door een bos en dacht: waarom houdt niemand mij vast, waarom houdt niemand míj een keer vast?'

Slotakkoord. 15 misverstanden over euthanasie en hulp bij zelfdoding. Just Publishers, 256 pagina's, 18,95 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden