Ieder kiest nu zijn eigen gevoel

Met de iPod schept de gebruiker zijn persoonlijke omgeving. Doorgeslagen individualisme of anti-establishment?Door Peter Giesen..

Wie een iPod heeft gekocht, luistert twee keer zo veel naar muziek als voorheen, zegt de Britse socioloog Michael Bull. Mensen luisteren in de auto, op de fiets, in de trein, in de sportschool en zelfs op het werk. ‘Ik hoorde van een kantoor met zes werkplekken, waar vijf mensen de hele dag met een iPod opzaten. Wat de zesde deed, interesseerde ze niet. Ze hoorden er toch niets van.’

Bull, docent film- en mediastudies aan de universiteit van Sussex, wordt ook wel ‘professor iPod’ genoemd. In 2000 schreef hij een standaardwerk over de walkman, Sounding Out The City. De iPod was een logisch onderwerp voor vervolgonderzoek.

Bull hield een wereldwijde enquête onder duizenden iPod-bezitters. De bevindingen daarvan worden verwerkt in het boek Sound Moves: iPod Culture and Urban Experience, dat volgend jaar verschijnt. Vorige week was hij in Maastricht voor een congres over herinnering en geluid (zie www.soundsouvenirs.org).

Bull is allerminst een technologiefreak. Hij krijgt de nieuwste iPods gratis toegestuurd, maar gebruikt ze zelden. ‘Ik houd niet van oortjes en ik vind het onprettig om op straat naar muziek te luisteren’, zegt hij. ‘Maar het is ook een methodologisch voordeel. De meeste mensen die over de iPod schrijven, zijn fans. Ik vind het goed om wat meer afstand te nemen. Ooit deed ik onderzoek naar autorijden, terwijl ik geen rijbewijs heb. Dat werkte ook goed. Als je zelf rijdt, vind je allerlei vormen van verkeersgedrag vanzelfsprekend.’

Bull is bovenal een stadssocioloog, die de gevolgen van mobiele technologie voor het stadsleven onderzoekt. De iPod, waarvan erinmiddels wereldwijd zeventig miljoen zijn verkocht, is niet meer uit het stadsbeeld weg te denken. Overal zie je de witte oortjes van wat Bull het eerste design-icoon van de 21ste eeuw noemt. Hij vergelijkt de iPod met de Citroën DS uit de jaren vijftig, een machine die de utopische dromen van de consument realiseert.

Sony’s walkman was ook een instant-succes, maar het genot ervan werd ernstig beperkt doordat de gebruiker slechts een handjevol cassettes of cd’s kon meenemen. De iPod-bezitter echter, heeft zijn hele muziekcollectie altijd bij de hand. Op elk moment kan hij elk willekeurig nummer afspelen. Zo wordt de iPod een machine waarmee gebruikers hun stemming kunnen reguleren. Ze hebben afspeellijsten voor elke activiteit, van fitness tot contemplatie.

Radioprogramma’s

Sommige mensen is geen moeite te veel om voor elk moment een passend geluidslandschap te creëren. ‘Een van mijn respondenten reed in een klassieke auto. Hij downloadde oude radioprogramma’s uit de tijd waarin de auto gemaakt was. Een ander wandelde door Yorkshire met het audioboek van Wuthering Heights op zijn iPod’, vertelt Bull.

Circa de helft van de tijd staat het apparaat op ‘shuffle’, blijkt uit Bulls enquête. Ook dat geeft de machine een eigen charme. Omdat muziek bij de meeste mensen sterke herinneringen oproept, trekt de muziek voorbij als een audiodagboek van het eigen leven.

‘Ik had contact met een Zwitser die in de Verenigde Staten woonde. Bij Smokie en Status Quo zat hij weer op zijn tienerkamer in Zürich, Abba herinnerde hem aan zijn moeder, de Ramones aan zijn eerste auto, de Jesus and Mary Chain aan zijn eerste liefde, REO Speedwagon aan het moment dat hij in Indianapolis arriveerde’, zegt Bull.

De iPod geeft een gevoel van controle, blijkt uit zijn onderzoek. De gebruiker creëert zijn eigen omgeving, overal en op elk moment. Daardoor is hij niet meer overgeleverd aan het toeval of - nog erger – andermans smaak.

‘Vroeger werd in de sportschool muziek gedraaid waar je maar naar moest luisteren. Tegenwoordig kiest iedereen zijn eigen muziek op zijn eigen iPod. En je vindt het niet meer acceptabel om te luisteren naar muziek die door iemand anders is uitgekozen’, zegt Bull.

Of, zoals een van zijn respondenten het uitdrukt: ‘Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik al met al weinig controle over mijn leven heb. Winkels draaien muziek waardoor ik meer moet kopen. Het werk vertelt me wat te doen en wanneer ik het moet doen. Het verkeer beslist hoe snel ik van A naar B kom. In de publieke ruimte word ik gedwongen om andere mensen en hun gewoonten te verdragen (die vent die zijn soep slurpt, dat jochie dat om snoep schreeuwt). Ik realiseerde me niet hoezeer ik verlangde naar controle en rust. De iPod heeft me weer iets van controle terug gegeven.’

Dankzij de iPod begeven mensen zich in hun eigen cocon door de publieke ruimte, schijnbaar onaantastbaar voor buitenstaanders. In een drukke, dichtbevolkte wereld, waarin mensen steeds meer onderweg zijn, bestaat een enorme behoefte aan zo’n eigen virtuele ruimte. De iPod creëert zo’n ruimte, niet alleen omdat de gebruiker zich afsluit voor de buitenwereld, maar ook omdat de iPod als een zeer persoonlijk apparaat wordt opgevat. De draagbare muziekcollectie weerspiegelt de identiteit van de gebruiker.

De iPod-gebruiker probeert te ontsnappen aan de druk van de consumptiemaatschappij, die hem vanaf elke straathoek haar ongevraagde boodschappen toeschreeuwt, aldus Bull. Paradoxaal genoeg schaft hij daartoe een superieur consumptiegoed aan.

Anti-establishment

‘Volgens de kritische theorie van Adorno is hij daarmee toch weer in de val gelopen’, zegt Bull. ‘Ik zie dat anders. Er zit een sterk anti-establishment-aspect aan de iPod. De gebruikers willen zich niet meer de wet laten voorschrijven door de entertainment-industrie.’

Uiteraard berust het gevoel van controle en veiligheid deels op een illusie. ‘Ik sprak mensen die met hun iPod door Londen fietsten. Dat leek mij erg gevaarlijk. Maar zij voelden zich juist veiliger, omdat zij in een eigen cocon zaten’, zegt Bull.

Maar wordt de stad er gezelliger op, als iedereen zich terugtrekt in zijn eigen virtuele ruimte? Sinds de Amerikaanse Duke University haar studenten een iPod cadeau deed, zijn de publieke ruimten op de campus privéruimten geworden, waar mensen bij elkaar komen om ieder naar hun eigen muziek te luisteren. Is de iPod geen egomachine, die een excessief individualisme stimuleert, waarin alleen al de aanwezigheid van anderen als een storende factor wordt gezien?

‘Aan het begin van de 20ste eeuw schreef de Duitse socioloog Simmel al over stadsbewoners die zich mentaal terugtrokken omdat de stad een overmaat aan prikkels op hen afvuurde. In die tijd hadden stadsbewoners nog niet zo veel technologische middelen om zich af te sluiten. Hoewel er in het openbaar vervoer veel werd gelezen, als signaal dat men niet open stond voor een praatje’, zegt Bull.

‘In de jaren zestig ontstond een tegenbeweging, de “situationisten”, die de stad zagen als een speeltuin vol spannende en onverwachte ontmoetingen met vreemdelingen. Maar het idee van een stad waar mensen voortdurend met elkaar aan de praat raken, lijkt me erg romantisch. Ik geloof niet dat mensen zich afsluiten als gevolg van de iPod. Volgens mij is het eerder omgekeerd: de iPod voorziet in een behoefte die reeds aanwezig was.’

Dankzij mobiele technologie kunnen stadsbewoners steeds meer hun eigen leven leiden. ‘Vooral door de mobiele telefoon zijn we meer gericht op de “afwezige anderen” dan op de mensen die op dat moment toevallig in onze omgeving verkeren. Als ik in de metro met een dierbare telefoneer, warmt mijn persoonlijke ruimte op.

‘Maar de ruimte om me heen wordt kouder. Zo creëren we eilandjes van warmte in een oceaan van kilheid’, zegt Bull. De opmars van de mobiele telefoon is overigens ook een stimulans voor het iPod gebruik. Niets is zo irritant als het gewauwel over de gsm – behalve natuurlijk als we zelf bellen.

Oordeel

Bull wil er geen moreel oordeel over uitspreken. De stadsbewoners creëert zijn eigen ruimte, waardoor de publieke ruimte nog anoniemer wordt. Maar de mensen willen het kennelijk zo. Anders zouden ze hun iPod wel uitzetten om een praatje met een medepassagier aan te knopen.

Volgens de Amerikaanse socioloog Richard Sennett fungeerde de kerk vroeger als ‘zone van immuniteit’, een rustige plek waar de burger zich kon terugtrekken uit het werelds gewoel.

Tegenwoordig is deze ‘zone van immuniteit’ mobiel geworden, stelt Bull. Zij bestaat slechts tussen de oren van de iPod-gebruiker, wiens witte oortjes een niet mis te verstaan signaal aangeven: stoor mij niet, ik ben bezet!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden