Huh?!-blogVR-techniek

Huh?! - Misschien toch geen fosfine – en dus geen leven – op planeet Venus?

Opmerkelijke inzichten uit de wetenschap, voor u bij elkaar geblogd door onze wetenschapsredacteuren.

Beeld Eva Faché

Misschien toch geen fosfine – en dus geen leven – op planeet Venus? (22 oktober)

Onder wetenschappers en wetenschapsvolgers sloeg het gisteren in als een bom, de voorpublicatie door de Leidse astronoom Ignas Snellen en collega’s. De reden? In het artikel stellen zij dat een eerder gepubliceerd – en breed in de pers opgepikt – onderzoek géén statistisch bewijs levert voor de aanwezigheid van fosfine in de atmosfeer van Venus.

Zit er nu wel of geen fosfine in de atmosfeer van Venus? Beeld ISAS/JAXA

Wacht even: fosfine, Venus, hoe zat dat ook alweer? Vorige maand publiceerde een internationaal team onderzoekers een artikel in het vakblad Nature Astronomy waarin ze beschreven dat ze bewijs hadden ontdekt voor de aanwezigheid van de chemische stof fosfine in de atmosfeer van Venus. Dat is bijzonder omdat fosfine op aarde alleen wordt geproduceerd door sommige bacteriën en in de chemische industrie.

Als er inderdaad fosfine in de atmosfeer van Venus zit, is dat dus mogelijk een teken van leven. Het gevolg: veel aandacht in de media. Daarbij werd wel continu een duidelijk voorbehoud gemaakt, namelijk dat fosfine op aarde op leven duidt, wil niet zeggen dat dat ook op Venus het geval is. Of, zoals astronoom Yamila Miguel van de Universiteit Leiden het stelde in ons nieuwsbericht: ‘Zonder meer te weten over het binnenste en de geologie van Venus, kun je nooit helemaal zeker weten of de bron biologisch is.’

En dan is er nu dus dat nieuwe artikel van Snellen. Voor de duidelijkheid: dat gaat over een denkstap éérder. Namelijk niet over de vraag of fosfine wel of geen teken van leven is, maar over of er überhaupt wel fosfine is gevonden door de onderzoekers. 

De manier waarop de onderzoekers de meetgegevens in hun vakartikel boetseerden tot de eindconclusie ‘fosfine ontdekt’ is namelijk notoir ingewikkeld. Dat merkten astronomen bij verschijning van het oorspronkelijke vakartikel ook al op. ‘Ik blijf sceptisch dat je dit relatief zwakke signaal überhaupt kunt meten’, zei astronoom Emmanuel Lellouch van de Observatoire de Paris bijvoorbeeld. ‘De data-analyse is zo ingewikkeld dat je er volgens mij zo’n beetje elk gewenst resultaat uit kunt krijgen door een beetje aan de knoppen te draaien.’

Opmerkelijk genoeg was één van de co-auteurs van het nieuwe artikel, astronoom Floris van der Tak, verbonden aan het Nederlandse ruimteonderzoeksinstituut SRON, in eerste instantie juist nog voorzichtig enthousiast. ‘Dit zijn moeilijke metingen, maar de detectie van fosfine lijkt me redelijk solide’, liet hij de Volkskrant destijds weten.

Desondanks besloot hij met collega’s tot een uitvoerige heranalyse van de oorspronkelijke gegevens en komt nu dus tot een andere, voorlopige, conclusie: het signaal dat men oorspronkelijk aanzag voor fosfine is bij nader inzien niets meer dan een statistische luchtspiegeling. Dat leidt onder wetenschappers tot opwinding, maar bij de buitenwacht vooralsnog tot onbegrip of soms zelfs woede. Best begrijpelijk: hier wordt immers een groots aangekondigd resultaat een maand later alweer onderuit gehaald, zo lijkt het.

Toch is dit juist hoe wetenschap hoort te werken. ‘De wetenschap’ die feiten poneert in onaantastbare vakpublicaties bestaat niet. Wetenschap zit vol individuen die zich, zo goed en zo kwaad als dat gaat, proberen te laten leiden door verifieerbare feiten. Elke conclusie, hoe mooi of welkom de resultaten ook zijn, hoort daarom altijd bloot te staan aan de kritische analyse van vakgenoten. Dat is wat hier gebeurt: een keurige heranalyse die tot andere conclusies leidt.

De verwarring over wat dit nu betekent, wordt verder aangezwengeld door een tweede manier waarop de wetenschappelijke wereld van de normale verschilt. Het nieuwe artikel is namelijk een zogeheten voorpublicatie. ArXiv, de website waarop het bericht verscheen, is een plek waar iedere wetenschapper artikelen kan plaatsen zonder dat die eerst door andere vakgenoten zijn gelezen. Dat verschilt van de praktijk bij traditionele vakbladen, waar elk artikel eerst gelezen wordt door anonieme vakgenoten die de werkwijze en conclusies nog eens tegen het licht houden. Pas als een artikel die zogeheten peer review overleeft, wordt het gepubliceerd. Dat is meestal ook pas het punt waarop kranten erover beginnen te schrijven.

Bij een voorpublicatie is dat nog niet gebeurd, al verschijnen veel artikelen op ArXiv later alsnog in traditionele vakbladen. Wetenschappers zullen zo’n publicatie daarom extra sceptisch benaderen. Of, zoals astronoom Heino Falcke (Radboud Universiteit) op Twitter schreef: ‘Dit is een lastige berekening. Dit artikel moet nog door de peer review. So don’t hold your breath.’ Precies om diezelfde reden staan Snellen, Van der Tak en collega’s de pers nog niet te woord. Eerst moeten hun vakgenoten maar eens naar hun artikel kijken en de boel kritisch nalopen. Pas na publicatie in een vakblad willen ze vragen van buitenaf beantwoorden.

Een keurig wetenschappelijke opstelling, maar in deze tijd waarin alles direct op sociale media terechtkomt en kranten en websites al berichten gaan schrijven over een onderzoek dat in zekere zin nog niet ‘af’ is, ook moeilijk te begrijpen. Juist extra commentaar van de onderzoekers had al te overhypte conclusies hier wellicht wat kunnen temperen. 

Hoe dan ook: als al het wetenschappelijke stof straks is neergedaald weten we hopelijk beter of er nu wél of géén fosfine (en dus mogelijk, misschien, wellicht leven) is gevonden op Venus. (GvH)

Wetenschapper loopt rond in eigen immuuncel (13 oktober)

Sla een willekeurig biologieboek voor de middelbare school open en je komt geheid plaatjes tegen van het binnenste van een cel. In het midden een celkern met daarin opgerold het dna, de drager van al onze genetische informatie. Ergens in het (meestal) azuurblauwe cytoplasma zweeft een ovaal mitochondrion, één van de energiecentrales die de cel draaiend houdt. En even verderop, tegen de celkern aangeschurkt, het ruwe endoplasmatisch reticulum. Befaamd vanwege z’n bizar klinkende naam en belangrijk voor de eiwitvorming in de cel.

Bekend werk voor de meeste scholieren, maar voor wetenschappers toch iets te simpel, zo vonden onderzoekers verbonden aan de University of Cambridge. Vandaar dat ze samen met een softwarebedrijf besloten de boel eens over een totaal andere boeg te gooien. Het resultaat beschrijven ze in het huidige nummer van het vakblad Nature Methods: een manier waarop wetenschappers voor het eerst kunnen rondlopen in het binnenste van een cel. Of nou ja… in Virtual Reality, dan toch.

Als basis gebruiken ze een microscooptechniek die foto’s kan maken op de nanoschaal, een techniek die in 2014 nog de Nobelprijs voor de scheikunde won. De nieuwe software maakt van de door de microscoop verzamelde gegevens niet de vertrouwde platte plaatjes, maar driedimensionale afbeeldingen geschikt voor VR. 

Dat moet wetenschappers een intuïtiever gevoel geven voor de verhoudingen op de kleinste schalen binnen ons lichaam. Promovendus Anoushka Handa maakt deel uit van de onderzoeksgroep en gebruikte de software direct om een immuuncel uit haar eigen bloed te simuleren, waar ze vervolgens met een VR-bril op in kon rondlopen, zo beschrijft ze in een persbericht van de universiteit. ‘Dat was waanzinnig, het gaf me een totaal ander perspectief op het onderzoek dat we doen.’

Close-up van neuronen, op basis van echte microscoopfoto's en geschikt gemaakt voor VR door de nieuwe software.Beeld Alexandre Kitching

Wat de software nu levert is echter nog geen bewegende simulatie van het binnenste van een cel. Het simuleert de aanwezige moleculen en structuren, maar geeft geen beeld van de pulserende chaos in het binnenste van onze cellen. Dat is jammer, want de vervreemdende stortvloed aan trillende, in elkaar grijpende moleculen en overlappende, bizarre structuren die onze lichamen op de kleinste schaal beheersen, zou een reisje opleveren dat nóg buitenaardser aandoet dan een tocht door de ijle pracht van de kosmos. 

Wie niet kan wachten, moet het voorlopig nog even doen met filmpjes, overigens gemaakt met behulp van dezelfde revolutionaire microscooptechniek. Zoals hieronder, een bijzondere blik op de bewegende cellen diep in het oor van een zebravis: 

(GvH)

Meer leuk wetenschapsnieuws lezen, over alles van planeten zo heet dat ijzer er kookt, tot doorreisbare wormgaten? Het vorige Huh?!-blog vindt u hier.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden