'Hollandse horden' verspreidden massaal hun dna onder Stonehenge-bouwers

In Groot-Brittannië zien ze het al helemaal voor zich. 'Hebben Hollandse horden de vroege Britten afgemaakt die Stonehenge oprichtten?', kopte dagblad The Guardian. Want inderdaad: Stonehenge was rond de 2500 voor Christus net in grote lijnen af, toen de bevolking opeens een bizarre omslag maakte naar meer Nederlands dna. Alsof de oorspronkelijke bewoners werden verjaagd. Al zeggen experts dat met armslagen, want van sporen van oorlog is geen sprake, en bij de vondst hoort een bijsluiter aan mitsen en maren.

Beeld afp

'We zien een opvallende genetische discontinuïteit. En de invloed van een populatie uit het huidige Nederland is, bij wat we nu weten, het meest waarschijnlijk', zegt archeologisch dna-specialist Eveline Altena (LUMC). 'Het is evident dat er rond deze tijd heel veel mensen de plas zijn overgestoken', zegt hoogleraar Europese prehistorie Harry Fokkens (Universiteit Leiden). 'En we hebben geen flauw idee waarom.'

Aanleiding voor de archeologische ophef is de eerste grote genetische studie hoe de zogeheten 'klokbekercultuur' zich door Europa verspreidde. Die cultuur, gekenmerkt door fraaie, kerkklokachtige potten en grafheuvels vol opvallend boogschuttersgerei, verspreidde zich vanaf ongeveer 2700 voor Christus vanuit het huidige Spanje noordwaarts.

Dna-onderzoek van 170 al eerder opgegraven prehistorische skeletten uit die tijd werpt nu voor het eerst licht op de details. Zo veranderde er op het vasteland nauwelijks iets aan het dna van de mensen die de klokbekercultuur omarmden, wat erop duidt dat er niet zoiets was als een invasie van een klokbekervolk. 'Ook in Nederland ging men die bekers op een gegeven moment gewoon maken', vertelt Fokkens. 'Ze kwamen in de mode, wordt veel geroepen.'

Maar in Engeland liep dat anders. Daar duikt met de introductie van de klokbekers plots ook een nieuw stel genen op: onvervalst Hollands dna. Althans, zo lijkt het: het nieuwe dna lijkt sterk op het dna van negen prehistorische skeletten die ruim vijftig jaar geleden werden opgegraven in het Noord-Hollandse Oostwoud. Daarmee werd 'meer dan 90 procent van de oorspronkelijke Britse genen in enkele honderden jaren vervangen', zoals het internationale onderzoeksteam onder Amerikaanse leiding noteert in hun conceptartikel.

Belangrijkste armslag is dat het aantal skeletten klein is. 'Vóór de klokbekertijd cremeerde men zijn doden', vertelt Fokkens. 'Maar daardoor zijn de resten vernietigd en weten we ook niet wat voor dna men had.' Zo'n kanttekening past ook bij het Nederlandse skeletbewijs: het zijn de enige onderzochte monsters uit de verre omtrek, zodat de invallers ook best ergens anders vandaan kunnen komen. 'Wie weet komt het Franse of Belgische dna nog beter overeen', zegt Altena. 'Alleen hebben we daarvan geen monsters onderzocht.'

Raadselachtig wat er kan zijn gebeurd. 'Je denkt al snel aan geweld, maar misschien was er een epidemie, of was er sowieso ruimte voor nieuwe bewoners', zegt Altena.

De hoop is gevestigd op nader onderzoek van hele grafvelden, en van isotopen waaruit is af te lezen waar de mensen in kwestie ongeveer moeten hebben gewoond, zegt Fokkens. Nu al lukt het om van bepaalde prehistorische doden aan te tonen dat ze van ver kwamen, of bijvoorbeeld tijdens hun leven moeten hebben rondgereisd.

In elk geval zal de studie de annalen in gaan als de eerste archeologische dna-studie over de prehistorie waarin Nederlandse skeletten een belangrijke rol spelen, zegt Altena. Zijn de 'Hollandse horden' tenminste nog érgens binnengevallen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.