Hoelang kan het start-upfeest doorgaan?

De waarderingen voor start-ups uit Silicon Valley gaan door het dak, terwijl ze vooralsnog geen winst maken. Is er een nieuwe internetzeepbel op komst, zoals eind jaren negentig, of is dit keer alles anders, zoals de ambitieuze ondernemers zelf beweren?

Beeld Studio Vonq

Stel je een wereld voor waarin alle overbodige parkeergarages plaatsmaken voor fonkelnieuwe huizen, parken en scholen. Stel je een wereld voor waarin je echt vrij bent te bepalen waar je woont of werkt, omdat je dankzij een app altijd snel en goedkoop vervoer tot je beschikking hebt.

Zo klinkt ongeveer de utopie van Travis Kalanick, topman van de Amerikaanse taxi-app Uber. 'Driehonderd steden hebben al 'ja' gezegd tegen deze toekomst. 'Ja' tegen meer banen, 'ja' tegen minder verkeer, en 'ja' tegen een schonere lucht. Mijn hoop: nog eens duizend steden erbij die hun burgers toestaan deze toekomst te omhelzen', sprak Kalanick tijdens het 5-jarige bestaan van zijn bedrijf vorig jaar. Het is een boodschap die hij bij iedere interviewgelegenheid herhaalt.

Wie naar het verhaal van de gemiddelde start-up uit Silicon Valley luistert, krijgt het idee dat er een nieuwe wereld zit aan te komen. De apps van bedrijven als Uber en huizendeelsite Airbnb zijn volgens hun oprichters meer dan alleen een handige dienst. Ze luiden een nieuwe realiteit in, een toekomst van groei en voorspoed.

Voorlopig is Utopia nog niet aangebroken en verbranden deze bedrijven vooral geld. Ja, het aantal gebruikers neemt nog steeds toe, maar de bedrijven verdienen weinig. Volgens The Wall Street Journal rekende Airbnb vorig jaar op een omzet van 900 miljoen dollar en op 150 miljoen dollar verlies. Uber beweert winst te maken, maar die winst bestaat alleen voor aftrek van afschrijvingen, aflossingen en rente op leningen. Bovendien laat Kalanick de Chinese markt buiten beschouwing. Daar draaide het techbedrijf jaarlijks een miljard dollar verlies. Deze week maakte Uber bekend dat het zich uit China terugtrekt.

Toch heeft Uber een marktwaarde van 62 miljard dollar. Of neem huizendeelsite Airbnb: marktwaarde een kleine 26 miljard. Dit is grofweg de beurswaarde van elektronicafabrikant Philips. Met dit verschil: de oude reus boekt honderden miljoenen euro's winst, de start-ups verliezen voorlopig alleen maar geld. Is hier sprake van een zeepbel?

Eenhoorns

Wereldwijd gaan de waarderingen van start-ups door het dak. 170 hebben de status van 'eenhoorn' bereikt. Deze sprookjesachtige naam heeft Silicon Valley verzonnen voor babybedrijven met een waarde van 1 miljard dollar of meer. In hun zoektocht naar rendement steken durfinvesteerders, institutionele beleggers en zakenbanken massaal geld in bedrijven die een nieuw digitaal tijdperk vertegenwoordigen, maar vooralsnog geen winst maken.

Consumenten eisen namelijk dat socialemediasites, apps of andere onlinediensten gratis of goedkoop blijven. Vooral socialemediasites en andere internetbedrijven hebben daar last van. Ze verdienen geld met advertenties, maar dat zet alleen zoden aan de dijk op wereldschaal. Bemiddelingsplatforms als Airbnb en Uber leven van commissies, maar hebben hoge kosten en lopen risico's vanwege rechtszaken en veranderende wetgeving. Overheden leggen bijvoorbeeld iedereen die via Airbnb verhuurt een vergunningsplicht op of verbieden die verhuur botweg. Uber dacht in Europa jan en alleman tot taxichauffeur te kunnen bombarderen. Inmiddels verbieden overheden zijn deeldienst UberPop.

De hype roept herinneringen op aan de internetzeepbel uit de jaren negentig. Ook destijds maakten beleggers miljarden over aan dotcombedrijven in de hoop een graantje mee te pikken van 'de nieuwe economie'. Die investeringswoede eindigde in een deceptie, omdat veel internetbedrijven gebakken lucht bleken te verkopen. Toen dit eenmaal doordrong tot het beleggerspubliek stortte de Amerikaanse technologiebeurs Nasdaq in, zagen beleggers meer dan 1.000 miljard dollar aan aandelenwaarde verdampen en gleed de economie in een recessie. In hoeverre herhaalt de geschiedenis zich?

Retoriek

'Het mooie van de verhalen die we nu uit de start-upwereld horen, is dat we er een duidelijke retoriek in herkennen dat dit keer alles anders is', zegt Theo Kocken, hoogleraar risicomanagement aan de Vrije Universiteit en gespecialiseerd in financiële zeepbellen. 'Zulke retoriek is meestal een indicatie dat het fout aan het gaan is.'

De vertellingen van de start-ups en hun investeerders klinken plausibel. Zij roepen dat de wereld is veranderd. Want: in 1996 maakte maar 1 procent van de wereldbevolking gebruik van internet en nu heeft 40 procent toegang. Consumenten kopen hun schoenen, tv's en andere producten steeds makkelijker online. Bovendien hebben de internetondernemers geleerd van de fouten van de generatie voor hen, zij zijn sneller volwassen.

'Maar het blijven vertellingen, illusies vaak', zegt Kocken. Want je kunt net zoveel argumenten aandragen die het tegenoverstelde verhaal onderbouwen. Je zou bijvoorbeeld kunnen betogen dat internetbedrijven in de jaren negentig juist meer groeipotentieel hadden omdat internet toen nog in de kinderschoenen stond. Kocken: 'Beide vertellingen kunnen waar zijn, maar waar het mij om gaat: de waarderingen van de start-ups hebben weinig te maken met de realiteit.'

Uber heeft sinds zijn oprichting al zeventien keer succesvol zijn hand opgehouden (en bijna 16 miljard dollar aan kapitaal opgehaald). Aanvankelijk waren er alleen gespecialiseerde durfinvesteerders uit Silicon Valley voor Uber-aandelen te porren. Bij de recente rondes trokken allerlei meer 'exotische' beleggingsfondsen hun portemonnee, zoals dat van het Indiase staalconglomeraat Tata Steel en het staatsfonds van Saoedi-Arabië. Airbnb begon in 2009 met een investering van 'slechts' 20 duizend dollar van een start-upschool annex investeringsmaatschappij. Dankzij een recente miljardenimpuls van onder meer de Wall Street-bank JP Morgan Chase zwemmen de Airbnb-ondernemers in het geld (totale investeringen tot nu toe: 3,4 miljard dollar).

Maar start-ups zijn wezenlijk anders dan de gemiddelde kapper op de hoek of het doorsnee-maakbedrijf. Een start-up poogt via internet en apps een bestaande markt te veroveren of een nieuwe markt te creëren. De inzet daarbij is: in één klap wereldfaam verwerven. Alleen groeien maar enkele ondernemers uit tot de volgende Mark Zuckerberg, net als maar weinig tieners met een aardige stem ooit Justin Timberlake of Beyoncé zullen evenaren. Feit is: de meeste start-ups floppen.

Onlangs ging bijvoorbeeld het bejubelde internetbedrijf Quirky, dat in korte tijd meer dan 180 miljoen dollar ophaalde, over de kop. Via de Amerikaanse internetpagina kon iedereen spullen ontwerpen die Quirky zou verkopen. De oprichters geloofden dat producten met genoeg likes een gegarandeerde hit zouden worden. Een verkeerde inschatting, zo bleek.

Volgens het Amerikaanse onderzoeksbureau CB Insights zijn er dit jaar al tien van dit soort zwaar gefinancierde Silicon Valley-ondernemingen failliet gegaan. Investeerders krabbelen terug.

Beleggers vertrouwden in de jaren negentig op mooiweer-verhalen over bezoekersaantallen, tegenwoordig eisen ze keiharde omzetcijfers. Toch houden ze zichzelf voor de gek, schrijft de Financial Times. De apps schermen met zogeheten bruto verkoopvolumes. Als een taxirit 10 euro kost, gaat er 2 euro commissie naar Uber. Het eerste getal is dan het bruto verkoopvolume, het tweede de omzet. 'Bruto verkopen zijn de nieuwe bezoekersaantallen', zei Mood Rowghani, een partner bij durfinvesteerder Kleiner Perkins Caufield Byers, tegen de Britse krant. Deze investeerder heeft net als andere fondsen geld verloren met Quirky.

Afstempelen

Hoelang kan het start-upfeest doorgaan? En wat is de schade als de zeepbel knapt? Volgens zakenblad Forbes zou dit het jaar kunnen worden van de dode eenhoorns. Bedrijven halen wel geld op, maar steeds vaker moeten ze hun waarderingen afstempelen (downrounds). Nieuwe aandeelhouders stappen alleen in tegen een korting. Onlangs kochten beleggers bijvoorbeeld aandelen van socialemediasite Foursquare voor een prijs die overeenkwam met de helft van de 'officiële' marktwaarde van 600 miljoen dollar. Daarnaast schreef investeringsfonds Fidelity vorig jaar zijn belegging in Snapchat (18 miljard waard) met een kwart af.

Uit cijfers van CB Insights blijkt dat al veertig superstart-ups dit jaar een dergelijke waarderingsklap hebben gehad. Dat is pijnlijk voor de zittende aandeelhouders en oprichters. Werknemers, die vaak aandelen hebben, gaan hun werkgever daardoor haten.

Zolang centrale banken via de geldpers 'gratis' geld over de financiële wereld uitstrooien, zoeken investeerders riskante beleggingen op in een wanhopige zoektocht naar beleggingsrendement. En dus stroomt hun geld tevens richting Silicon Valley, zegt hoogleraar Kocken. 'Dit kan nog jaren doorgaan, maar evengoed morgen afgelopen zijn.' Wel vormen de downrounds een signaal. 'Het lijkt op een krach. Alleen merkt de buitenwacht daar weinig van, omdat deze bedrijven geen beursnotering hebben.'

Uber en Airbnb houden een beursgang af, maar zullen toch een keer de sprong moeten wagen. De investeerders kunnen anders niet cashen. Maar anders dan vroeger zit de Nasdaq redelijk op slot. Slechts een handjevol techbedrijven stroomt jaarlijks door naar de beurs. Wat de mogelijkheden om te cashen eveneens beperkt, is dat veel start-upbedrijven te duur geworden zijn voor een overname door een groter bedrijf.

Geluk

Een geluk bij een ongeluk, zegt Kocken. 'Zolang consumenten niet massaal met geleend geld de aandelen opkopen ben ik minder bang voor een door de techzeepbel veroorzaakte recessie zoals in 2000 en 2001.' Toen voelden particuliere beleggers de klap direct in hun portemonnee. Nu beleggen particulieren alleen indirect in bedrijven als Uber en Airbnb, via hun pensioenfondsen. Pensioenfondsen investeren doorgaans maar een klein deel van hun vermogen in start-ups, wat het verliesrisico beperkt. Kocken: 'Als de zeepbel knapt, bloedt dit keer niet jan modaal maar vooral de rijke investeerder.'

'Pak aan hier heb je een miljoen, zeiden ze'

Ook de Amsterdamse internetpionier Michiel Frackers (48) heeft al eens meegemaakt hoe snel de hallelujasfeer kan omslaan en succes kan verdampen. Frackers maakte faam door de eerste commerciële internetprovider te lanceren in Nederland. In 1996 kocht telecombedrijf KPN hem uit, waarna Frackers, destijds eind 20 en steenrijk, internationale roem ging najagen.

'Ik wilde als eerste een Nederlandse start-up aan de Nasdaq genoteerd zien', zegt Frackers, die eind 1998 vertrok naar Silicon Valley. Met anderhalve man en een paardenkop had hij in een kelder in Amsterdam de fundamenten gelegd voor BitMagic, een gratis te downloaden videoprogramma. Dagelijks zou zijn bedrijf grappige filmpjes versturen naar consumenten. Hij wilde die voorzien van betaalde reclame. Ruim 10 miljoen gulden staken investeerders in zijn bedrijf. BitMagic was in Silicon Valley daardoor in één klap 100 miljoen dollar waard. Dat maakte indruk. 'Investeerders belden uit zichzelf aan. Pak aan, hier heb je een miljoen.'

Frackers opende een kantoor in San Francisco, reisde de VS door op zoek naar adverteerders en liep lanceringfeestjes van andere ondernemers af. Op een daarvan verwonderde hij zich over de tafels vol sushi. Niemand wist echter de naam te noemen van de gastheer die voor het feest 'een paar ton van zijn investeerders had verbrast'. Een bedrijfsfuif zonder pr-waarde geven was cool, de nieuwste trend in Silicon Valley.

Toen de Nederlander in 1999 voor een vervolginvestering bij Amerikaanse durfinvesteerders aanklopte, bleek de paniek al te zijn uitgebroken. Hoewel er dat jaar meer dan vierhonderd techbedrijven naar de beurs gingen, investeerde niemand meer in jonge start-ups die zich op consumenten richtten. De fondsen 'dumpten' de start-ups op de beurs om te cashen voordat het tij zou keren.

Op een ochtend in de hippe wijk South Park ontdekte hij hoe het spel werkte. 'Hé, jij bent toch van BitMagic?', sprak een jongen hem aan. 'Als ik nu eens voor 10 miljoen bij jou adverteer en jij voor 10 miljoen bij mij, dan kunnen we allebei omzet rapporteren.' De ruiltruc pasten ondernemers toe om hun cijfers op te krikken. 'Dat kun je toch niet maken?', zei Frackers. Maar dat kon dus wel. 'Iedereen deed dit.' Frackers weigerde eraan mee te doen.

Zijn Amerikaanse droom eindigde in een faillissement. Eind 2001 keerde hij terug met alleen een T-shirt van BitMagic.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden