Hoe slim is het om je vrijwillig te laten besmetten met een parasitaire worm?

Wetenschappers hopen een vaccin te ontwikkelen

Voor het eerst hebben onderzoekers in Leiden proefpersonen besmet met een ziekmakende parasitaire worm. De hoop is dat dit helpt bij het vinden van een vaccin. Experts zijn kritisch, want de studie kent risico's.

Twee van de beruchte wormen in beeld, met linksboven de kop. Het mannetje is bruin ingekleurd, het vrouwtje groen Beeld NIBSC

Onderzoekers in het Leids Universitair Medisch Centrum hebben voor het eerst in de geschiedenis vrijwilligers besmet met de parasitaire worm Schistosoma mansoni. De worm maakt jaarlijks miljoenen mensen wereldwijd ziek.

Doel van de studie is om de besmetting op een gecontroleerde manier na te bootsen. Als de studie succesvol verloopt, willen de onderzoekers een vaccin tegen de parasiet testen.

Schistosoma mansoni is een van de vijf Schistosoma-wormparasieten die jaarlijks bij miljoenen mensen in Afrika, Zuid-Amerika en het Midden-Oosten de ziekte schistosomiasis veroorzaken. Duizenden van hen overlijden aan de besmetting. De parasieten vermenigvuldigen zich in zoetwaterslakken, waarna ze op zoek gaan naar een menselijke gastheer, die ze via de huid binnendringen. Ze migreren eerst naar de lever, waar ze zich verder ontwikkelen en paren. Dan migreren ze naar de bloedvaten, waar de vrouwtjeswormen eitjes leggen, die via de darmen worden uitgescheiden.

De wormpjes kunnen tot tien jaar in het lichaam blijven leven. Met name wanneer de eitjes elders in het lichaam terechtkomen kunnen ze een heftige immuun- of ontstekingsreactie opwekken, waardoor ze de blaas, nieren en lever kunnen beschadigen en zelfs verlammingsverschijnselen kunnen veroorzaken. Tegen schistosoma-parasieten is nog geen vaccin beschikbaar en het enige medicijn wat er is, praziquantel, is niet 100 procent effectief.

Het besmetten van vrijwilligers om infectieziekten te bestuderen neemt de laatste jaren toe, dankzij toegenomen kennis over de ziekteverwekkers en manieren om ze te verzwakken. Momenteel lopen er dergelijke studies met onder meer malaria, griep, shigella, knokkelkoorts, norovirus, tuberculosis en tyfus. In de meeste gevallen wordt een verzwakte ziekteverwekker gebruikt of wordt zo snel behandeld dat de ziekte niet ernstig kan worden.

'Onze kennis uit het malaria-onderzoek passen we toe in deze studie, zegt Meta Roestenberg, die de Leidse studie leidt. Haar team diende zeventien gezonde vrijwilligers elk twintig microscopisch kleine wormpjes toe via de huid. Ze selecteerden alleen mannelijke wormpjes, omdat die zich niet kunnen voortplanten. Na afloop van de studie krijgen alle deelnemers paziquantel toegediend om de wormen te verwijderen. Omdat dit middel in ontwikkelingslanden maar 70-90 procent van de infecties geneest, zijn critici sceptisch over de studie.

Maar Roestenberg benadrukt dat het middel juist bij volwassen larven effectief is. 'Bovendien is het in de tropen vaak de vraag of de behandeling gefaald heeft, of dat er sprake is van herbesmetting', zegt Roestenberg.

Toch is Allen Ross, hoogleraar tropische ziekten aan de Griffith Universiteit in Australië, er niet gerust op. 'Ook over de besmetting met alleen mannetjeswormen is veel onduidelijk. Het is bekend dat er een stevige immuunreactie kan optreden direct na besmetting.'

Een van de deelnemers kreeg inderdaad stevige koorts kort na toediening van de wormen, een bijwerking die Roestenberg had voorzien. Ze hoopt eind dit jaar te beginnen met een vaccinstudie. 'Er zijn twee kandidaten, waarvan er eentje erg goed werkt bij proefdieren. Met de producenten daarvan hebben we al contact.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.