Medische doorbraakCholera

Hoe medici cholera, ‘dé killer van de 19de eeuw’, eronder kregen

Houd moed. In het verleden wisten wetenschappers gigantische gezondheidscrises te bezweren. Deze week: cholera.   

Beeld Olivier Heiligers

Wat was het probleem?

Ergens verstopt in een hoekje van ons collectief bewustzijn zit een vergeten ziekte: cholera. Die is vooral bekend uit romans als Liefde in tijden van cholera of De dood in Venetië. En van de nu ietwat holle verwensing ‘krijg de klere’ natuurlijk. Het RIVM noemt cholera een ‘importziekte’ die ‘meestal vanzelf overgaat’. Vooral veel water drinken helpt al voldoende om de uitdroging door diarree tegen te gaan. Of pakketjes rehydratievloeistof innemen; die zijn in elke apotheek te koop. Toch was cholera ‘dé killer van de 19de eeuw’, zegt hoogleraar medische geschiedenis Frank Huisman van het UMC Utrecht.

De dreiging begon voor Nederland rond het jaar 1830. In Moskou duikt dan cholera op. Een jaar later zijn Polen, Pruisen en Oostenrijk aan de beurt. Dan, op 25 juni 1832, treft de ‘braakloop’ Scheveningen, waarna de ziekte zich via Den Haag, Katwijk en Rotterdam verder verspreidt en twee jaar lang door heel Nederland duizenden slachtoffers maakt. Later volgen meer cholera-epidemieën die tienduizenden levens in Nederland eisen, en honderdduizenden in heel Europa. 

De ziekte kon iemand vrij plotseling overvallen, schrijft medisch historicus Eddy Houwaart in zijn proefschrift over cholera. De ‘snelle ontwatering van het lichaam’ leidde ertoe dat de patiënt in korte tijd ‘ineenschrompelde tot een schim van wat hij kort tevoren was’.  

Het keerpunt

Toch krijgt cholera niet zomaar vrij spel. De infectie raast door Nederland en Europa in een tijd dat artsen al tientallen jaren puzzelden op de vraag hoe ziekten zich verspreiden. Een populair idee was de miasmatheorie: verontreinigde lucht uit bijvoorbeeld moerassen zou bepaalde aandoeningen veroorzaken. ‘Daar komt de term malaria ook vandaan’, zegt Huisman. ‘Male betekent slecht, aria betekent lucht.’ En dus brachten artsen de luchtkwaliteit van elke streek in kaart, samen met de ziekten die er heersten: ze documenteerden de windrichting en de temperatuur, en de grond- en waterkwaliteit.

Het was die systematische blik waarmee de dokters uiteindelijk tot een ander inzicht kwamen. Niet zozeer de luchtkwaliteit leek er bij cholera toe te doen, maar wel of je in een arm of rijk stadsgedeelte woonde. Steeds meer artsen, later bekend als de hygiënisten, zagen dan ook bewijs opstapelen voor een andere boosdoener: de gebrekkige watervoorziening in arbeiderswijken.

‘De artsen begonnen de biometer te publiceren, een lijst met de dodelijkste cholera-gemeenten’, vertelt Huisman. ‘Daar wilde je als gemeente niet bovenaan staan, het was echte naming and shaming.’ Onder deze druk kwam er geleidelijk verandering: heel Nederland kreeg schoon drinkwater en riolering. En jawel: dat voorkwam de verdere verspreiding van cholera. Knap, want het bewijs dat een bacterie de ziekte veroorzaakt volgde pas veel later. Deze ‘sanitaire revolutie’ was de grootste medische vooruitgang in de geschiedenis, zeiden abonnees van medisch vakblad The BMJ in 2007.

Hoe staat het er nu voor?

Hoewel cholera in de meeste werelddelen zo goed als uitgeroeid is, vlamt de bacterie nog steeds op in landen waar het aan sanitaire voorzieningen en hygiëne ontbreekt. Zouden die verbeteren, dan scheelt dat volgens de Wereldgezondheidsorganisatie zeker tien- tot honderdduizend doden per jaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden