Reconstructie

Hoe farmaceuten gebruikmaken van de allerarmste patiënten

Farmaciebedrijven testen graag medicijnen in Egypte. Voor veel patiënten is het de enige kans op een behandeling. Toen een van hen in een kritisch rapport had verteld over de bijwerkingen, kreeg ze bezoek van de Zwitserse fabrikant. 'Het was pure intimidatie.'

'Dania' eiste na een bezoek van de farmaceut dat haar naam en foto uit het rapport werden verwijderd. Beeld Roger Anis

Lang hoeft de Egyptische Dania niet na te denken als ze in 2013 mee kan doen aan een medische test van de Zwitserse medicijnfabrikant Roche. Drie jaar eerder is een tumor in haar borst verwijderd, maar de kanker is teruggekeerd. Er zitten uitzaaiingen in haar longen en in haar hersenen. Geld voor een behandeling heeft de 60-jarige vrouw niet. Ze heeft geen zorgverzekering. De papieren die ze voor deelname moet ondertekenen, leest ze nauwelijks, ze zet meteen haar handtekening. Ze kan zo immers alsnog gratis een behandeling krijgen. Maar het medicijn dat ze krijgt, geeft behoorlijke bijwerkingen. Haar nagels vallen uit, ze krijgt last van ernstige diarree, haar huid staat in brand. 'De pijn is vaak ondraaglijk', zegt ze.

Het verhaal van Dania staat in een rapport over medisch onderzoek in Egypte, dat vorig jaar zomer verscheen. Egyptische journalisten interviewden daarvoor ruim dertig artsen en andere experts en spraken met twaalf patiënten. Het rapport werd uitgegeven door drie stichtingen, waaronder de Nederlandse Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO). Dergelijke rapporten verschijnen met regelmaat en vaak krijgen ze niet veel aandacht. Ook dit rapport veroorzaakte weinig rumoer. Totdat medicijnfabrikant Roche zich een paar maanden na publicatie alsnog met de inhoud ging bemoeien. Het bedrijf regelde een advocaat die wat juridisch duw- en trekwerk begon, waarna er twee weken geleden in Amsterdam een sommatie bij SOMO binnenkwam. De stichting moest met onmiddellijke ingang foto's uit het Nederlandstalige rapport verwijderen en een naam veranderen.

Minder controle

Roche is niet de enige farmaceut die Egypte gebruikt als testgebied. Begin vorig jaar waren in het land 21 farmabedrijven actief, van grote internationale concerns als Sanofi en Novartis tot kleine biotechbedrijven. Van de 57 studies die in het land werden gedaan, betrof het in de helft van de gevallen een kankermedicijn.

De praktijk is wijdverbreid, verduidelijkt Hans Hogerzeil, hoogleraar Global Health aan de Rijksuniversiteit Groningen. Voor farmaceutische bedrijven zijn ontwikkelingslanden vooral economisch interessant, zegt hij: het onderzoek is er goedkoper en er is een enorme groep proefpersonen beschikbaar. Zo is in Egypte de helft van de inwoners niet verzekerd. Zij kunnen een medische behandeling niet betalen en zien meedoen aan een onderzoek als laatste strohalm. Bovendien zijn de ethische controles een stuk minder streng, weet Hogerzeil, die als voormalig directeur essentiële geneesmiddelen bij wereldgezondheidsorganisatie WHO verantwoordelijk was voor geneesmiddelenprogramma's in meer dan honderd ontwikkelingslanden.

Soms worden farmaceutische bedrijven ertoe aangezet om onderzoek te doen in ontwikkelingslanden, zegt Rick Grobbee, hoogleraar klinische epidemiologie aan het UMC Utrecht: veel landen, ook Egypte, eisen dat farmaceuten een nieuw middel eerst daar testen voordat het op de markt mag komen. 'De vraag is alleen of dat zinvol is, omdat de medicijnen zo duur zijn dat ze voor de meeste mensen onbetaalbaar zijn.' Zo kosten sommige van de in Egypte geteste kankermedicijnen per maand twintig keer zoveel als het minimumloon.

Toezicht op het onderzoek wordt ook nog eens uitgevoerd door bedrijven die de farmaceutische industrie inhuurt. Niet echt een goed recept voor betrouwbare testresultaten, aldus het rapport.

Pijnlijke conclusies voor de farmaceuten, die voor publicatie passages uit het rapport mogen inzien. Roche reageert, de onderzoekers nemen wat voorgestelde wijzigingen over. Op het verhaal van Dania heeft het bedrijf geen enkele aanmerking.

Opgespoord

Maar dan gebeurt er iets vreemds: een paar maanden later reist een delegatie van Roche af naar Cairo. Het bedrijf is bij nader inzien niet content met het rapport en heeft Dania opgespoord. In november 2016 krijgt de vrouw bezoek van een delegatie van negen mensen. Dania vertelt dan ineens dat ze niet blij is dat ze in het rapport staat, zo blijkt uit het gespreksverslag tussen haar en de Roche-medewerkers, dat de Volkskrant heeft ingezien. Sterker nog, er staan dingen in die ze helemaal niet gezegd heeft, zegt ze tegen de Roche-afvaardiging. 'Ik heb de journalist die me interviewde nog gevraagd het rapport in te trekken.' Want dat ze bijwerkingen kreeg, had bijvoorbeeld niets te maken met de testmedicijnen van Roche, vertelt ze. Die had ze daarvoor al, van andere behandelingen. 'Sterker nog, ik ben zo blij dat ik mee heb kunnen doen. Ik zou andere patiënten ook aanbevelen mee te doen.'

Een maand later, in december, komt er bij stichting Public Eye, een van de opstellers van het rapport, een dagvaarding binnen. De Egyptische Dania blijkt een Zwitserse advocaat in de arm te hebben genomen. Ze eist dat haar naam en foto uit het rapport worden gehaald, zo blijkt uit juridische stukken. Ze zegt geen toestemming te hebben gegeven voor publicatie van het interview. Opmerkelijk is dat Dania wordt vertegenwoordigd door een advocaat die ook vaak namens farmaceut Roche optreedt. 'Dat is natuurlijk onwaarschijnlijk', zegt Ayman Sabae, verbonden aan het Egyptische Right to Health-programma, telefonisch vanuit Caïro. 'Hoe komt een Egyptische vrouw zonder geld aan een advocaat in Zwitserland?' 'Het was pure intimidatie', zegt Irene Schipper van SOMO. 'Een hele nieuwe tactiek bovendien: mensen opsporen voor wiens rechten wij opkomen en ze dan onder druk zetten om tegen ons te procederen.'

Getuigenis 1

Emad Hamada, hoofd van de afdeling oncologie aan de universiteit van Cairo:

'Ik heb jaarlijks een budget van 500 duizend dollar. Alleen al de behandeling van onze patiënten kost 1,5 miljoen dollar. Wij kunnen niet anders dan bedrijven om geld vragen voor onze onderzoeksafdelingen.'

Dania verliest de zaak, zo blijkt uit het vonnis. De stichtingen die het rapport over de testen hebben opgesteld, laten tijdens de rechtszaak een bandopname horen waarop de vrouw toestemming geeft voor publicatie van het interview en voor het plaatsen van haar foto's. Public Eye had al voor aanvang van de zaak besloten om haar afbeeldingen uit het rapport te halen en haar een andere naam te geven. 'Daar was het ons namelijk niet om te doen', zegt Patrick Durisch van Public Eye. Hij zegt nog steeds niet te begrijpen waarom de vrouw een rechtszaak begon. 'Het lijkt ons onwaarschijnlijk dat ze dat zelf deed. Ze had toch kunnen bellen om te vragen of ze uit het rapport mocht?' Hij vermoedt dat Roche de advocaat heeft betaald, maar kan dat niet bewijzen.

Een woordvoerder van Roche ontkent dat. Wel zegt de woordvoerder dat het bedrijf inderdaad een Zwitserse advocaat voor Dania heeft geregeld. 'Nadat we begrepen dat ze niet blij was met het rapport besloten we om haar te helpen.' En zo kwam ze uit bij een advocaat die ook vaak optreedt namens de farmaceut. Dat een delegatie van Roche de vrouw opzocht, is logisch, stelt de woordvoerder. 'De veiligheid van patiënten is een topprioriteit voor Roche. Omdat bij ons geen bijwerkingen bekend waren zoals in het rapport stonden, wilden we achterhalen wat er aan de hand was.'

Getuigenis 2

Walaa, een patiënt met longkanker:

'Ik ben huisvrouw en ik ben niet verzekerd. Ik was zo blij toen ik hoorde dat ik de kans kreeg op een behandeling. Ik heb het toestemmingsformulier onmiddellijk getekend zonder het goed te lezen. Ik geloof dat het medicijn van een Amerikaans bedrijf was. Ik kreeg er ernstige maagklachten van, mijn haar viel uit en ik liep ernstige bloedarmoede op. Ik had daarna een kostbare bloedtransfusie nodig.'

De opstellers van het rapport begrijpen nog steeds niet waar Roche zich zo druk over maakte. 'Het ging om één patiënt, die niet eens heel negatief was', zegt Patrick Durisch. De naam van het medicijn werd niet vermeld, maar duidelijk was dat het om Perjeta ging, een veelbelovend kankermedicijn. Durisch: 'Misschien vond het bedrijf het vervelend dat er bijwerkingen werden vermeld? Dat medicijn is toch hun grote winstmaker. Nadat er eerder veelbelovende testresultaten waren verschenen, stegen de aandelen van Roche. Wellicht waren ze bang voor negatieve publiciteit?'

Getuigenis 3

Neama, een 60-jarige vrouw met uitgezaaide borstkanker:

'Toen ik hoorde dat ik uitzaaiingen had, wist ik dat ik geen geld meer had voor behandelingen. Ik had alles al uitgegeven. Mijn arts zei dat ik kon meedoen aan een onderzoek en dat alles - medicijnen, onderzoek en bestralingen - dan gratis zou zijn. Ik heb onmiddellijk toegestemd. Daarna had ik het gevoel dat al mijn zorgen voorbij waren.'

Angstig

Onderzoeker Sabae heeft Dania vorige week gebeld. 'Ze zei dat ze helemaal geen advocaat had ingehuurd, sterker: ze wist niet eens zijn naam. Roche had haar gevraagd een papier te tekenen en dat had ze gedaan. Ik wilde ze helpen, zei ze me. Ze zit natuurlijk in een vreselijke situatie, ze heeft een medicijn nodig dat ze zelf niet kan betalen. Ze heeft zich onder druk gezet gevoeld.'

De vrouw had van haar dokter begrepen dat ze de zaak had gewonnen. Sabae moest haar vertellen dat ze heeft verloren en dat er nog 7.000 euro aan proces- en advocaatkosten open staan. 'Die kan ik niet betalen, zei ze me. Ze vroeg me of Roche nu stopt met het leveren van het medicijn. Dat geeft wel aan hoe angstig ze is voor de gevolgen.'

Ethische kwesties en gebrek aan controle: oud-WHO-topman Hogerzeil heeft het al zo vaak meegemaakt dat hij geen voorstander is van medische testen in ontwikkelingslanden. 'Ook omdat artsen vaak betaald krijgen voor hun deelname, je weet niet wat daarvan het gevolg is.' Vindt het onderzoek plaats aan een universiteit, dan is de wetenschappelijke controle meestal wel in orde, denkt hij. Maar farmaceuten besteden het onderzoek de laatste tijd vaak uit aan zogeheten contract research organisations, commerciële organisaties die patiënten werven en het onderzoek opzetten. 'Die lappen de regels nogal eens aan hun laars.' Onderzoekers dragen de verantwoordelijkheid om niet af te wijken van de ethische regels die ze ook in ontwikkelde landen hanteren, zegt hoogleraar Grobbee, die in een aantal ontwikkelingslanden medicijnstudies begeleidt. 'Maar ik kan niet anders dan vermoeden dat het lang niet altijd overal goed gaat.'

Van een bij het rapport betrokken journalist heeft Sabae gehoord dat het hoofd van een betrokken ziekenhuis de artsen die hebben meegewerkt daarop heeft aangesproken. 'Kijk, deze studies zijn voor alle partijen in Egypte interessant', zegt Sabae. 'De patiënten krijgen gratis medicijnen, de artsen kunnen onderzoek publiceren en de universiteit verdient er geld mee. Ons rapport dreigde dat systeem aan te tasten, vandaar de paniek bij de leiding.

Beeld Roger Anis

Sabae verwacht niet dat het rumoer negatieve gevolgen zal hebben. 'Farmaceuten stoppen heus niet met hun onderzoek, ze hebben deze landen hard nodig. We hopen alleen dat het rapport ertoe zal leiden dat ze zich voortaan aan internationale ethische richtlijnen houden.'

Lees hier hoe de farmaceutische industrie de Derde Wereld als afzetmarkt ontdekte.

Testen in ontwikkelingslanden neemt toe

Het was de Britse film The Constant Gardener die in 2005 het grote publiek wees op onethisch medisch onderzoek in ontwikkelingslanden. De film vertelt het waargebeurde verhaal van een westers farmacieconcern dat een nieuw antibioticum testte op Nigeriaanse kinderen. Elf kinderen overleden, anderen liepen zware bijwerkingen op.

Drie jaar later publiceerde Wemos, een Nederlandse organisatie die internationale gezondheidsvraagstukken onderzoekt, een kritisch rapport over klinisch onderzoek in ontwikkelingslanden. Zo deed een Nederlandse producent van medische apparatuur onderzoek naar een experimentele stent (een buisje dat vernauwde bloedvaten openhoudt) bij Indiase hartpatiënten zonder dat zij wisten dat het om een experiment ging. De organisatie schatte in dat in 2005 40 procent van alle klinische studies werd gehouden in landen met lage en middellage lonen.

De belangstelling van de industrie voor ontwikkelingslanden is sindsdien alleen maar toegenomen, zo blijkt uit cijfers die Braziliaanse onderzoekers vorig jaar in vakblad International Journal of Clinical Trials op een rijtje zetten. Tussen 2005 en 2012 nam het aantal klinische testen in Azië toe met 30 procent en in Latijns-Amerika met 12 procent, terwijl het in de Verenigde Staten om slechts 2 procent ging. Landen in opkomst: Iran, China en Egypte.

Indiase wetenschappers concludeerden in 2013 in een artikel in een internationaal farmaceutisch vakblad dat er steeds meer onethisch gedrag plaatsvindt jegens proefpersonen. Of patiënten in ontwikkelingslanden vrijwillig meedoen, is lastig te achterhalen, concludeerde ook Wemos: ze zijn vaak arm en onverzekerd. Maar, zegt hoogleraar Grobbee, die keus kan zich ook in de westerse wereld kan voordoen. 'Als je meedoet aan een studie, krijg je een experimenteel medicijn en anders niet. Hoe eerlijk is dat?'

Toch kan onderzoek in ontwikkelingslanden ook de westerse patiënt soms voordeel bieden, omdat studies sneller kunnen worden afgerond en medicijnen zo eerder op de markt komen, denkt hoogleraar Hans Hogerzeil. 'Dat is een eerlijk argument.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden