Hoe een 'jonge Noorse god' de directeur van de spermabank bleek te zijn

De oud-directeur van een spermakliniek heeft zelf mogelijk tientallen kinderen verwekt. Nu er eindelijk een rechtszaak komt over DNA-onderzoek, blijkt de arts te zijn overleden.

Moniek Wassenaar: 'Ik hoop dat het DNA-onderzoek gaat lukken. Niet eens zozeer voor mezelf, maar voor de anderen die ermee worstelen.' Beeld Aurélie Geurts
Moniek Wassenaar: 'Ik hoop dat het DNA-onderzoek gaat lukken. Niet eens zozeer voor mezelf, maar voor de anderen die ermee worstelen.'Beeld Aurélie Geurts

In haar gedachten was haar vader misschien wel een blonde god, een Noorse viking, vertelt Moniek Wassenaar in 2010 in de Volkskrant. 'Mocht ik mijn vader ontmoeten, dan ga ik er niet zomaar vanuit dat het een hechte band zal worden. Wat ik zoek, is herkenning. Wat heb ik van hem, en wat is van mezelf?'

Sindsdien heeft het verhaal een curieuze wending genomen. Waarschijnlijk is haar donor de fertiliteitsarts Jan Karbaat, de directeur van Medisch Centrum Bijdorp in Barendrecht. In de inmiddels gesloten kliniek is het jarenlang een rommeltje geweest, aldus de Inspectie voor de Gezondheidszorg. De dossiers en de registratie zijn niet op orde, kinderen kunnen hun afstamming niet achterhalen, met het sperma van sommige donoren zijn meer dan de maximaal toegestane zes kinderen verwekt.

Zelf heeft Karbaat als donor ook tientallen kinderen verwekt, zo vertelt hij aan Moniek Wassenaar als ze elkaar uiteindelijk ontmoeten. Ze denkt er het hare van. 'De administratie van de kliniek heeft er een potje van gemaakt, misschien zijn het er nog veel meer.'

Sinds een jaar of drie bereidt een groep donorkinderen en ouders een civiele procedure tegen de arts voor. Ze worden daarbij geholpen door Stichting Donorkinderen en de kinderrechtenorganisatie Defence for Children. Op 12 mei dient de zaak voor de rechtbank in Rotterdam.

'En dan gaat-ie dood', zegt de inmiddels 36-jarige Wassenaar, psychiater in het ziekenhuis van Zaandam. Uitgerekend in de week dat de dagvaarding bij de 89-jarige Jan Karbaat op de mat valt, is hij overleden.

Hoe is Moniek Wassenaar haar donor op het spoor gekomen? Na haar interview in de Volkskrant ontvangt ze via Facebook een anoniem bericht. 'We zouden wel eens dezelfde vader kunnen hebben, schreef die persoon me. Een vriend die handig is met computers, wist de afzender te linken aan een dochter van Jan Karbaat. Ze heeft echter nooit meer gereageerd op mijn berichten. Best spooky allemaal.'

Wassenaar stuurt een screenshot van het anonieme bericht aan Karbaat. Hij nodigt haar uit om langs te komen. Het is dan januari 2011.

Jan Karbaat, oprichter van medisch centrum Bijdorp. Beeld
Jan Karbaat, oprichter van medisch centrum Bijdorp.Beeld

'Hij bleek geen jonge, Noorse god, al vond hij dat misschien wel van zichzelf. Het was een flamboyante, excentrieke, vrolijke man van 82. Hij vertelde me dat hij via de kliniek een stuk of zestig kinderen had verwekt, naast zijn eigen kinderen uit drie relaties. Hij was ervan overtuigd dat hij de wereld een dienst had bewezen door zo vaak spermadonor te zijn. Wat het mogelijk voor die kinderen betekende, daar was hij niet mee bezig. Ik zou er een psychische stoornis op kunnen plakken, maar laat ik dat nou niet doen. Laten we zeggen dat hij wel wat weg had van een zekere president in Amerika.'

Karbaats kliniek gaat open in januari 1980, de moeder van Moniek Wassenaar komt er in die eerste maanden drie keer - in maart dat jaar is ze zwanger. 'Karbaat vertelde me dat hij in die begintijd alleen zichzelf en iemand van het politiekorps in de aanbieding had als donor. Vrouwen kozen dan meestal voor hem. Mijn moeder is blijven volhouden dat ze daar niets van wist. Inmiddels kan ik het haar niet meer vragen.'

Wassenaar vraagt hem tijdens hun eerste en enige ontmoeting mee te werken aan een DNA-onderzoek, om zekerheid te krijgen over haar afkomst. 'Hij weigerde en zei: 'Wat schiet je daar nog verder mee op, wil je soms met Kerstmis komen eten?' Hij had een grote overredingskracht en ik was het op dat moment met hem eens. In de auto terug naar huis dacht ik: wat is me nou overkomen?'

Toch besluit ze het er verder bij te laten zitten. Ze is vooral op zoek naar rust, en dat heeft het gesprek met haar vermoedelijke donor haar wel degelijk gebracht. 'Ik had wel eens nagedacht over mogelijke halfbroers en halfzussen, maar ik was bang om in een clubje terecht te komen met een collectieve boosheid over de situatie. Ik wilde die negativiteit niet. Mijn sociale leven dient ter vervanging van het gemis aan broers en zussen.'

Maar voor Stichting Donorkinderen en Defence for Children zijn de aanhoudende signalen over misstanden bij Medisch Centrum Bijdorp reden om een zaak tegen Karbaat voor te bereiden, te beginnen met het vorderen van een DNA-onderzoek. Dat moet een einde maken aan de onrust en onzekerheid bij donorkinderen en hun moeders. Ruim drie jaar is aan de dagvaarding gewerkt.

'Eind vorig jaar benaderde Defence for Children me met de vraag of ik een verklaring voor de rechtbank wilde afleggen. Ik was daar niet zo happig op, ik had vrede met de situatie. Maar ze zeiden: jij bent de enige die hem heeft ontmoet, jouw informatie kan van groot belang zijn voor degenen die er wel problemen mee hebben. Misschien een beetje naïef van me, maar ik had me altijd een beetje afzijdig gehouden.'

Lach om elke klacht

De advocaat van wijlen Jan Karbaat gaf dinsdag geen commentaar. Zelf gaf hij in september 2016 een interview met het AD. Hij noemde de beschuldigingen over gesjoemel met sperma en donorinformatie klinkklare onzin. ‘Ik heb het verwerkt, sta erboven en lach om elke klacht.’ Dat hij vrouwen zou hebben geïnsemineerd met eigen sperma, noemt hij ‘te krankzinnig voor woorden’. ‘Mijn prostaat is lang geleden verwijderd. Dus ik kan niet eens sperma doneren.’

Ondanks de dood van de arts staat de zaak nog steeds voor 12 april op de rol bij de rechtbank. De eisers hopen dat er een alternatief is om aan DNA te komen, bijvoorbeeld via een familielid. De uitkomst van dat onderzoek bepaalt voor de eisers mede hoe ze verder zullen procederen over andere misstanden in de kliniek.

Moniek Wassenaar: 'Ik hoop dat het DNA-onderzoek gaat lukken. Niet eens zozeer voor mezelf, maar voor de anderen die ermee worstelen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden