Hier staat de specialist al klaar op de eerste hulp

Op de eerste hulp van het ziekenhuis Bernhoven in Uden werken niet, zoals zo vaak, arts-assistenten, maar ervaren specialisten. Gevolg: de patiënt wordt sneller én beter geholpen. 'Aan de achterkant' is dan weer minder zorg nodig en dat drukt de kosten: 'Een fijn bijeffect.'

Arts Heleen Huisman onderzoekt een patient op de spoedeisende eerste hulp in ziekenhuis Bernhoven in Uden Beeld Marlena Waldthausen

Komt een 75-jarige vrouw bij de dokter met een hoofdwond. Een ambulance zonder sirenes brengt haar naar de spoedeisende hulp (SEH) van ziekenhuis Bernhoven in Uden. Ze is gevallen, maar weet niet hoe en waarom.

In de oude situatie was de eerste die haar zag een beginnend arts-assistent, die een protocol van scan, hartfilmpje en bloedonderzoek zou doorlopen. Omdat sommige uitslagen twijfel opriepen, belde de assistent achtereenvolgens de cardioloog, die net visite aan het lopen was op zijn afdeling, daarna de neuroloog (in een overleg) en nog weer later de chirurg (aan het opereren).

'Een patiënt was zo vijf, zes uur verder voor duidelijk was wat er aan de hand was', zegt Heleen Huisman, SEH-arts en hoofd van de SEH in ziekenhuis Bernhoven. 'In de avond zou deze mevrouw soms zelfs zijn opgenomen. Niet ernstig genoeg om alle specialisten in te vliegen, maar te onzeker om haar naar huis te laten gaan.'

Komt deze vrouw vandaag binnen, dan ziet ze eerst Huisman, die al dik tien jaar specialist op de eerste hulp is. Of een andere SEH-arts. Ook de cardioloog komt desgevraagd langs, want die heeft SEH-dienst. Hij beoordeelt het lastige hartfilmpje. De aanwezige neuroloog wijst op de bloedverdunners die de vrouw slikt en de aanwezige chirurg ziet op een scan dat er niets met haar nekwervels aan de hand is. Een uur later kan mevrouw gehecht en wel naar huis.

Door de eerste hulp te bemannen met ervaren specialisten die samenwerken, is het aantal ziekenhuisopnames van patiënten na een bezoek aan de SEH met 14 procent gedaald. 'De SEH was een soort corvee voor artsen', zegt Huisman. 'De jongste assistent deed de diensten. Als er in de avond een twijfelgeval binnenkwam, werd die geregeld ter observatie opgenomen. We hebben het omgedraaid: door de meest ervaren mensen aan de voorkant neer te zetten, is uiteindelijk minder zorg aan de achterkant nodig.'

5 maniern om kosten te besparen: kostenbeheersing moet van de werkvloer komen, niet van bovenaf

Eenvijfde van alle zorgkosten draagt niet of nauwelijks bij aan een betere gezondheid van de patiënt. Volgens de OESO, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, kunnen landen veel minder geld uitgeven aan zorg zonder het belang van patiënten te schaden. Lees het artikel hier, inclusief vijf manieren om kosten te besparen.

Hakken in het zand

Tien jaar geleden was Huisman ('Ik gedij goed bij chaos en onvoorspelbare dagen') de enige specialist die op de SEH stond. Nu draaien tientallen specialisten (behalve vaste SEH-artsen, ook internisten, cardiologen, chirurgen, geriaters en kinderartsen) mee. De nieuwe aanpak op de SEH is slechts een van de vele aanpassingen die het ziekenhuis de afgelopen jaren heeft doorgevoerd. 'Het hoofddoel is betere zorg', zegt Huisman. 'Dat we ook kosten besparen, is een fijn en belangrijk bijeffect.' Huisman benadrukt wel dat de hervorming op haar SEH niet zomaar te kopiëren is naar andere ziekenhuizen. 'Dan zou je ook weer een idee van bovenaf ergens opplakken. Een opleidingsziekenhuis heeft meer jong personeel met ervaring en een groot stadsziekenhuis heeft een heel andere eerste hulp.'

Als er het afgelopen decennium iets veranderde in de zorg, kwam het plan vaak uit Den Haag of van de zorgverzekeraars. Gevolg volgens Huisman: hakken in het zand bij de artsen. Om een einde te maken aan de voortdurende strijd dachten de directie van Bernhoven en zorgverzekeraars CZ en VGZ: wie weten nou het beste hoe je goede zorg kunt bieden? Zo ontstond het initiatief voor een ideeënlijst van de personen die het werk uitvoeren: de artsen en verpleegkundigen zelf.

Beeld Marlena Waldthausen

Ziekenhuis Bernhoven, een middelgroot ziekenhuis (dagelijks komen bij de SEH zo'n tachtig tot honderd patiënten binnen), is een van de pakweg tien ziekenhuizen die de zorgverlening vanaf de werkvloer proberen te hervormen. De zorgverzekeraars met wie ze samenwerken bieden financiële ondersteuning voor de vernieuwing - omdat deze op termijn kostenbesparend zal zijn.

De enige criteria waren: de vernieuwing mag een ander ziekenhuis in de buurt geen extra patiënten opleveren en de eigen wachtlijsten mogen niet langer worden.

Het was het begin van een groot hervormingsprogramma vanuit de gedachte: betere zorg door minder te doen (werktitel: zinnige zorg). Meer tijd voor individuele patiënten, minder en kortere opnames, patiënten zien meteen de best mogelijke behandelaar en soms is niet behandelen beter dan wel.

Een van de eerste acties: alle artsen in loondienst, geen perverse prikkels meer om voldoende ingrepen uit te voeren om de productie op peil te houden. Het resultaat: een omzetdaling van 12 procent ten opzichte van 2014.

Een ander voorbeeld: dermatologen uit het ziekenhuis houden spreekuur bij huisartsen in de omgeving. In het verleden zouden ze zijn doorverwezen naar het ziekenhuis, nu is deze zorg voor 80 procent voldoende.

Ook een aantal veelvoorkomende operaties is de afgelopen twee jaar gedaald. Huisman: 'Denk aan versleten knieën, heupen, liesbreuken, galblazen. In het verleden was opereren vanzelfsprekender. We leggen de patiënt beter uit dat de kans aanwezig is dat ze niet van hun klachten af zijn na een operatie.'

Een andere grote verandering in het ziekenhuis is de acute-opnameafdeling. Patiënten verblijven daar maximaal 48 uur. Dan gaan ze naar huis (ongeveer de helft) of met een duidelijke diagnose naar een andere afdeling van het ziekenhuis.

Chronische patiënten

Ook komen een paar duizend chronische patiënten met diabetes, reuma of COPD en hart- en vaatpatiënten niet langer standaard eens per jaar bij de specialist. 'Die kunnen goed voor controle door een huisarts worden gezien. Voor hen is het gemakkelijker, het gaat niet van het eigen risico af en het kost sowieso minder.'

Huisman denkt dat de verklaring voor het succes zit in het feit dat zij en directe collega's zelf de ideeën mochten bedenken. 'En we doen het vanuit de gedachte: hoe kan de zorg beter? Als je zegt: jongens, we moeten 10 miljoen besparen, zou het heel anders zijn gegaan. Ik vind het mooi dat ik niet langer met argwaan naar de zorgverzekeraar kijk. Het is nu een partij waarmee we samenwerken.'

Vandaag staat Huisman met internist Caroline Heijckmann en traumachirurg Charles Stevens op de eerste hulp. Omdat de praktijk altijd weerbarstiger is dan de theorie stond ze er gisteren alleen. 'Meerdere zieken en de rest had dienst.' Maar het gevoel van corvee, dat sommige specialisten in het begin hadden is er wel van af. Stevens ziet alleen maar voordelen. Hij staat graag op de eerste hulp ('Hoe meer onrust, hoe beter'). En patiënten worden veel sneller geholpen. 'Als iemand met een gebroken pols binnenkomt, weet ik in vijf minuten wat er moet gebeuren', zegt Stevens. 'Een onervaren assistent had foto's en scans moeten maken en alsnog een specialist moeten bellen die dan net iets anders aan het doen is.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden