Heukels' zoekt de genen op

Uit dna-onderzoek blijkt vaak dat verwantschappen tussen planten heel anders liggen dan eerder gedacht. De nieuwe editie van Heukels' Flora houdt hier rekening mee....

'Ik ben reuze ongezellig als ik aan de Heukels' Flora werk, vooral voor mijn vrouw', bekent dr. Ruud van der Meijden thuis in zijn serre waar de druivenplanten doorheen slingeren. De buitenwereld ziet de taxonoom/botanicus als een soort monument, omdat hij nu al voor de vierde keer het omvangrijke standaardwerk over de Nederlandse planten heeft bewerkt. De eerste keer was in 1983.

Van zichzelf weet hij dat hij tamelijk ongenaakbaar is geweest in die 26 maanden dat hij aan de nieuwe uitgave werkte. Vrijdag leverde hij de 23e editie van Heukels' Flora van Nederland af tijdens een officiële bijeenkomst in museum Naturalis in Leiden.

De Heukels' is voor biologen, natuurbeschermers en plantenliefhebbers zoiets als de Bosatlas voor geografen. Toen Van der Meijden vorig jaar bij uitgever Wolters-Noordhoff de jongste editie aankondigde, brak daar even paniek uit. Met de verschijning dit jaar had de uitgever geen rekening gehouden en dus geen budget gereserveerd.

Alles is goed gekomen en met de in paars uitgevoerde Flora, - inclusief het lineaaltje van achttien centimeter langs de harde kaft zodat veldwerkers ter plekke de plant of het blad kunnen opmeten - kunnen oude en nieuwe generaties planten determineren.

En er valt meer te determineren: er zijn 151 soorten bijgekomen sinds de vorige editie in 1996. Dat is de vrucht van klimaatverandering, waardoor warmteminnende planten Nederland binnen zijn geschoven. Zo wordt de taal verrijkt met kaasjeskruid, slaapkamergeluk, riviertandzaad, prachtrozenkransje, pijlkruid, maar ook de Anna Paulownaboom en het Kaukasisch vergeet-mij-nietje.

Thuis in Oostvoorne werkte Van der Meijden aan de aanpassing van het standaardwerk. 'Na het ontbijt ga ik meteen naar mijn werkkamer. Als ik aan de lunch broed op een probleem, kan ik zomaar wegvallen aan tafel. Heel ongezellig. Dan krijg ik een inval en stuif superzenuwachtig naar boven. Even iets vergeten en ik kan de hele nummering opnieuw doen. Maar ik zit ook dagen boven kaartjes om te zien of de verspreidingsgebieden van planten nog kloppen.'

Impact

Het standaardwerk over de Nederlandse planten is al 122 jaar oud. Leraar Hendrik Heukels schreef de eerste uitgave onder de titel Geïllustreerde schoolflora voor Nederland. Eens in de zes of negen jaar gaat de Heukels' in de herziening. 'Dit boek heeft een enorme impact onder biologen en natuurbeschermers. Men mag eisen dat het perfect is. Daarom vind ik het een hele eer om de Flora te reviseren', zegt Van der Meijden.

Deze keer is er iets radicaals gebeurd. De indeling van het plantenrijk is veranderd omdat met dna-onderzoek met veel meer zekerheid verwantschappen tussen planten konden worden vastgesteld. Voorheen was het toch meer behelpen met vormkenmerken van bloemen en houtige structuren. 'Onderzoekers kunnen nu met behulp van dna bewijzen welke planten van elkaar afstammen en daarom bij elkaar horen', zegt Van der Meijden.

Dat heeft enorm veel leven in de wereld van de botanici gebracht. Het dna-onderzoek breekt oude zekerheden af en scheurt vele familiebanden door. Logisch dat de oude Flora, die de planten niet alfabetisch rangschikte maar de volgorde van de evolutie volgde, daardoor op zijn kop is gezet. Orchideeën werden altijd beschouwd als het eindresultaat van een verregaande specialisatie en stonden daarom achterin de Flora. Die gedachte blijkt onjuist. Die groep is al vroeg in de evolutie ontstaan en krijgt nu ergens een plaats middenin. Precies het tegendeel geldt voor de eenvoudig ogende elzenkatjes, die zich ontwikkeld hebben uit voorouders met sterk gespecialiseerde bloemen en nu dus naar achteren zijn verhuisd.

Met de flora van Nederland krijgen wilde plantensoorten een Nederlandse en een Latijnse naam. Daarmee kan de toegang tot de internationale literatuur, internet en het publiek worden gevonden.

Dat wetenschappelijke namen iets zeggen over afstamming is belangrijk als naar tumorremmende stoffen wordt gezocht. Deze zijn al gevonden in Calophyllum inophyllum, een in het regenwoud van Borneo groeiende plant uit de Hypericaceae (Hertshooifamilie). Door stamboomonderzoek werd ontdekt dat alle soorten in het geslacht Calophyllum uit één gemeenschappelijke voorouder ontstaan moeten zijn. Omdat de geslachtsnaam evolutionaire betekenis had, konden tumorremmende stoffen snel in nauwe verwanten worden opgespoord.

De Heukels' geldt als een moeilijk werk. Van der Meijden meent echter dat een student met drie dagen oefenen goed zijn weg in het boek kan vinden. 'Nee dan de Flora van de Lage Landen van Malmberg, die planten op kleur sorteert. Die brengt ons vak in diskrediet. Met een plant in de hand en het bladeren door die flora kom je er niet uit. Het is een rijstebrijberg.'

Jammer

Florist drs. Eddy Weeda, die in de jaren tachtig als medeauteur betrokken was bij de Heukels' Flora vindt dat meer samenspraak bij de totstandkoming nodig is. 'Nu bepaalt één man welke planten erin komen', zegt hij. 'Alle paardenbloemen en zwarte bramen zijn op één hoop gegooid. Jammer, want sommige soorten uit die groepen zijn tot Nederland beperkt, zoals de Friese paardenbloem. Met het ontbreken van zulke planten in de Heukels' wordt een bedreigd stukje biodiversiteit onder tafel geschoven. Als je iemand wegwijs wilt maken, moet je de nuance niet uit de weg gaan.'

Hij vindt ook dat Van der Meijden te vaak heen en weer pendelt met zijn opvattingen over planten. In de ene editie worden ze gesplitst en in de andere weer samengevoegd. 'Je zou eigenlijk een bezinktijd van tien jaar moeten hebben voordat een verandering in de Heukels' wordt vastgelegd. Heen en terug veranderen wekt geen vertrouwen bij de gebruikers.' Van der Meijdens verweer is dat hij alleen veranderingen heeft doorgevoerd die door dna-onderzoek worden gesteund.

Positief is Weeda over de verwantschap van soorten. Dat levert interessante informatie voor ecologen. Buddleja (vlinderstruik) zit in een familie met helmkruid en toorts. Insecten als de kuifvlinder wisten dat al langer; die maken de overstap van helmkruid en toorts naar vlinderstruik nu die in Europa vaste voet heeft gekregen.

Dit is de laatste keer dat Van der Meijden de Flora heeft herzien. 'Tenzij ik geen opvolger kan vinden. Er gebeurt veel in dit vakgebied maar de belangstelling voor taxonomie is erg gering. Ik heb iemand op het oog, maar het is de vraag of hij zich zo lang aan deze eenzame bezigheid wil wijden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden