Het verhaal achter huppakee-weg en de dood van Hannie

Euthanasie

De dood van Hannie Goudriaan in de documentaire Levenseindekliniek heeft veel ophef veroorzaakt? 'Dit was executie.' Maar wat liet de documentaire niet zien?

Omringd door haar man en familie wordt de injectie toegediend Foto Beelden uit documentaire Levenseindekliniek

Arts Remco Verwer werd deze week recht in zijn gezicht een moordenaar genoemd. Het gebeurde in De Wereld Draait Door, waar de documentaire werd besproken waarin hij als arts van de Levenseindekliniek euthanasie verleende aan een vrouw. Die euthanasie had nooit plaats mogen vinden, vond de hoogleraar cognitieve neurowetenschap die tegenover hem zat. 'Moord met anderhalf miljoen getuigen', schreef hij op twitter.

De vrouw die de euthanasie kreeg, Hannie Goudriaan, leed aan semantische dementie. Een ziekte waardoor ze steeds minder woorden tot haar beschikking had. Maar daardoor kon ze haar euthanasiewens niet goed meer verwoorden: het woord dood was uit haar vocabulaire verdwenen.

In de documentaire ziet de kijker haar alleen nog zinnen uitbrengen als: 'Ik moet huppakee', 'Ik wil graag klaar' en 'Nou, dan ga ik dus eigen helemaal klaar'.

Alleen als haar man haar letterlijk vraagt of ze dood wil, zegt ze: 'Ja.'

'Zeker weten?', vraagt haar man.

'Ja', zegt ze.

'Vind je dat niet erg voor mij?', vraagt hij. 'Dat je dood gaat?'

'Ja, dat is juist huppakee', zegt ze.

Toch is even later ook te zien hoe de vrouw in de auto stapt: ze kan nog wel autorijden. 'Op de automatische piloot', aldus haar man. Ook filmen de documentairemakers hoe ze de dag voor haar dood naar het schaatsen in Thialf gaat en een dansje maakt voor een dweilorkest.

Niet veel later is te zien hoe ze op de bank, naast haar man, de injectie krijgt met een dodelijk middel. Het bloed trekt uit haar gezicht, voor de ogen van honderdduizenden kijkers. 'Verschrikkelijk', stamelt ze, als ze het slaapmiddel krijgt ingespoten. 'Het is verschrikkelijk.'

Daarna barst de kritiek los. 'Nooit eerder zag ik een euthanasie die op een executie leek', schrijft iemand.

Autorijden doet Hannie Goudriaan tot op het laatst. Samen met haar man is ze op weg naar Thialf

'Levensgevaarlijk', twittert de SGP.

'De huppakee-weg-euthanasie', stelt ethicus Erwin Kompanje.

Hoogleraar Lamme vindt dat er sprake is van euthanasie-marketing. 'Levenseindekliniek laat schaamteloos zien hoe iemand wordt gedwongen tot euthanasie', schrijft hij in een tweet.

Maar wat zit er precies achter de beelden?

Hoe zit het euthanasieproces in elkaar dat, relatief gezien, razendsnel in beeld werd gebracht in de documentaire? In nog geen twintig minuten gaat Hannie Goudriaan naar het einde.

'Eigenlijk hadden de makers meer tijd moeten inruimen voor haar verhaal', zegt haar huisarts Gert Bloemberg. 'Op zich wordt het goed verteld, maar het is wel opgeknipt en vermengd met twee andere verhalen. Daardoor is het niet volledig. De achtergrond van haar lijden ontbreekt. Dat had meer belicht kunnen worden.'

Het is 2008 als de eerste signalen komen. 'Ze vertelde mij toen voor het eerst dat het niet goed zat in haar hoofd', zegt haar man Gerrit Goudriaan. 'Ze wist dingen niet meer.'

Zijn vrouw Hannie Goudriaan werkte voorheen als verpleegkundige en telefoniste bij het UWV.

De huisarts beschrijft hoe het echtpaar rond 2011 in zijn praktijk komt. De neuroloog heeft dan al vastgesteld dat ze semantische dementie heeft. 'Toen kon ze het nog wel verwoorden', zegt hij. 'Op dat moment kende ze de woorden dood en euthanasie nog wel. Ze zei: als ik door de dementie te veel achteruit ga, als ik mensen niet meer herken, als ik me niet meer kan communiceren, dan wil ik niet meer leven. Dat zette ze ook op papier, in een wilsverklaring. Het was heel helder wat ze wilde. Ze wilde gewoon niet verder met een leeg hoofd.'

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

De demente Hannie Goudriaan en haar man wachten thuis op de arts van de Levenseindekliniek om haar sterven te bespreken

Vanaf dat moment vertelt Hannie het ook voortdurend tegen vrienden, familie en kennissen, zegt Goudriaan. 'Ze zei: ik heb wat in mijn hoofd dat niet over gaat maar erger wordt. En als ik vind dat het genoeg is, dan is het over. Dan wil ik niet meer.' In de jaren die volgen doen ze zo veel mogelijk leuke dingen. Maar langzaam aan lukken die dingen ook niet meer, zegt haar man. Ze snapt het niet meer.

Op een dinsdag in 2014, na een weekend schaatsen kijken in Thialf, komt ze ineens met een mededeling. 'Na het eten zei Hannie tegen mij: ik wil weg. Ik zei: dat is goed, maar het zal niet makkelijk zijn.' Twee dagen later wijst ze hem zelfs de datum aan in de agenda, zegt hij

Wat later zitten ze bij huisarts Bloemberg. Die begrijpt wat ze wil. 'Maar ik kon daar toen niet zo veel mee', zegt die. 'Ze zat daar niet-lijdend voor me. Je kon niet zo veel aan haar zien. Ik wilde haar eerst vaker bezoeken, voordat ik de euthanasie in gang kon zetten.'

Dat doet hij. 'Ik ben verschillende keren geweest. Ze was echt vasthoudend. Als ik bij haar kwam, zei ze: ik wil nú weg. Ik zei dan dat het op dat moment niet zomaar ging.'

Hij schakelt een psychiater, een geriater, een neuroloog en een SCEN-arts in. De neuroloog oordeelt dat geen uitspraak kan worden gedaan over haar wilsbekwaamheid: er is geen communicatie mogelijk.

'Ik heb ze allemaal gevraagd: hoe zit het nou? Klopt het volgens jullie ook dat ze euthanasie wil? Iedereen zag haar lijden. Al die specialisten. Maar niemand durfde hardop te zeggen dat dat 'huppakee' van haar 'euthanasie' betekende. Dus op het laatst stond ik er een beetje alleen voor.'

'Ik heb lang getwijfeld', zegt Bloemberg over die tijd. 'Ik gunde haar die euthanasie, maar ik kon het niet hard maken. Het was te complex voor mij als huisarts. Kijk, een Levenseindekliniek heeft veel meer ervaring met die dingen. Zij hebben een batterij aan mensen die hiermee om kunnen gaan. Maar ik moest alleen verder. Het was een moeilijke tijd. Vooral om tegen haar en haar man te zeggen: ik doe het niet.'

Bij de dag van de euthanasie schrijft de arts in zijn agenda 'Huppakee. Weg'

Hannie gaat ook vaak alleen naar de huisarts. Zonder afspraak. Aan de balie meldt ze steeds dat ze 'weg' wil.

'Ik werd gebeld door de assistente met de vraag of ik Hannie wilde komen halen', zegt haar man. 'Bij de huisarts was ze gaan vragen wanneer hij het nu kwam doen. In de wachtkamer zag ik een hulpeloos hoopje mens zitten. Dat was mijn vrouw Hannie.' Hij vertelt dat ze die dag huilt. 'Later op de dag belde ze haar zus met de vraag of er iemand was die het zou willen doen.'

Hannie rijdt volgens hem ook naar het kerkhof. 'Op mijn vraag wat we hier moesten, antwoordde ze: kijken of hier wat is om het te doen.'

'Wanneer doen we het?'

Het is eind 2014 als arts Remco Verwer van de Levenseindekliniek Hannie voor het eerst ontmoet. Aanvankelijk heeft hij een adviserende rol voor de huisarts. Maar zodra die besluit dat hij het niet doet, belandt het euthanasieverzoek bij hem. Hij ziet haar wilsverklaring, en leest de verslagen van de casemanager-dementie die haar de afgelopen jaren heeft begeleid. 'Uit die verslagen bleek dat haar euthanasiewens actueel bleef. De casemanager vroeg haar bijvoorbeeld wanneer ze wilde overlijden. Als het niet meer gaat, zei ze dan. Op die manier had ze haar verzoek up-to-date gehouden.'

Hij spreekt meerdere mensen over haar. 'Ze was een wilskrachtige dame, die graag de regie in handen had', zegt hij. 'Een vrouw die ergens voor stond: als ze ja zei, was het ook ja. Ze zijn vanuit het westen in een Fries dorp gaan wonen. Zij begon meteen van alles te organiseren. Binnen de kortste keren waren ze geliefd in het dorp. En dat is knap, om er tussen te komen in Friesland.'

In totaal legt hij zeven bezoeken aan haar af. Daar merkt hij dat ze met een mes roert in plaats van een lepel, dat ze wegloopt als ze alleen thuis is, dat ze de controle verliest over eten, over drinken, dat ze nauwelijks woorden meer heeft, dat ze mensen niet meer herkent.

Op hun vaste plekje in het stadion in Heerenveen bij de WK afstanden, het is Hannies laatste uitje

'Nadat de buurvrouw een maand op vakantie was geweest, herkende ze haar niet meer. Dat kwam ook niet terug: kwijt was kwijt. En als er iemand op bezoek kwam, wilde ze graag dat er koffie kwam. Maar ze wist het woord niet meer. Dan zei ze tegen haar man: doe jij dinges?'

Eigenlijk, zegt Verwer, was ze in de toestand gekomen die ze had beschreven in haar wilsverklaring. 'Ze was hoe ze absoluut niet had willen zijn.' Dat ze nog auto reed, dat was bizar, zegt hij. 'Het was een van de weinige dingen die ze nog deed, maar iedereen vond dat spannend. De casemanager wist niet wat ze ermee moest. Ze was ook weleens ergens gestrand. Maar ik vond het in die fase niet op mijn weg liggen om te zeggen: dat kan niet. Al kan ik me achteraf best voorstellen dat het had moeten gebeuren.'

Het genieten van muziek of van schaatsen, ziet hij niet als tegenstrijdig. 'Dat iemand ondraaglijk lijdt, wil niet zeggen dat hij de hele dag huilend, schreeuwend en jammerend achter de geraniums zit. Het wil niet zeggen dat je geen oog meer hebt voor een mooi moment of iets leuks. Ik heb een man gehad die na een beroerte euthanasie kreeg, maar die de dag ervoor met zijn kleindochter een ijsje at. Maar hoeveel ijsjes kun je eten, hoeveel zonsondergangen kun je zien?'

'Soms kwam ik onverwachts', zegt hij. 'Om te kijken of ze me herkende. Als ik daar dan was, zat ze me stil aan te kijken. En dan riep ze plotseling: wanneer doen we het? Wanneer huppakee?'

Uiteindelijk vraagt hij een SCEN-arts naar haar te kijken.

Die ziet haar onder vier ogen, zonder haar man. Volgens het verslag van de toetsingscommissie heeft ze dan ineens een ongewoon helder moment. Tijdens dit gesprek zegt ze: 'Er is niets meer, het is leeg, ik kan niets meer, ik ben alles kwijt, ik wil weg.' Op de vraag van de SCEN-arts of ze dood wil, antwoordt ze volgens hem 'in opvallend heldere bewoordingen'. Ze 'bevestigde op een rustige, overtuigende manier in vloeiende zinnen dat zij niets meer kon en dood wilde.' Haar woorden en haar gedrag overtuigen de arts, aldus het verslag.

Verwer, de arts die het allemaal zal uitvoeren, is 'honderd procent overtuigd van haar doodswens', zegt hij. Hij baseert zich daarbij op haar wilsverklaring, gecombineerd met haar gedrag en de verslagen van de andere zorgverleners. 'Ik heb geen twijfels. En nog steeds niet. Het was voor mij invoelbaar.'

De injectie: 'Verschrikkelijk'

Thuis op de bank zal Verwer haar de injectie geven.

Maar ineens vraagt Hannie of het ook op een andere plek mag, en dat verrast hem. 'We hadden eerder afgesproken - ook met haar - dat we het daar zouden doen. Zo kon de familie er goed bij zijn.'

Om de sfeer kalm te houden, kiest hij ervoor om op dat moment samen met haar man 'een coachende rol' te vervullen, zegt hij.

'Gewoon lekker op de stoel', zegt Verwer.

'Ga lekker in de stoel zitten', zegt haar man.

Dat ze op het allerlaatst nog het woord 'verschrikkelijk' in de mond neemt, ziet hij niet als protest. 'Als je het slaapmiddel bij iemand inspuit, kan dat pijnlijk of onaangenaam voelen. Dat heb ik vaak zien gebeuren. Ze keek op dat moment naar de plek van het infuus. Ze probeerde te verwoorden hoe dat voelde, maar ze had niet veel woorden. Ik heb haar als rustig geïnterpreteerd. Ze bleef ook rustig zitten, ze leunde tegen haar man aan.'

'Het is zo over, meisje', zegt haar man dan tegen haar. 'Effe dapper wezen. Je bent al zo'n tijd dapper.'

Niet lang daarna overlijdt Hannie Goudriaan, 68 jaar oud. De toetsingscommissie oordeelt dat de euthanasie zorgvuldig was.

Eindbalans

Is dit een 'huppakee-weg-euthanasie'?

'Dat is wat sommige mensen ervan maken', zegt Verwer. 'Dat is pijnlijk. Vervelend. Het getuigt niet van goede smaak. Het maakt een karikatuur van deze mevrouw. En het maakt een karikatuur van alle mensen die verloren gaan in hun dementie. Maar het is vooral vervelend voor de echtgenoot van deze vrouw. Het doet geen recht aan wat hij voor haar heeft gedaan en gevoeld. Het doet geen recht aan welke vorm van overlijden dan ook.'

'Om het land meer inzicht te geven', zegt hij, 'was het misschien helderder geweest als duidelijk was geworden dat ik vaak bij hen was geweest. Maar we wilden ons niet met de makers bemoeien. Zij hebben integer gewerkt.'

Hannie Goudriaan sterft op 16 februari 2015

De makers, Marcel Ouddeken en Hans Kema, willen alleen kort reageren. 'Dat er achteraf veel reacties zouden komen, hadden we wel verwacht', schrijven ze. 'Voor een goed oordeel over de documentaire vinden we het wel belangrijk dat ie in z'n geheel wordt bekeken.' Ze zeggen volledig achter hun documentaire te staan.

Huisarts Bloemberg is duidelijk. 'Ik vind dit een terechte euthanasie. Ik sta erachter. Hij heeft het goed gedaan. Dat heb ik ook tegen de documentairemakers gezegd, maar dat is niet in beeld gekomen.'

Gerrit Goudriaan reageert kort op de twee hoogleraren die de euthanasie als 'moord' bestempelden. 'Van een hoogleraar verwacht je niet de woordkeuzes die de heren Koerselman en Lamme bezigden', zegt hij. 'Het ontbrak er nog aan dat ze zich in hun handen gingen zitten wrijven om het plezier dat ze hadden. En voor de rest: laten ze zich weer lekker terugtrekken tussen hun boeken.'

'Kies voor het geluk van de dood'

Chris Rutenfrans verplaatst zich in euthanasievoorstanders. Lees het hier.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.