Het nut van de griepprik is gering; de portemonnee van de huisartsenpraktijk profiteert er wel van

De Huisarts

Foto de Volkskrant

Bijna is het zo ver, de jaarlijkse middag waarop we griepprikken geven. De uitnodigingen zijn de deur uit, de bestelling voor de vaccins hebben we in mei al gedaan. Vroeger was dat allemaal veel werk, maar nu is dat zo gepiept. Op die griepmiddag jassen we er in een paar uur 1.200 vaccins door.

Ik verbaas me altijd over de gretigheid waarmee patiënten zo'n prik verwelkomen. Hoewel we pas om half vier beginnen staan de eerste wachtenden om 14.00 uur al te dringen. Het lijkt alsof we geld uitdelen, zoveel zin hebben mensen erin.

Het tegendeel is waar: wíj verdienen die middag bakken geld. Vorig jaar streken de huisartsen volgens gegevens van de Stichting Nationaal Programma Grieppreventie samen bijna 34 miljoen euro op voor een of twee middagjes waarin ze bij elkaar ruim 3 miljoen griepprikken gaven.

Echte influenza is naar, je bent er goed ziek van en je kunt er met veel pech dood van gaan. Een tv-dokter zei pas dat er afgelopen jaar 7.500 mensen overleden waren door de griep. Niemand weet dat echter precies. Het zijn schattingen in de trant van: in de winter gaan er meer en veelal oude mensen dood. Dat zal dus wel door de griep komen. Maar slechts zelden vult een arts influenza als doodsoorzaak op de overlijdenspapieren in. Influenza geeft vaak alleen het allerlaatste zetje.

In ziekenhuizen wordt influenza nergens goed geregistreerd. Volgens het RIVM kijkt slechts één ziekenhuis patiënten met ernstige luchtweginfecties standaard na op influenza en zelfs daar vergeten ze dat vaak. Een kwart van de 124 ernstig zieke patiënten in dat ziekenhuis in het afgelopen griepseizoen had ook een bewezen influenza-infectie. 30 procent van de mensen van wie de huisarts denkt dat ze griep hebben, heeft influenza, de rest heeft een andere virusinfectie. Hoe vaak griep in het verpleeghuis voorkomt weten we niet: het RIVM ontving afgelopen jaar maar 8 monsters uit een verpleeghuis.

Toch staan er straks bij elke huisarts weer flinke rijen, want dokters hebben immers jaren beloofd dat je na een prik geen griep meer krijgt. Dat is een misverstand: in seizoenen met een goede overeenstemming tussen de dode virussen ín het vaccin en de levende, waarvan je ziek wordt, voorkomt de prik zo'n 40 procent van de influenzagevallen. Probleem is dat die 'goede seizoenen' in de minderheid zijn. De afgelopen jaren was er een goede match in 4 van de 11 seizoenen. In die andere 7 seizoenen is de vaccineffectiviteit maar 20 procent.

Bijwerkingen heeft de vaccinatie nauwelijks, daarvoor hoef je het niet te laten, maar het nut van déze vaccinatie is - in tegenstelling tot die voor de mazelen - wel erg gering. Goed handen wassen helpt ook tegen de verspreiding.

Het griepvirus, dat elk jaar een beetje anders is, is voorlopig veel slimmer dan slimme vaccinmakers. Huisartsen, die destijds de griepvaccinatie omarmden en invoerden, waren in ieder geval voor hun eigen portemonnee het allerslimst.

Meer over