Reconstructie

Het korte leven van GW1729f, of Toska, de doodgereden, drachtige wolvin

null Beeld Hugh Jansman - illustraties Anna Boulogne
Beeld Hugh Jansman - illustraties Anna Boulogne

Op zaterdag 6 maart werd tussen Arnhem en Ede een wolvin doodgereden, die drachtig bleek van acht welpen. Bij wijze van requiem: de reconstructie van haar korte leven, tot na haar laatste uren.

Daar ligt ze, met haar lichtbruine gestalte geveld op het grijze asfalt bij Planken Wambuis, tussen Arnhem en Ede. De wolvin houdt haar gestrekte voorpoten bij elkaar. Haar tong hangt dwars uit haar bek. Ze ademt nog, aan haar buik te zien. Nog eenmaal trekt ze haar linker voorpoot op, terwijl ze geluidloos haar bek openspert. Zelfs huilen lukt niet meer. Auto’s rijden stapvoets om haar heen.

Het lijden van de jonge wolf is te zien op een filmpje, gemaakt door een passant. Het zijn de laatste bewegende beelden, niet voor publicatie, van (zo goed als zeker) wolf ‘GW1729f’ op de Zuid-Veluwe. Nog geen twee jaar oud, drachtig van acht welpen, en landelijk nieuws om haar droeve lot: een fatale aanrijding met een auto.

‘We hebben een fraai weekend voor de boeg’, voorspelde het weerbericht in de krant van die zaterdagmorgen, 6 maart. Droog, zonnige perioden, zwakke wind, graadje of 6. Het was dan ook druk bij Planken Wambuis, een oeroud Veluwe-landschap. Hooggelegen zandgrond, met heidevelden, dennen- en eikenbos en statige beukenlanen.

Er werden daar rond die dag bijzondere dieren gemeld op waarnemingssites: een raaf, de zwarte specht, een klapekster. En natuurlijk reeën, zwijnen, een vos. Goede kans dat ze de wolf voorbij hebben zien draven in haar laatste dagen.

De N224, de provinciale tweebaansweg tussen Arnhem en Ede, gaat dwars door het natuurgebied, het bos loopt tot aan het asfalt. 80 km is de snelheidslimiet voor autoverkeer, maar natuurbeschermers weten wel beter: het is, vooral ’s nachts, een verkapte snelweg. Het steekt hen dat de provincie nooit rasters of hekken wilde plaatsen. Vandaar dat veel wild onder de wielen komt.

Ook deze dag. Rond 11 uur ’s morgens kwam ‘GW1729f’ aangelopen vanuit zuidelijke richting. Een ongebruikelijke tijd en plaats voor de nachtrover, die zich overdag grotendeels schuilhield in het noordoostelijk gelegen rustgebied. Er wordt op zaterdag niet gewerkt of gejaagd in het bos. Dan rest maar één verklaring: het dier moet zijn opgeschrikt, door recreanten of hun honden.

Paniek

In paniek stak zij de N224 over, dieper de Veluwe in, richting het rustgebied wellicht, waar bordjes ‘Verboden toegang. Rustgebied’ mensen moeten weren. Zover is de wolf niet gekomen: bij hectometerpaaltje 46.6, op een steenworp afstand van een parkeerplaats en van restaurant Planken Wambuis, waar al in 1782 een herberg zich vestigde, kwam haar bewogen leven met een klap tot stilstand.

De ‘daders’ zijn anoniem gebleven, maar zelfs al reden ze ‘slechts’ 60, dan is het al te laat, zeggen alle kenners: een wolf in paniek kan met zo’n 40 kilometer per uur rennen. Als een wolf dan de weg op schiet, is remmen zinloos.

Het leven van de jonge wolf hield niet op bij haar plotse dood.

Omdat het dier nog leek te leven – de bewegingen kunnen ook stuiptrekkingen zijn geweest – durfden omstanders aanvankelijk niet te naderen. Toen er een verkeersopstopping ontstond, sleepten zij de wolf de berm in.

‘Ik heb al gebeld’, zegt een vrouw buiten beeld tot driemaal toe op het genoemde filmpje. Spoedig daarna ging de telefoon op meerdere plaatsen. De wolf mag zich onbespied wanen, in werkelijkheid loopt hij in een fijnmazig netwerk van instanties die zijn hele existentie trachten te vangen in draaiboeken en bestuurlijke beleidskaders, een Interprovinciaal Wolvenplan en het Monitoringsplan Wolf, opgesteld door ‘regiegroepen’, adviescommissies en beheerinstanties. De bijvangst: kennis.

null Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne
Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne

Een fauna-opzichter en boswachter Frank Theunissen hadden het dier op een zeiltje gelegd en met de auto verplaatst naar een werkschuur van Natuurmonumenten in Oud-Reemst, een kilometer verderop.

Er zijn veel foto’s gemaakt, volgens protocol. ‘Omdat nooit direct duidelijk is wat de doodsoorzaak was, beschouwen we de plek des onheils in eerste instantie als plaats delict’, zegt Glenn Lelieveld, coördinator monitoring van het Wolvenmeldpunt. ‘De wolf kan ook doodgeschoten zijn, dat gebeurt in Duitsland veel, en dat is verboden.’

Lelieveld vond een dag na het ongeval nog een pluk haar in de berm bij de plaats delict. Bloed en weefsel waren nog zichtbaar. Dat het een flinke klap is geweest, staat voor hem vast. ‘De wolf is een sterk dier. In Duitsland worden wel exemplaren gevonden met kogelresten in het lijf, zonder dat die hun doodsoorzaak waren. Zo hard zijn ze.’

Even die naam, GW1729f. Het is een haast boekhoudkundige benaming, bedacht voor en door de wetenschap. GW staat voor de feitelijke aanduiding ‘Genetic Wolf’, de cijfers zijn een volgnummer uit de database van CEWolf, een internationaal consortium dat het dna van Europese wolvenpopulaties in kaart brengt. De ‘f’ staat voor female, vrouwtje.

Elke neiging tot antropomorfisme wordt de kop ingedrukt; dieren vermenselijken leidt alleen maar tot emotie in het toch al verhitte debat over de wolf. Vandaar dat officieuze namen in sommige kringen taboe zijn. Niettemin: ze zijn er, en waarom ook niet.

‘Toska’, zeiden de beheerders. Toska met een ‘k’, zo had de dochter van boswachter Theunissen verzonnen. De partner van de wolvin heet in het veld ook anders dan het klinische ‘GW1490m’: ‘Van Haaften’. Een eerbetoon aan bioloog Jan van Haaften, die veel wolvenonderzoek deed.

Wat weten we van Toska? Best veel, dankzij dna-onderzoek van keutels, sporen en beelden van wildcamera’s. Zij is een nakomeling van de roedel die zich in 2018 op de Noord-Veluwe vestigde. Ze is geboren in 2019, te midden van tenminste vier broers en zussen. Eén broer kwam ook al om door een aanrijding, op de Noord-Veluwe. Toska zwierf naar het zuiden, haar eerste aanwezigheid werd aangetoond op 20 juni 2020. Ze ging een warme winter in: eind december kreeg ze een partner. De gelukkige – GW1490m, alias ‘Van Haaften’ – was in november vanuit Duitsland Nederland binnengelopen. Op vrijersvoeten trok hij via Overijssel en Vaassen (boven Apeldoorn) naar de Zuid-Veluwe, waar de twee veelvuldig samen werden gezien door wildcamera’s. De paarvorming duidde op heuglijk nieuws. Boswachter Theunissen zag het aankomen: ‘Toska ging holen graven. Dat doet een wolf alleen wanneer er welpen komen.’

Eind april, begin mei had het moeten gebeuren. Had.

Sectie

Die fatale zaterdagmorgen ging ook de telefoon van Hugh Jansman. De dierecoloog van Wageningen Environmental Research heeft de opdracht bij ongevallen het dier veilig te stellen voor onderzoek. Samen met een collega van het Dutch Wildlife Health Centre van de Universiteit Utrecht verrichtte hij sectie, om leeftijd, geslacht en conditie vast te stellen. Monsters werden afgenomen voor genetisch, veterinair en toxicologisch onderzoek, onder meer om de doodsoorzaak vast te stellen, en eventuele dierziekten die mogelijk het reactievermogen hebben beïnvloed of gevaarlijk voor de mens kunnen zijn. Sommige uitslagen vergen weken; officieel staat nog niet vast dat dit ‘GW1729f’ was, al twijfelt niemand.

Rond half een kwam Jansman aan bij de werkschuur in Oud-Reemst. Het lukte de collega uit Utrecht die dag niet erbij te zijn, dus nam Jansman Toska mee in zijn auto. De vierde wolf die hij in de achterbak heeft gehad.

De volgende dag kon Jansman in Utrecht terecht. De sectie gaf geen indicatie voor verzwakking. De jongvolwassen wolf was ‘in zeer goede conditie’, goede maaginhoud ook. Ze woog 35,5 kilo en was 156 centimeter lang.

null Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne
Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne

In haar baarmoeder troffen de onderzoekers acht pril ingenestelde embryo’s aan. Dat ze drachtig was, werd pas een week later bekend. Een bureaucratische wending: de provincies wilden dat nieuws meenemen in een tussenrapportage over wolven in Nederland, die een week later zou verschijnen.

De wolf is ook getest op corona. Jansman: ‘Wij ecologen zijn er alert op dat corona via mensen of huisdieren de natuur in komt en van daaruit weer mensen zou besmetten, zoals het risico was in de nertsenfokkerij.’

Hoe die uitslag ook zal zijn, Toska lijkt indirect al coronaslachtoffer. Door het virus trokken meer mensen de natuur in, een van de weinige toegestane verzetjes. Die drukte heeft deze wolf de das omgedaan, denken alle betrokkenen.

Huppelen

Degene die haar het vaakst heeft gezien, heeft haar nooit levend ontmoet. Daar kon Frank Theunissen zelf prima mee leven. ‘Ik had er genoeg aan te weten dat ze er was. Ik wilde haar ook zo min mogelijk tot last zijn.’ Wel tweehonderd keer heeft hij Toska voor de wildcamera gehad, schat Theunissen. Veel filmpjes plaatste hij op het ‘wolvenblog’ van zijn werkgever, Natuurmonumenten. Daar zie je haar, drinkend aan de rand van een met kroos overdekt ven. Dan eens dravend, met die lichte, verende tred; een huppelen op hoge poten.

Theunissen kende Toska als geen ander. Haar ‘schonkige’ gestalte. Haar vaste routes door het territorium. Haar pootafdruk van 10 bij 7,5 centimeter, kleiner dan de 12 bij 8,5 van haar partner Van Haaften.

Toska had een specifieke bijzonderheid: haar liefde voor de camera. Theunissen: ‘Ze zocht vaak interactie. Kwam ze in een drafje voorbij, dan zag je haar vaak even naar de camera kijken. Soms liep ze ernaartoe, blikte even in beeld, rook aan de camera of lebberde die even af. Alleen Toska deed dat, haar mannetje nooit.’

Waarom? Mogelijk omdat de camera soms geluidjes maakt, zoals bij het omschakelen van dag- naar nachtstand, zegt Theunissen. Mogelijk ook dat ze afkwam op zijn lichaamsgeur, die aan de camera’s moet hebben gezeten.

Zo heeft Theunissen haar rap volwassen zien worden. ‘Dat deed ze met verve, het riep respect op.’ De laatste beelden zijn van twee dagen voor haar dood. ‘Ze hield weer even de pas in, keek de lens in, en stapte weer door’, zegt Theunissen. Er een afscheidsgroet in zien is verleidelijk, maar dan slaan we al weer aan het vermenselijken.

De enige keer dat Theunissen ‘zijn’ Toska in werkelijkheid ontmoette, was kort na het ongeluk. In die werkschuur, waar ‘zijn’ wolf levenloos op een zeiltje lag. ‘Ik kroelde even achter haar oor, en dat was het.’

Theunissen was er dagen kapot van, evenals andere leden van zijn team. ‘Je moet het vergelijken met de dood van je hond. De eerste nachten heb ik er niet van geslapen. Goed, het is ‘maar’ een wild dier. Die wolf had natuurlijk niets met mij, zo afstandelijk kan ik er heus naar kijken. Maar het is zo zonde. Ook omdat dit voorkomen had kunnen worden.’

Hoe? Als recreanten zich aan de regels zouden houden: niet buiten de paden, honden aan de lijn. Als de overheid rasters of hekken had geplaatst en snelheidslimieten zou aanpassen.

Toska was ‘de meest voorbeeldige wolf’, zegt ook Glenn Lelieveld. ‘Niemand heeft ooit last van haar gehad. Voor zover wij kunnen weten heeft ze nooit een schaap aangevallen, enkel wild.’

Meer dan 50 vierkante kilometer had ze niet nodig, en dat is niet veel, volgens de observanten. Het betekent dat er voor de adaptieve soort die de wolf is nog ruimte genoeg is voor meer wolven dan de huidige twaalf. Zeker zo’n 40 tot 50 territoria, schat Lelieveld in.

Met de dood van de drachtige Toska liep de ontwikkeling van de wolf in Nederland een deuk op, maar het is niet het einde van de opmars, zeggen alle betrokken. Die eindigt niet op klaarlichte dag tegen een bumper op de N224.

null Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne
Beeld natuurmonumenten.nl - illustratie Anna Boulogne
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden