INTERVIEW

Het algehele onbegrip voor dekolonisatie Nederlands-Indië

Interview: Gert Oostindie, historicus

De Tweede Wereldoorlog eindigde op 15 augustus 1945. Bij die datum staat Nederland niet graag stil, want hij markeert ook het begin van een beschamende periode.

Midden-Java, toenmalig Nederlands-Indië, december 1948: Nederlandse militairen houden soldaten van het TNI (Indonesische Nationale Leger) onder schot. Beeld Ton Schilling

Maandag, op de 71ste verjaardag van de capitulatie van Japan, zal Gert Oostindie op de televisie tekst en uitleg geven bij de beelden van de nationale herdenking bij het Indisch Monument in Den Haag.

'Over de kijkcijfers maak ik mij geen illusies', zegt Oostindie (61), hoogleraar aan de Universiteit Leiden en directeur van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde. 15 augustus - het formele einde van de Tweede Wereldoorlog - heeft in het collectief geheugen nooit de plaats verworven van 4 of 5 mei.

Er is ook geen nationale consensus over wat op deze dag precies wordt herdacht. Dat hangt samen met het feit dat met de Japanse overgave de onrust in Indonesië nog niet ten einde was. Duizenden Indische Nederlanders - mensen met een gemengd Nederlands-Indonesische achtergrond - Europeanen en Chinezen werden tijdens de zogenoemde Bersiap (najaar/winter 1945) gruwelijk vermoord. En tijdens de daarop volgende dekolonisatieoorlog zouden nog eens vijfduizend Nederlandse militairen en honderdduizend Indonesiërs om het leven komen.

15 augustus markeert dus het begin van een periode die Nederlanders eensgezind hebben verdrongen.

Waar het vandaag dus om gaat? Niet primair om een herdenking van oorlogshandelingen. 'We herdenken de Nederlanders die de oorlogsjaren in Japanse kampen hebben doorgebracht, maar ook de Indische Nederlanders. De mensen die tijdens de bezetting onder vaak erbarmelijke omstandigheden buiten de kampen leefden, die na de bezetting door Indonesische nationalisten als verraders werden gezien, en die na de soevereiniteitsoverdracht niet erg welkom waren in Nederland. Wat kom je hier eigenlijk doen, was de benadering die hun hier ten deel viel. De nationale herdenking is mede door die groep zelf afgedwongen, als een correctie van de onverschilligheid van vroeger: jullie horen er wel degelijk bij.'

Waardoor is de dekolonisatie van Indonesië zo slordig verlopen?

'Dat hing samen met het algehele onbegrip in Nederland voor het Indonesisch nationalisme en voor wat sinds 1942 in Indonesië was gebeurd. Men wilde niet beseffen dat de koloniale samenleving niet alleen was verwoest door de Japanners, maar ook doordat het nationalisme veel sterker was dan gedacht.

'Soekarno (die op 17 augustus 1945 de Indonesische onafhankelijkheid had uitgeroepen, red.) werd hier gezien als een Mussert. Een landverrader die een naïef volk had misleid. Met zo iemand wilde de Nederlandse regering aanvankelijk niet eens om tafel zitten. In de Nederlandse perceptie was Indonesië niet alleen onmisbaar - economisch en geopolitiek - maar werd ook de steun van de Indonesiërs voor het Nederlandse gezag schromelijk overschat.'

De Bersiap, de moordpartij op Nederlanders en Indische Nederlanders, zal de regering ook niet toeschietelijker hebben gemaakt.

'Die Bersiap en overigens ook al het geweld tussen Indonesiërs onderling, vormt een gruwelijke paradox in het dekolonisatieproces. De Nederlandse regering heeft hiermee de zogenoemde politionele acties willen legitimeren: als we niet ingrijpen, wordt het nooit rustig. Maar je kunt de vraag stellen of met de inzet van Nederlandse militairen de chaos niet onbedoeld werd vergroot.'

Hebben andere koloniale machten de tekenen des tijds beter verstaan?

'Elke koloniale macht heeft ondervonden dat dekoloniseren veel moeilijker is dan koloniseren. De Britten waren vaak nog betrekkelijk pragmatisch: zij onderkenden op een zeker moment dat hun enorme rijk niet te handhaven was. De Fransen deden daar langer over. De dekolonisatie van Algerije - nota bene een Franse provincie - was een uiterst bloedige aangelegenheid, ook omdat 1 miljoen Fransen het als hun vaderland beschouwden. Ze zetten hun hakken in het zand. Die houding zag je ook bij veel Indische Nederlanders en bij het kader van het KNIL, het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger: voor hen zou in een onafhankelijk Indonesië immers geen plaats zijn.'

Gert Oostindie op zijn kantoor in Leiden Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Verklaart dat waarom het KNIL meer misdrijven zou hebben gepleegd tijdens de dekolonisatieoorlog dan de landmacht, die vooral uit dienstplichtigen bestond?

'Nou, je moet voorzichtig zijn met die aanname. Maar het is waar: het gros van de Nederlanders waren dienstplichtigen die nog nooit eerder in Indonesië waren geweest. Het KNIL daarentegen wortelde in de koloniale cultuur en had al decennia het hoofd geboden aan opstanden. We zien Nederland altijd als een land zonder militaire traditie, maar in voormalig Nederlands-Indië was die traditie er wel degelijk. Daar waren militairen gewend om strijd te leveren en slachtoffers te maken, ook onder ongewapende dorpelingen.'

De vraag is of die praktijk de uitzondering was of de regel.

'In 1969 nam de Nederlandse regering het standpunt in dat oorlogsmisdrijven uitzonderlijk waren geweest. Dat standpunt is na alle onthullingen van de laatste jaren niet meer houdbaar en Nederland lijkt ook wel bereid om dat onder ogen te zien. Maar we weten nog heel veel niet. Hoe heeft bijvoorbeeld de legerleiding zich opgesteld? Ik denk nog steeds dat het plegen van wreedheden niet werd aangemoedigd, maar dat er wel werd weggekeken. Ook omdat gericht geweld soms best effectief was.'

Effectief?

'Gruwelijk, maar waar, vanuit een beperkte militaire logica. Zo stelde Raymond Westerling - kapitein bij het Korps Speciale Troepen - naderhand onomwonden dat hij geregeld groepen Indonesiërs liet executeren om er goed de schrik in te jagen. Hij beweerde daarmee juist veel mensenlevens te hebben gespaard. Kille bombardementen vanaf grote afstand maakten volgens hem veel meer onschuldige slachtoffers. Dát waren pas oorlogsmisdaden volgens hem.'

Voor uw recente boek Soldaat in Indonesië heeft u vele honderden egodocumenten van militairen geraadpleegd. Hoe kijken zij terug op hun aandeel in de oorlog?

'Velen hebben in wrok gezwegen over wat ze in Indonesië hebben gedaan en meegemaakt. Dat lijkt wel wat op de Indische ervaring, waarover Adriaan van Dis ooit zei: ze hebben gezwegen met een uitroepteken - niemand wil weten hoe het er daar aan toeging, nou, láát dan ook maar. Dat is de geest die in veel van die documenten doorklinkt.

'De veteranen hebben zich ondergewaardeerd en onbegrepen gevoeld. Tot hun dood wilden velen geloven dat die verloren oorlog toch niet helemaal zinloos was geweest. Dat het zonder hen allemaal nog veel erger was geweest. En als je die getuigenissen onbevangen leest, dan begrijp je hun dilemma's ook beter, en waarom het soms vreselijk uit de hand liep. Dat houd ik mijn studenten ook voor: wees voorzichtig met de gedachte dat jullie het allemaal 'goed' zouden hebben gedaan.'

Waarom heeft Nederland zolang geaarzeld om dit verleden onder ogen te zien?

'De politieke en militaire top, maar ook de 'repatrianten' en de Indië-veteranen wilden die discussie helemaal niet. En veel breder leefde ook ongeloof: oorlogsmisdaden, dat hoort niet bij ons land, wij zijn toch een progressief gidsland? Daarbij paste geen Vietnam-achtig verleden. Wat de aandrang ook heeft getemperd, is dat Indonesië er geen behoefte aan had dat verleden op te rakelen.'

Hoe kwam dat zo?

'Dat heeft te maken met de oorsprongsmythe van de Republiek Indonesië: een heroïsch, eensgezind volk schopt de wrede kolonisatoren het land uit. Kritisch zelfonderzoek zou aan het licht brengen dat veel gemeenschappen die nu de Republiek Indonesië vormen ook elkaar te vuur en te zwaard bevochten, en dat ook Indonesiërs onderling gruwelijke wreedheden begingen. Tot voor kort waren dat onbespreekbare thema's.'

Nu niet meer?

'Er is een voorzichtige kentering gaande, wat ermee zou kunnen samenhangen dat president Joko Widodo minder met het leger is verbonden dan zijn voorgangers. Van Soldaat in Indonesië verschijnt nu een Indonesische vertaling, in september houd ik in Indonesië een lange reeks lezingen over dat boek. Een jaar of tien geleden zou dat ondenkbaar zijn geweest. Nog maar twee jaar geleden vroeg de huidige minister van Buitenlandse Zaken Retno Marsudi onze onderzoekers: die Bersiap, wat was dat nu eigenlijk?

'Daaruit blijkt toch de toenemende bereidheid om het eigen verleden onder ogen te zien. En vergeet niet: wij in Nederland hebben er ook tientallen jaren over gedaan.'

Koloniaal rijk in ontbinding

7 december 1941
Nederland verklaart Japan de oorlog als reactie op de Japanse aanval op Pearl Harbor

11 januari 1942
Japanners vallen Nederlands-Borneo binnen

5 maart 1942
Batavia (hoofdstad van Nederlands-Indië) bezet

15 augustus 1945
Japan capituleert

17 augustus 1945
Soekarno roept de Indonesische onafhankelijkheid uit

21 juli-5 augustus 1947
Eerste 'politionele actie'

19 december 1948-5 januari 1949
Tweede 'politionele actie'

27 december 1949
Soevereiniteitsoverdacht in het Paleis op De Dam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.