feiten voor bij de borrelvogeltellingen

Hebben vogels baat bij de coronacrisis?

Voor wie thuis zit: doe als de Drenten (de meest fanatieke vogelaars), tel de vogels in uw tuin en kijk of ook bij u de mus op nummer 1 staat.

Vogeltelling in NederlandBeeld Volkskrant Infographics

Voor als bij de volgende zoomborrel de discussies weer hoog oplopen over mondkapjes, exitstrategieën en groepsimmuniteit, kunt u maar beter de feiten bij de hand hebben. Over een ánder onderwerp. Nu we er niet op uit kunnen trekken, is het de perfecte tijd om het over vogels in de tuin te hebben. Welke vogels zijn de winnaars en verliezers van deze pandemie? En welke Nederlanders zijn het best in het tellen van vogels?

Elke winter organiseert de Vogelbescherming de Nationale Tuinvogeltelling. Nederlanders wordt gevraagd drie dagen lang zo veel mogelijk vogels te tellen. Er zijn dit jaar ruim 1,5 miljoen vogels geteld door 90 duizend deelnemers. Toepasselijk nu: de huismus is, met 300 duizend waarnemingen, de meest getelde vogel. Alleen in Zuid-Holland werd de koolmees meer gezien dan de huismus.

De meest fanatieke vogelaars zijn de Drenten, 8 op de 1.000 inwoners deden mee aan de telling. Bijna twee keer zoveel als in Zuid-Holland. In Drenthe telden de deelnemers gemiddeld 23 vogels, in Utrecht waren dat er slechts 15. Maar dat is misschien geen eerlijke vergelijking: 82 procent van de Drentse huizen is een eengezinswoning, terwijl in Utrecht en Zuid-Holland respectievelijk 37 en 52 procent van de woningen flats of appartementen zijn.

Het is niet zo dat ze in Drenthe een paar dagen pieken, ook in de Jaarrond Tuintelling staat Drenthe bovenaan, 4 van de 1.000 inwoners tellen het hele jaar door. Opmerkelijk is dat in deze telling die het hele jaar doorgaat de koolmees bovenaan staat en de huismus pas op plek 8. Trekken huismussen er in het laatste weekend van januari massaal op uit? Waarschijnlijker is dat oefening kunst baart. Door het hele jaar vogels te tellen, wordt een mens misschien beter in het onderscheiden van mezen en mussen.

De laatste jaren is de leefomgeving van veel vogels behoorlijk anders geworden door de zachtere winters. Ondanks hun namen lijken ijsvogels en winterkoninkjes baat te hebben bij de mildere temperaturen. Ook koolmezen doen het goed. Hoogleraar dierecologie Christiaan Both van de Rijksuniversiteit Groningen meldt in Trouw dat trekvogels nu vaak te laat zijn voor het eten: tegen de tijd dat zij terugkomen uit Afrika is het voedsel al op in Nederland. Trekvogels zijn dus tot nu toe onder de vogels de grote verliezers van de klimaatverandering.

De pandemie daarentegen lijkt op het eerste gezicht alleen maar voordelen voor vogels te hebben, door minder verkeer, minder vliegtuigen en minder uitstoot van CO2. Toch vreest het Brabants Landschap dat het aantal weidevogels juist zal afnemen.  Door de maatregelen tegen corona zijn er te weinig vrijwilligers om nesten te markeren. Hierdoor kunnen boeren minder goed de nesten ontwijken bij het ploegen en maaien. 

De invloed van de maatregelen op tuinvogels is nog niet helemaal duidelijk. Maar dit is natuurlijk het ideale moment om het verschil te leren tussen een koolmees en een huismus. Ziet u nu andere vogels in uw tuin dan in de tuintelling? Dan kunt u tijdens de volgende borrel uw eigen cijfers te berde brengen en samen met uw Hangout-vrienden bepalen welke vogels de winnaars zijn van deze crisis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden