Gremdaat en het gezond verstand

'Straks', kent u die uitdrukking? 'Straks komt straks nooit meer terug. Als straks nu geworden is, wou je dat het weer straks was', aldus dominee Gremdaat in een van de hem zo typerende, kernachtige preken....

HENK MULLER

Zijn andere preken, waarvan de 36 beste nu gebundeld zijn in Kent u die uitdrukking? (Podium, f 15), vallen meestal een stuk langer uit dan Straks. Vandaar dat Straks zo in het oog springt. 'Straks ga ik wandelen, straks belt mijn grote liefde aan, straks wordt het lente, straks word ik vrolijk, straks ben ik directeur.' Het is allemaal heel herkenbaar, en daarin schuilt de kracht van Gremdaats preken.

Een andere korte preek, Bijna, laat zien dat Gremdaat een man van de hoop is: 'Bijna gelukkig zijn, bijna geslaagd, bijna naar bed met deze of gene en bijna een lentegevoel.' Met 'bijna' hou je hoop en verwachting levend: 'Nu lig ik bijna op het meisje van mijn dromen, maar straks lig ik er helemaal op'.

Hoop is een christelijke deugd, net als geloof en liefde. Dominee Gremdaat is in dat opzicht een ander geestelijk leidsman dan anderen. Zijn stijl is ouderwets. Het begin van zijn preken is zo herkenbaar door generaties van voorgangers die, als de preek begon, hun toehoorders in zak of tas deden grijpen om pepermuntjes te pakken waarop ze net zo lang konden zuigen tot ze op waren. Dat moment viel, als het goed was, samen met het einde van de preek. Zoet en hartig vielen zo samen en werden één, zou Gremdaat zeggen.

Maar Gremdaat is vooral zo anders omdat hij het over de mens heeft en niet over God. Hoogstens over de god in jezelf, zeg maar je gezond verstand. In Je eigen God spelen beschrijft hij de balans van twee innerlijken in dezelfde persoon. Eén persoon minder dan drie personen in de drie-eenheid van de christelijke God, maar die zijn dan ook goddelijk, en niet zo feilbaar als de twee-eenheid waarop Gremdaat zinspeelt. Met alle gevolgen van dien: 'Want je spontane innerlijk zegt: zal ik een boek schrijven, en je goddelijke innerlijk: doe maar niet. Je uitgeversinnerlijk zegt: laten we meteen starten met een oplage van dertigduizend, en het goddelijke innerlijk zegt: begin met vijftienhonderd.'

In de groentezaak waar Gremdaat zijn preek mee begint, ziet hij een prachtige vrouw. Ze is de enige klant. Kent u dat? Enige klant in een te grote winkel? Of: de enige zwemmer in een te grote zee, de enige man in een te grote vrouw? De enige schrijver op een te groot boekenbal? Gremdaat nodigt de vrouw uit om koffie te drinken en dan te zien hoe de dag zich ontrolt. De vrouw geeft Gremdaat echter 'een geweldige dreun' en hij smakt bloedend als een rund op de grond. Ineens twijfelt hij 'aan het bestaan van de goedheid van de gehele mens, aan de wil te strijden tegen discriminatie en aan het bestaan van een hogere macht'. Het goddelijke in de mens heeft het afgelegd tegen het menselijke in de mens, concludeert hij.

Maar hoop, geloof en liefde blijven overeind bij dominee Gremdaat. Over God of Jezus heeft hij het niet. In dat opzicht is hij een late volgeling van de school theologen die in de jaren zestig God doodverklaarde. Dat zal ook zo ongeveer de periode zijn geweest waarin Gremdaat theologie studeerde en zijn begrip voor heel de mens ontwikkelde.

Het motto van deze dominee is dat alles mag: een kleindochter die opa vastbindt en verkracht? Dat mag, mits opa het prettig vindt. 'En als lerares naar de herensauna gaan met je knapste damesleerling? Dat mag ook. Maar wat mag dan niet? Alles mag. Alleen iemand de mond snoeren, dat mag niet. Iemand in zijn vrijheid beperken, dat mag niet.' Of, zoals hij in zijn preek Wat een rotdag zegt: 'Stuur koning Schaamte, koning Twijfel en koning Minderwaardigheidscomplex maar even op vakantie. Doe die rotzakken maar even de deur uit', om daar aan toe te voegen: 'Wat een rottip.'

Gremdaat houdt van mensen - niet in de laatste plaats van zijn vrouw Geurtie, aan wie hij het boekje opdraagt. Zij was een rots in de branding als Gremdaat na enerverende nachten of slopende dagen thuiskwam. Hij spreekt de hoop uit dat Geurtie 'door dit boek begrijpt waar en met wie ik bezig was'. Dat kan op een stationnetje zijn geweest, in een parkje of in een lift waar Gremdaat en een vrouw intieme handelingen pleegden tot het moment waarop de lift openging en 'honderden mensen, mannen en vrouwen, ouderen en kinderen, honden en katten naar dit wel zeer merkwaardige tafereel keken'.

De omstanders stortten zich op Gremdaat, 'de goorling', kotsten hem uit en hadden medelijden met zijn vrouw. Gremdaat sloeg zich erdoorheen. Hij diende een hoger doel: de schaamteloze vrouw had plots haar schaamte weer terug. 'Mijn opzet was geslaagd. Terug naar het begin, terug naar de beschaafde schaamte. Is misschien ook wel iets voor u.'

Henk Müller

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden