Gezocht: een atoomnaam die wat beter bekt dan ununtrium

Japanse atoomchemici van het Riken-lab in Tokio kunnen hun geluk niet op nu de internationale unie van scheikundigen IUPAC hun vondst heeft erkend van een nieuw chemisch element. Dat kunstmatige en totaal instabiele element-113 komt in geen enkele scheikundedoos voor, maar de ontdekkers mogen er wel als eerste een naam en een chemisch symbool voor verzinnen. Dat was altijd het exclusieve domein van Amerikanen en Europeanen.

Foto Associated press

'Reken maar dat ze al jaren zaten te popelen met een mooie toepasselijke naam', zegt prof Willem Koppenol van de ETH in Zürich, die jaren geleden voor IUPAC de regels voor naamgeving van elementen ontwierp. 'Knallende ruzies zoals in het verleden zijn niet te verwachten', verwacht hij. Op internet doen inmiddels namen de ronde als japonium (Jp) of tokionium (Tk) voor het element dat jarenlang provisorisch ununtrium heette, fantasielatijn voor 113. Over twee jaar moet de naamgeving rond zijn.

Het nieuwe Japanse element komt in de normale wereld niet voor, maar wordt heel af en toe gevonden als met een versneller keihard zinkatomen op een trefplaat van bismut worden geschoten. Daardoor versmelten atomen soms tot een atoom met 113 protonen in de kern, veel zwaarder dan normale atoomkernen en zeer instabiel. Het valt daarom direct weer uit elkaar. Normaal wordt uranium-92 gezien als het zwaarste natuurlijke element dat nog min of meer stabiel is.

De Japanse onderzoekers zagen in hun experiment al in 2003 het eerste atoom van het onbekende element-113, maar hadden daarna tien jaar lang de grootste moeite om de meting te herhalen. Intussen eisten ook Amerikanen en Russen de ontdekking op.

Terecht

Volgens atoomfysicus prof Nasser Kalantar van het Kernfysisch Versneller Instituut in Groningen is echter terecht gekozen voor de Japanse aanspraak. 'De Japanners maken rechtstreeks 113 en zien dat ook vervallen. De Amerikanen maakten element 115 dat onderweg eerst naar 113 vervalt en dan verder. Dat is mooi, maar toch indirecter bewijs.'

De chemie-unie erkende tegelijk met 113 eind december overigens ook de ontdekkingen door Amerikanen en Russen samen van de zware en instabiele elementen 115, 117 en 118. Ook daarvan zijn maar een handjevol voorbeelden gevonden.

Het onderzoek naar superzware kunstmatige elementen is al decennia een wedloop tussen diverse laboratoria, waarbij de vraag is of er wellicht nog veel zwaardere elementen zijn die wel stabiel blijken.

Eiland

De vondst van zo'n 'eiland van stabiliteit' zou een intrigerende onbekende wereld openen en acuut goed zijn voor een Nobelprijs, denkt Kalantar. 'Er wordt hard gewerkt aan nieuwe intensere versnellers en betere trefmaterialen. Als het eiland bestaat, moet het binnen tien tot vijftien jaar te zien zijn. Anders moeten we er over ophouden.'

Namen-official Koppenol heeft intussen zijn eigen problemen. 'De regel is dat de nieuwe elementen altijd op -ium eindigen. Maar element-117 is een halogeen en die moeten zoals fluor of jood in het engels eindigen op -ine.' Hij heeft net een aanpassingsvoorstel de deur uit.

Meer over