Geïsoleerde bacteriën blijken resistent voor antibiotica

Leden van een geïsoleerd levende indianenstam in het Amazonewoud die voor zover bekend nooit met antibiotica in aanraking zijn geweest, blijken bacteriën bij zich te dragen met genen die zorgen voor resistentie tegen deze medicijnen. Deze ontdekking lijkt aan te geven dat deze resistentiegenen van nature aanwezig zijn in lichaamseigen bacteriën, dus al voordat antibiotica als geneesmiddel werden geproduceerd.

Beeld Thinkstock

Amerikaanse en Venezolaanse wetenschappers onderzochten de lichaamseigen bacteriën van een groep Yanomami-indianen, die waarschijnlijk duizenden jaren afgesloten is geweest van de buitenwereld. De dorpelingen werden in 2009 aangetroffen in een afgelegen bergachtig deel van het Amazonegebied in het zuiden van Venezuela. Bij 34 indianen werden bacteriën uit de mond, de darmen en van de huid onderzocht.

De onderzoekers ontdekten dat de verscheidenheid aan bacteriën die de indianen bij zich dragen veel groter is dan die bij mensen in geïndustrialiseerde landen. De bacteriële gemeenschap van Europeanen en Amerikanen is zo'n 40 procent minder gevarieerd dan die van deze indianen. De onderzoekers gaan ervan uit dat de verminderde bacteriële diversiteit een gevolg is van het dieet van de moderne mens en van blootstelling aan (moderne) antibiotica.

Verstoring

Welke invloed de verminderde diversiteit van de biljoenen bacteriën van de mens heeft op de gezondheid is onbekend. Maar in het algemeen worden bacteriën in en op het menselijk lichaam van belang geacht voor een goede gezondheid. Uit eerdere onderzoeken is naar voren gekomen dat verstoring van het bacteriële evenwicht vermoedelijk kan leiden tot diverse chronische ziekten, waaronder astma, zwaarlijvigheid en diabetes.

De onderzochte Yanomami-indianen zouden nooit te maken hebben gehad met door de mens geproduceerde antibiotica. Toch werden in bacteriën uit de mondholte en de ontlasting genen gevonden die niet alleen zorgen voor ongevoeligheid voor natuurlijke antibiotica die zich in de bodem bevinden, maar ook voor de halfsynthetische en synthetische moderne antibiotica.

Resistentiegenen

Voordat de mens antibiotica begon te gebruiken om infecties tegen te gaan hadden bacteriën die voorkomen in de bodem al natuurlijke antibiotica voortgebracht. Dit om concurrerende microben uit te schakelen. Tegelijkertijd beschermden bacteriën zich tegen de antibiotica van hun rivalen met resistentiegenen. Het tegenwoordige omvangrijke gebruik van antibiotica in de geneeskunde en de landbouw heeft dat proces versterkt. Genen die bacteriën helpen antibiotica te weerstaan ontwikkelen en verspreiden zich steeds verder en bemoeilijken de behandeling van bacteriële infecties.

Willem de Vos, hoogleraar microbiologie aan Wageningen Universiteit, noemt de vondst van de resistentiegenen verrassend en een extra reden om terughoudend te zijn met het gebruik van antibiotica. Volgens De Vos, die niet betrokken is bij het onderzoek, kan niet worden uitgesloten dat deze genen afkomstig zijn van bacteriën die vanuit westerse gebieden door de lucht of door water zijn getransporteerd. Ook de onderzoekers, die hun studie publiceerden in Science Advances, sluiten niet uit dat er ondanks het isolement van de indianen ruilhandel is geweest, waardoor de resistentie-genen kunnen zijn overgebracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden