Extreem vroeg geboren baby krijgt niet altijd beschikbare hulp

Extreem vroeg geboren baby's krijgen lang niet altijd alle hulp die de wetenschap te bieden heeft, blijkt uit een nieuwe studie. Vooral de allerzwaksten vallen buiten de boot.

Na 28 weken geboren baby op de afdeling neonatologie van het AMC in Amsterdam. Foto Joost van den Broek / de Volkskrant

Bijna de helft van de zeer vroeg geboren baby's krijgt niet alle hulp die wetenschappelijke richtlijnen voorschrijven. Dit blijkt uit een studie in het British Medical Journal, waarbij onderzoekers de zorg voor deze prematuren in elf Europese landen onder de loep namen. In de studie werden twee Nederlandse regio's onderzocht. Daar bleek zelfs meer dan de helft van de zeer vroeg geboren baby's niet volledig volgens de richtlijnen te worden behandeld, met daardoor een hoger risico op complicaties en sterfte.

Kinderen die tussen 24 en 32 weken zwangerschap worden geboren maken twee procent uit van alle geboortes, maar de helft van de babysterfte. Ze zijn kwetsbaar omdat hun longen nog niet rijp zijn, ze snel infecties oplopen en hun temperatuur snel daalt doordat hun huid nog erg dun is.

Artsen kunnen daarom vier sleutelmaatregelen nemen: allereerst moet de zwangere bevallen in een ziekenhuis met een afdeling neonatologie. Ook moet de gynaecoloog, wanneer daar nog tijd voor is, de zwangere uiterlijk 48 uur voor de bevalling een injectie met corticosteroïden geven. Die versnellen de longrijping van het ongeboren kind.

Vier maatregelen

Na de geboorte moet de neonatoloog de temperatuur van het kind boven de 36 graden houden en de ademhaling ondersteunen, door beademing of door binnen twee uur een 'surfactant' toe te dienen. Dat is een middel dat de longblaasjes openhoudt.

De onderzoekers volgden 7.336 kinderen die in 2011 werden geboren tussen de 24 en 32 weken zwangerschap. Ze hielden bij welke van de vier maatregelen hun artsen namen, of de baby's overleefden en of ze ernstige complicaties opliepen. Losse maatregelen werden weliswaar bij bijna alle kinderen toegepast, maar bij slechts 58 procent van de vroeggeborenen gold dit voor het hele pakket, iets hoger dan in de twee Nederlandse regio's. Het op peil houden van de temperatuur scoorde het laagst, dat gebeurde bij een kwart van de kinderen niet.

Opvallend genoeg werden juist bij de zwakste, kleinste en vroegst geboren kinderen minder vaak alle vier de acties ondernomen. 'Je zou zeggen dat die de hulp het hardst nodig hebben', zegt Arno van Heijst, hoofd van de afdeling neonatologie in het Radboudumc in Nijmegen en een van de auteurs. 'Maar de praktijk blijkt anders.'

'Het is jammer dat de onderzoekers niet met verklaringen komen voor deze verschillen', zegt Anton van Kaam, hoogleraar neonatologie in het AMC in Amsterdam en voorzitter van de sectie neonatologie van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde.

Isolerend plastic

Van Kaam: 'Als een arts bijvoorbeeld weigert een zwak kind aan de beademing te leggen, is het kwalijk, maar het kan ook zijn dat het gewoon niet mogelijk is.'

Bij zwakkere kinderen is vaker sprake van spoed en zijn de artsen langer bezig in de verloskamer om het kind te stabiliseren. Dan kan het te laat zijn om het kind surfactant toe te dienen of het in isolerend plastic te wikkelen. Ook hebben extreem vroeggeborenen zo'n dunne huid dat ze veel sneller afkoelen. Het kan ook gebeuren dat in de stress deze eenvoudige maatregelen er simpelweg bij inschieten.

Als bij alle kinderen alle vier de acties ondernomen waren, waren mogelijk in heel Europa 120 sterfgevallen te voorkomen, 18 procent van het geheel, becijferen de onderzoekers. Wel plaatsen ze een kanttekening bij deze conclusie: het kan zo zijn dat de kinderen bij wie minder acties zijn ondernomen er al slechter aan toe waren en ondanks de extra acties alsnog zouden overlijden.


'De studie laat in elk geval zien dat aandacht voor al deze maatregelen belangrijk is,' zegt Van Kaam, omdat niet één ervan, maar het hele pakket het verschil maakt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.