EO's ideale verleider

De EO loopt in medialand voorop in het gebruik van moderne massamedia. Dat was en is te zien bij de dramaserie To Meet the Maker, met een virtuele werkelijkheid....

Marijn van der Jagt

'OP een dag kreeg ik een vreemde e-mail', zegt de man in het leren jack. 'Een uitnodiging.'

De man stapt een blauwe leegte binnen en wordt gevangen in een groen oplichtend raster. Zijn beeld bevriest en vergruist tot televisiesneeuw. Dan zien we vanuit de ruimte iets op de aarde afkomen en door een gat vallen. Misschien de man in het leren jack, die via een of andere satelliet naar een parallelle wereld wordt gebliept.

Als dit het begin zou zijn van een Nederlandse dramaserie, dan is die vast van de VPRO. In de series en (korte) films die deze omroep produceert, figureren vaak de modernste media. De wens om actueel drama te maken, leidt hier geregeld tot acteurs die met elkaar kibbelen via chatboxen, video-conference of sms-berichten.

Maar er is één andere omroep die de VPRO in hipheid naar de kroon steekt. De futuristische intro van de weggebliepte man is het begin van EO's To Meet the Maker. Een in eigen huis ontwikkelde, tiendelige serie die op televisie zojuist is afgesloten, en die sinds deze week in een speciale internetversie op de site staat van de EO. Een dramaserie waarin de hoofdpersonen rondlopen in een nadrukkelijk benoemde virtuele werkelijkheid. Waarin net als in William Gibsons cyberpunk-romans computergegenereerde menselijke wezens optreden, zoals de betweterige blondine PATSIE, oftewel: Personal Automated Tracking System and Information Environment. Patsie duikt vanzelf op als de hoofdpersoon van To Meet the Maker een vraag heeft, en laat ter plekke zien welke antwoorden ze in haar database heeft gevonden.

Nee, dit is geen uitzondering. De Evangelische Omroep is in het gebruik van moderne massamedia nog consequenter en fanatieker dan de vrijzinnige collega's. Het ontwikkelen van een eigen internetprovider (Filternet), het initiatief waarmee de EO de laatste tijd het nieuws haalde, lijkt voor buitenstaanders misschien een bevlieging die is ingegeven door angst voor de nieuwe technologie. Ging van EO-anchorman Andries Knevel niet ooit de oproep uit om huisvaders in hun studeerkamer niet alleen te laten met die duivelse verleider van een internetcomputer? Jawel, maar de conclusie was niet dat de computer de deur uit moest. Haal dat ding de huiskamers binnen, was de boodschap. Maak vader en zijn computer weer deel van het gezin. Omarm het nieuwe medium en doe er uw voordeel mee.

In de musicalfilm Jesus Christ Superstar vroeg Judas het al aan Jezus: 'Waarom ben je niet later op aarde gekomen? Had je tenminste gebruik kunnen maken van de massamedia!'

Dat doet nu de EO: de verleidingen van de nieuwe technologie gebruiken om er zelf mensen mee te verleiden. Dat verleiden is de taak van iedere omroep in het publieke bestel, vindt Menno Helmus, redacteur en programmamaker bij de EO. 'Je hebt nou eenmaal een dubbele doelgroep. Er is een achterban van mensen met een christelijke achtergrond of identiteit, en daarnaast richt je je ook tot mensen die niet tot die achterban behoren.'

Maar bij de EO dient dat verleiden een specifiek doel: het verspreiden van Gods Woord. En daarin sluit de omroep aan bij een tweeduizendjarige traditie.

Als Jezus te midden van zijn discipelen - zo zat in een vorig tv-tijdperk EO's Henk Binnendijk te praten in een kring van vragenstellende jongeren. Die traditionele vorm hadden ze bij de EO-afdeling Verkondigende Programma's op een bepaald moment wel gezien. Menno Helmus: 'We wilden wel bijbel-uitleg, maar zonder dat we vastzaten aan zo'n talking head. Als iemand gaat vertellen hoe het allemaal in elkaar zit, roept dat veel te veel associaties op met de prediking.'

Een vervanger voor het pratende hoofd dachten de tv-makers te vinden in de interface van een computer. En zo maakte de EO vier jaar geleden als een van de eersten in Hilversum een tv-programma dat eruitzag als een internetbrowser. In Reality zag je het pijltje van een muis de mogelijkheden afzoeken op functiebalken boven en onder in beeld. Eén klik met de muis op een trefwoord, en er sprong een filmpje te voorschijn dat als een Windows-kader over het beeld werd gelegd.

Die vorm maakte een eigentijdse indruk, maar had ook een inhoudelijke functie. Het verhaal dat de te voorschijn geklikte filmpjes met elkaar vertelden, was veel gelaagder dan mogelijk is met een traditioneel drama. Gespeelde scènes waarin acteurs hun twijfels over geloofsvragen verbeeldden, werden aangevuld met documentair materiaal, gefilmde interviews of tekstcitaten. Met groot gemak werd er heen en weer gesprongen in de tijd, van bijbelse profeten naar hedendaagse jongeren. De interface met al die verschillende knopjes symboliseerde de vele keuzemogelijkheden die de hedendaagse gelover heeft. Er werd een grote openheid gesuggereerd, terwijl het computerpijltje, gestuurd door een onzichtbare hand, in de overdaad aan informatie toch de juiste weg wees.

Het Engelstalige programma zag er prachtig uit en zat goed in elkaar. Toch was het voor de makers maar een eerste stap op weg naar de ideale verleider die nog moet worden ontwikkeld. Een tv-programma dat niet alleen interactief is, maar het ook lijkt. Reality ging vergezeld van een cd-rom, en bij opvolgers als 2K News en To Meet the Maker kan er op internet echt worden geklikt. Er wordt gewerkt aan een computerprogramma dat net als de betweterige Patsie anticipeert op alle mogelijke geloofsvragen van de internetbezoekers. Maar Menno Helmus droomt van 'open television', waarbij ook de tv-kijkers midden in het programma Patsie te voorschijn kunnen klikken.

Het streven is ook om al die technische snufjes zo laagdrempelig mogelijk te maken. In To Meet the Maker is de vorm al vanzelfsprekender in het drama verwerkt dan bij Reality het geval was. De tv-kijker kijkt niet tegen een computerscherm aan, maar wordt meegenomen in een virtuele wereld die meeverandert met de gedachtesprongen van de hoofdpersoon.

De blauwe ruimte die de hoofdpersoon van To Meet the Maker in de intro betreedt, is het chroma-key-blauwe decor van de virtuele studio waar de serie is opgenomen. Het virtuele decor waarin de hoofdpersoon allerlei hedendaagse en bijbelse figuren tegenkomt, wordt zo nu en dan 'uitgezet', zodat je alleen nog de acteurs in die blauwe ruimte ziet. Zo ontluisterend simpel is de werkelijkheid achter die virtuele wereld, lijkt de boodschap van deze ontmaskering. Want bij de EO houden ze niet van goocheltrucs. God mag zich in het informatietijdperk misschien per e-mail aandienen, de echte wonderen openbaren zich niet in een tv-studio, maar in de hoofden en harten van de kijkers.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden