Enorme kolonie van ruim 1,2 miljoen pinguïns ontdekt op de Zuidpool

Satellietopnamen en drones helpen studie naar kolonie

Elk hoekje van de wereld inmiddels in kaart gebracht? Mooi niet. Tot hun eigen verbazing ontdekten wetenschappers op de Zuidpool een enorme kolonie van ruim 1,2 miljoen adeliepinguïns.

Foto Woods Hole Oceanographic Institution

De zwartwitte vogels, bekend van natuurdocumentaires waarin ze op hun buik sleetjerijden over de sneeuw, leven op de zogeheten Danger islands. Die naam dankt de plek aan het drijfijs dat het vlakke landoppervlak lastig bereikbaar maakt voor menselijke bezoekers.

De onderzoekers kwamen de kolonie, direct een van de grootste van deze soort ter wereld, op het spoor door satellietopnamen te bestuderen op de aanwezigheid van vogelpoep op de rotsen. Vanwege hun dieet, dat met name uit krill bestaat, ontstaat door de ontlasting een karakteristieke roze uitslag op de stenen.

Drones

De wetenschappers ondernamen vervolgens de barre tocht naar de eilanden om daar drones te laten rondvliegen. Met de luchtopnamen konden ze het aantal vogels nauwkeurig tellen. De resultaten staan in het nieuwste nummer van het wetenschappelijk tijdschrift Scientific Reports.

'Een totaal onwerkelijke sensatie om tussen zo'n enorme hoeveelheid dieren te staan op een van de meest afgelegen delen van de planeet', zegt ecoloog en expeditielid Casey Youngflesh van Stony Brook University in New York. 'Deze gebieden zijn zo belangrijk voor deze dieren, en we weten er nog maar zo weinig van af.'

Lees verder onder de foto.

De onderzoekers te midden van de kolonie. Foto Woods Hole Oceanographic Institution
Luchtopnamen laten zien hoe groot de kolonie adeliepinguïns zijn. Foto Woods Hole Oceanographic Institution

Bijzondere ontdekking

De Amerikaanse statistisch ecoloog Heather Lynch wijst erop dat de Danger Islands minder zijn getroffen door klimaatverandering dan westelijker gelegen gebieden. 'Waar het zeeijs blijft, gaat het fantastisch met de adeliepinguïns. Waar het zeeijs begint te verdwijnen, verdwijnen de pinguins ook. Deze studie onderschrijft hoe belangrijk dit gebied is, en dat het onze bescherming verdient.'

Poolonderzoeker Maarten Loonen van de Rijksuniversiteit Groningen noemt de ontdekking 'een prachtig onderzoek naar mijn favoriete pinguïnsoort'. Hij wijst erop dat wetenschappers hun schattingen van het aantal pinguïns in het Zuidpoolgebied de afgelopen decennia door nieuwe ontdekkingen en expedities telkens naar boven toe moeten bijstellen. 'Al vind ik deze vondst wel zeer opmerkelijk. Deze eilanden stonden al op de kaart voor 300.000 adeliepinguïns, daar kunnen er nu dus ruim een miljoen bij. De totale populatie waarvan we het bestaan wisten stond op 3,8 miljoen exemplaren.'

Wetenschappers van o.a. Stony Brook University gebruikten drones om de kolonie te onderzoeken. Foto Woods Hole Oceanographic Institution

Survival of the fittest

De adeliepinguïns, een halve meter van kop tot staart, overleven in extreme omstandigheden door in de korte poolzomer razendsnel hun jongen groot te brengen. Loonen: 'Twee, drie maanden. Daarin moet het allemaal gebeuren.'

Broedparen leggen meestal twee eieren, waarna een meedogenloze survival of the fittest begint. Een van de ouders roept de jongen dat ze eten kunnen komen halen. Als de kroost vervolgens aan komt waggelen, rent de ouder weg, kriskras door de kolonie met duizenden soortgenoten. Loonen: 'Het jong dat het langst kan bijblijven krijgt het voer, de langzaamste alleen de restanten als er nog wat over is. Zo weten de ouders zeker dat hun fitste jong de grootste overlevingskans heeft.'

Foto Woods Hole Oceanographic Institution

Ook van de tweede pinguïnsoort op het Antarctisch continent, de keizerspinguïn, vinden wetenschappers nog steeds nieuwe kolonies. Die zoektocht is bij deze soort nóg moeilijker dan bij de adeliepinguïns, weet Loonen. 'De keizerspinguïn, bekend van de film March of the Pinguins, is weliswaar een stuk groter, maar verschuilt zich tijdens het broeden in de donkere poolnacht. Wetenschappers schatten hun aantallen vaak puur op basis van de gevonden roze poep, zonder de dieren zelf te hebben gezien.'

Verbetering: In een eerdere versie van dit artikel stond dat er 1,5 miljoen adeliepinguïns zijn ontdekt. Dit klopt niet, want van 300 duizend pinguïns was al bekend dat ze in het gebied leefden. Er zijn dus 1,2 miljoen pinguïns ontdekt.