Anthony Fauci

Interview Anthony Fauci

En toen was ebola te genezen. Hoe kregen Anthony Fauci en zijn collega’s dat voor elkaar?

Anthony Fauci Beeld HH

En toen was er een medicijn tegen ebola. Een keerpunt in de bestrijding van infectieziekten, zegt immunoloog Anthony Fauci (78), die het middel hielp ontwikkelen. Hoe kwam deze doorbraak tot stand?

Drie weken geleden stond Anthony Fauci in Congo bij het wiegje van een 23 dagen oude baby zonder moeder en zag hij met eigen ogen hoe groot het effect is van het ebolamedicijn dat hij heeft helpen ontwikkelen. De jonge Congolese vrouw was in het kraambed overleden, maar vlak voor de bevalling had ze het nieuwe medicijn toegediend gekregen en dat had haar kind op wonderbaarlijke wijze gered. ‘De overlevingskansen van baby’s die worden geboren uit geïnfecteerde moeders zijn praktisch nul’, zegt Fauci, ‘maar dit medicijn was kennelijk door de placenta heen bij het kind terechtgekomen.’ Zo trokken meer opzienbarende genezingen aan hem voorbij: van jonge vrouwen tot oude mannen en een 8-jarig kind van wie beide ouders waren overleden, maar dat het zelf had gered.

MAb-114 heet het geneesmiddel dat hoop brengt in een door oorlog en ziekte geteisterd land. Ruim een jaar geleden brak in Congo de (tot nu toe) op een na grootste ebola-epidemie uit, inmiddels zijn ruim 3.100 mensen besmet geraakt en telt het land ruim 2.100 doden. Het sinistere beeld van medisch personeel in witte ruimtepakken maakte de beklemming in Congo voelbaar, een angst die in Afrika rondwaart sinds het virus er ruim veertig jaar geleden voor het eerst opdook. Ebola, dat koorts en ernstige inwendige bloedingen veroorzaakt, is vaak dodelijk, al helemaal in een land waar slechts beperkte zorg kan worden geboden.

Maar midden in die uitbraak kwam iets groots tot stand: na ruim een half jaar onderzoek in behandelcentra in het hart van het meest getroffen gebied bleken twee experimentele geneesmiddelen de sterfte onder patiënten te halveren. Beide medicijnen bestaan uit monoklonale antistoffen, synthetische versies van eiwitten die normaal gesproken door het eigen immuunsysteem worden gemaakt om ziekten te bestrijden. Het eerste middel was ontwikkeld door een biotechbedrijf in New York, het tweede door het Amerikaanse instituut voor infectieziekten (NIAID). Anthony Fauci, directeur van dat instituut, maakte op een maandagochtend in augustus de resultaten bekend en het nieuws ging de wereld over: ebola blijkt te genezen. Als patiënten in een vroeg stadium met de nieuwe middelen worden behandeld, overleeft zelfs ruim 90 procent, zei hij.

Beeld Rein Janssen

Fauci is net terug uit Afrika, vertelt hij telefonisch vanuit Bethesda, vlak bij Washington, waar de NIAID zetelt. Een week lang was hij op bezoek bij de artsen en wetenschappers die het onderzoek hadden gedaan en midden in een oorlogsgebied onder bizarre omstandigheden ernstig zieke ebolapatiënten hadden behandeld. ‘De situatie wordt daar nu iets beter, maar er is nog steeds sprake van een smeulende uitbraak’, zegt Fauci, die volgende maand op uitnodiging van het Amsterdam UMC en de Volkskrant de publiekslezing de Anatomische Les houdt in Amsterdam.

Hij is inmiddels 78 jaar, en al 35 jaar bestiert hij ’s werelds grootste organisatie voor de bestrijding van infectieziekten. Toen hij begon, in 1984, was Ronald Reagan president en stierven de eerste patiënten aan een mysterieus virus dat later hiv zou worden genoemd. Nu, vier presidenten verder, is zijn budget voor dit jaar zo’n 5 miljard euro, een kolossaal bedrag waarvan de noodzaak wordt ingegeven door almaar nieuwe uitbraken van ernstige infectieziekten die meereizen met geïnfecteerde toeristen en zakenreizigers en zo razendsnel de wereld overgaan.

In ruim drie decennia zag Fauci niet alleen hoe tal van nieuwe ziekten werden ontdekt, van sars en mers tot zika en de Mexicaanse griep, maar moest hij ook toezien hoe bestaande infectieziekten die onder controle leken, terugkeerden door een opkomende angst voor vaccins. Zo wordt ook zijn land, net als Europa, sinds kort geconfronteerd met een opleving van de mazelen. ‘Het is een alarmerende stap achteruit’, schreef hij deze zomer nog in vakblad The NEJM.

Maar te midden van alle zorgelijke ontwikkelingen gloort hoop, een ontwikkeling die volgens Fauci weleens een keerpunt zou kunnen zijn in de bestrijding van infectieziekten, en dat keerpunt is ebola. ‘De goede resultaten uit het onderzoek bieden hoop voor de behandeling van nieuwe, opkomende infectieziekten waartegen we nog geen goed medicijn hebben’, zegt hij.

CV Anthony Fauci

Geboren op 24 december 1940 in Brooklyn, New York. Zijn grootouders waren Italiaanse immigranten uit Sicilië.

In 1966 studeerde hij af als arts aan het Cornell University Medical Center.

Twee jaar later begon zijn carrière bij de National Institutes of Health, de Amerikaanse gezondheidsdienst, waar hij in 1984 directeur werd van het instituut voor infectieziektenbestrijding (NIAID).

Fauci deed onderzoek naar het ontstaan en het verloop van talrijke infectieziekten en de reactie daarop van het immuunsysteem. Hij schreef of redigeerde meer dan 1.300 wetenschappelijke publicaties en behoort tot de meest geciteerde wetenschappers ter wereld. In 2008 kreeg hij van toenmalig president Bush de Medal of Freedom uitgereikt, voor zijn verdiensten bij het onderzoek naar hiv en aids.

Fauci is getrouwd en heeft drie dochters.

Beeld Rein Janssen

Het medicijn dat uw instituut heeft ontwikkeld, komt eigenlijk uit Congo. Wat is de voorgeschiedenis?

‘Ja, de cirkel is rond en dat is eigenlijk ironisch, in positieve zin: dat een land dat zo lijdt onder deze ziekte zelf de bouwstenen voor het geneesmiddel heeft geleverd. We werken al lang samen met de Congolese viroloog Jean-Jacques Muyembe-Tamfum, hij is de echte held in dit verhaal. Toen er in 1995 in Kikwit, in het zuidwesten van het land, voor de eerste keer ebola uitbrak, besloot hij bloed af te nemen bij een aantal overlevenden om dat aan geïnfecteerde patiënten te geven. De meesten overleefden, het idee was dat de antistoffen in het gedoneerde bloed bescherming boden. Maar dat idee vond toen weinig bijval onder wetenschappers.

‘Elf jaar later hebben we een van die overlevenden naar hier laten komen, een man van wie het immuunsysteem zeer sterke antistoffen bleek te hebben aangemaakt. In ons vaccinonderzoekscentrum hebben we bloed afgenomen, daar immuuncellen uit gehaald en die gekloond. Daarna konden we in het lab zijn antistoffen namaken, stoffen die zich binden aan een eiwit aan de buitenkant van het ebolavirus en voorkomen dat het virus cellen binnendringt. Daarmee hebben we uiteindelijk het medicijn gemaakt waarmee in Congo nu levens worden gered. De patiënten krijgen een hoge dosis antistoffen die hun lichaam eigenlijk zelf zou moeten aanmaken om het virus te bestrijden.’

Daar zit nog een stap tussen: het medicijn moest bij ebolapatiënten worden getest. Hoe verliep dat onderzoek?

‘Deze studie kent geen precedent. We zijn erin geslaagd klinisch onderzoek te doen, niet alleen midden in een uitbraak van de ziekte, maar ook nog eens in een regio waar de veiligheid niet kon worden gegarandeerd. We kregen te maken met wantrouwende gewapende milities die van alles ondernamen om het onderzoek te dwarsbomen. Artsen werden gedood of raakten gewond, onderzoekscentra werden aangevallen of platgebrand en toch lukte het om resultaat te boeken en te bewijzen dat twee van de vier onderzochte medicijnen effectief zijn.’

We zijn twee maanden verder, hoe staat het nu met die twee werkzame geneesmiddelen?

‘Het onderzoek is stopgezet, ebolapatiënten krijgen nu allemaal een van de twee medicijnen. Er is inmiddels genoeg voorraad. Wij hebben onze licentie aan een farmaceutisch bedrijf gegeven zodat er snel veel doses kunnen worden gefabriceerd. Die moeten ook klaarliggen als zich in andere landen nieuwe uitbraken voordoen.’

Het is onder wetenschappers gebruikelijk om onderzoeksresultaten niet haastig op een persconferentie te presenteren, maar in een vakblad te beschrijven, zodat de feiten en cijfers controleerbaar zijn. De Nederlandse viroloog Marion Koopmans zei in een reactie in de Volkskrant dat die tussentijdse resultaten vermoedelijk waren bekendgemaakt om de Congolese bevolking hoop te bieden. Klopt dat?

‘Ja, daar heeft ze helemaal gelijk in. Congolezen zijn massaal op de vlucht, ze hebben te maken met geweld van gewapende groeperingen en dan komt daar ook nog een vreselijke ziekte bovenop. Door alles wat ze de afgelopen jaren hebben meegemaakt, ontbreekt bij hen het vertrouwen in autoriteiten. En al helemaal in witte autoriteiten. Velen zijn ervan overtuigd dat ze vooral niet naar een ebolabehandelcentrum moeten gaan, dat is voor hen een plek waar ze niet meer levend uit zullen komen. Maar nu hebben we ze iets te bieden, een prachtige boodschap, en dat verandert hopelijk hun perceptie van wat wij, die witte mannen, aan het doen zijn. Het ziekenhuis wordt nu een plek waar hun leven kan worden gered. Dat kan ertoe leiden dat patiënten eerder hulp zoeken.’

Beeld Rein Janssen

U noemt de nieuwe medicijnen een keerpunt, waarom?

‘Het idee om monoklonale antistoffen te gebruiken als behandeling tegen infectieziekten wint eindelijk aan geloofwaardigheid. Wij hebben bewezen dat het mogelijk is zo’n natuurlijke stof snel te maken en dat het effectief is om die aan patiënten te geven. Dat principe is van groot belang, we kunnen dat nu gaan toepassen bij elke nieuwe mysterieuze infectieziekte. Bloed afnemen bij patiënten die de ziekte hebben overleefd, de B-cellen – de cellen die antistoffen produceren – eruit halen en dan een grote hoeveelheid van die antistoffen namaken.’

Hoewel hij al 35 jaar een kantoorbaan heeft, en een overvolle agenda (‘Sorry, ik moet ophangen, het Witte Huis belt’) kan Fauci, opgeleid als internist, het niet laten om in het nabijgelegen ziekenhuis af en toe nog patiënten te behandelen. Omdat je inzicht in ziekten nu eenmaal niet uit papieren dossiers haalt. Vijf jaar geleden stond hij in zijn witte doktersjas, stropdas voor, bij de hoofdingang van het ziekenhuis van de NIH, de Amerikaanse gezondheidsdienst waaronder ook zijn instituut valt. Naast hem de 26-jarige verpleegkundige Nina Pham, de eerste vrouw die in de Verenigde Staten ebola had opgelopen toen ze in een ziekenhuis in Texas een patiënt had verpleegd die in Afrika besmet was geraakt. Ze was overgebracht naar Bethesda, waar ze op een speciale isolatie-afdeling door getraind personeel werd verpleegd. Ze genas, waarna Fauci haar voor het oog van de camera’s omhelsde.

Het was een omhelzing tegen de vooroordelen, waarbij Fauci moet hebben teruggedacht aan zijn allereerste aids-patiënten. Een gebaar dat met terugwerkende kracht van symbolisch belang kan zijn nu ook overzee veel meer ebolapatiënten de ziekte zullen overleven. ‘In Afrika mogen mensen die van ebola zijn genezen vaak niet terugkomen in de gemeenschap, het stigma is groot, dorpelingen zijn bang dat ze de ziekte toch nog kunnen overdragen. Ik wilde de wereld laten zien dat zo’n gedachte onzin is.’

Anthony Fauci in beschermende kleding voor de behandeling van een ebolapatiënt in 2015. Beeld NIAID

Die ene patiënt

Internist-immunoloog Anthony Fauci (78) over de patiënt die hij nooit zal vergeten.

‘Hij kwam op een vrijdagochtend ons ziekenhuis binnen, rechtstreeks vanuit het geïsoleerde ambulancevliegtuig dat hem had opgehaald in Sierra Leone: een jonge arts die als vrijwilliger naar Afrika was afgereisd toen daar in de zomer van 2014 een ernstige ebola-epidemie was uitgebroken. Hij was ingezet in het zwaar getroffen Port Loko-district, in het noorden van het land, waar een speciale ebolakliniek was ingericht. Daar was hij opeens duizelig geworden en in elkaar gezakt. Bloedonderzoek bracht een bange boodschap: door het contact met ebolapatiënten had hij zelf het dodelijke virus opgelopen, hij moest daar zo snel mogelijk vandaan.

‘Bij aankomst was hij mobiel en aanspreekbaar, maar zijn situatie verslechterde voor onze ogen. Zijn organen vielen uit, hij moest worden beademd, de dood kwam steeds dichterbij. De artsen en verpleegkundigen brachten elke dag verslag uit over zijn situatie en ik voelde me daar ongemakkelijk bij, ik had het gevoel dat ik meer moest doen dan hen alleen maar aanhoren. Van mijn personeel vroeg ik dat ze zichzelf in gevaar brachten door 24 uur per dag voor deze ernstig zieke en hoogst besmettelijke patiënt te zorgen. Ik vond dat ik dat niet van ze kon verlangen zonder hetzelfde te doen. Mijn agenda werd gedeeltelijk leeggeruimd zodat ik me bij het medische team kon voegen.

‘Twee weken lang heb ik me elke middag in zo’n beschermend pak laten hijsen, helm op, bril op, een maanmannetje in een streng geïsoleerde kamer. Twee uur duurde de dagelijkse dienst. Langer kan niet, want je raakt uitgeput in zo’n pak. Dan loop je het risico dat je fouten gaat maken en daarmee zou je jezelf in gevaar kunnen brengen. Bijna twee weken lang heb ik voor hem gezorgd, samen met mijn collega’s, onder zeer stressvolle omstandigheden. Hij was een van de ziekste patiënten die ik ooit onder mijn hoede heb gehad. Het is ruim vier jaar geleden, een medicijn tegen ebola was er nog niet, we konden niets anders doen dan de symptomen van de ziekte bestrijden. En dat lukte: we hebben hem gered, na vier weken was hij genezen en kon hij naar huis, terug naar zijn ouders.

‘Al die tijd had hij alleen maar mijn ogen gezien, van achter het glas van mijn helm. Toen hij herstelde, raakten we in dat kamertje aan de praat, maar ik bleef anoniem. Eenmaal thuis ontdekte hij wie ik was. En hij schreef me een ontroerend briefje dat ik altijd heb bewaard.

‘Hij vertelde me dat hij elke middag uitkeek naar het moment dat ik zijn kamer binnenkwam, dat hij opknapte van mijn lach achter dat beschermende masker en had genoten van onze gesprekken. Nu hij wist wie er achter dat masker zat, schaamde hij zich voor de informele toon die hij had aangeslagen. Had hij niet wat respectvoller moeten zijn? Of formeler? Hij bedankte ons, dankzij jullie leef ik nog, schreef hij. En toch voelde hij zich ook bezwaard, omdat hij zulke goede zorg had gekregen en zoveel Afrikaanse patiënten dat privilege niet hebben. Hij hoopte dat hij ons op zijn minst iets had geleerd over de ziekte ebola, waarmee we in de toekomst andere patiënten konden helpen.

‘Zijn ziekbed heeft ons inderdaad belangrijke lessen gebracht. We dachten bijvoorbeeld altijd dat organen van patiënten uitvallen doordat ze overgeven en ernstige diarree krijgen, waardoor ze veel vocht verliezen en hun bloeddruk daalt. Maar bij hem lukte het ons de bloeddruk op peil te houden en toch raakten zijn nieren aangetast en daarna zijn longen, zijn hart, zijn zenuwstelsel. Het ebolavirus is van zichzelf afschuwelijk destructief, het raast maar door. Dat hebben we mede dankzij deze patiënt ontdekt.

‘Het gaat lichamelijk nu goed met hem, maar door wat hij heeft meegemaakt, heeft hij wel een vorm van posttraumatische stress opgelopen. Hij beseft hoe nabij de dood was en dat hij wonderbaarlijk is hersteld van een van de dodelijkste infectieziekten. Door hem zie ik opnieuw in hoe groot de veerkracht van een mens kan zijn: deze man moest zoveel doorstaan, overleefde en kon toen ook nog terugblikken en waarderen dat anderen hem hadden geholpen.

‘Hij beschreef een foto die was gemaakt terwijl hij nog aan de beademing lag en ik in mijn maanpak naast zijn bed stond, een beeld dat hem zeer dierbaar was geworden. En hij citeerde Hippocrates: het is veel belangrijker te weten welke persoon de ziekte heeft, dan welke ziekte de persoon heeft. U behandelde mij als een mens, schreef hij, en niet als een ziekte. Dat is waar het in de geneeskunde om draait.’

Beeld Rein Janssen

Lezersaanbieding

Op donderdag 14 november houdt Anthony Fauci in het Concertgebouw in Amsterdam de 26ste Anatomische Les. Deze aidsonderzoeker van het eerste uur staat als directeur van het Amerikaanse National Institute of Allergy and Infectious Diseases (NIAID) aan het hoofd van ’s werelds grootste organisatie die zich bezighoudt met de beheersing van plotseling opkomende infectieziekten als ebola, zika, sars en influenza.

De Anatomische Les, georganiseerd door het Amsterdam UMC en de Volkskrant, is een jaarlijkse publiekslezing op het snijvlak van geneeskunde en maatschappij door een internationaal toonaangevende spreker.

Zolang de voorraad strekt kunnen lezers van de Volkskrant online toegangsbewijzen (à € 5) bestellen.

Er is geen kaartverkoop aan de zaal, ook niet op 14 november. De lezing is in het Engels en begint om 13.45 uur. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden