Wetenschap Jeuk

Elke dag jeuk kan gekmakend zijn: de strijd van wetenschappers en patiënten tegen het gekriebel en gekrab

Chronische jeuk – een op de zeven Nederlanders lijdt eraan – kan iemands leven overhoop gooien. De wetenschap heeft meer oog gekregen voor die zware last en boekt succes met nieuwe behandelmethoden. 

Beeld Vilain & Gai

De jeuk begon rond Oudjaarsdag 1987, van de een op de andere dag. Dirk van der Veen, toen 32, had altijd al ‘hooikoortsachtige’ klachten gehad. Maar dit was nieuw. Natte, rode plekken op zijn handen, zijn borst, zijn gezicht. En jeuk. Heel veel jeuk.

In de woonkamer van zijn Veenendaalse woonkamer knijpt Van der Veen (64), chronisch jeukpatiënt, zijn hand samen. ‘Ik weet niet of je weleens zo brandnetels vastpakt? Dat gevoel. Maar dan overal. Op de slechtste momenten is het echt alsof je in vuur en vlam staat.’

Jeuk is van nature een nuttige reactie. Zenuwen in de huid signaleren beweging (zoals een mug) of stofjes (zoals histamine) en zorgen ervoor dat je gaat krabben en mogelijk gevaar wegschraapt. Maar wat als er iets misgaat in de huid, in je zenuwen of in je brein en je altijd en overal jeuk voelt? Volgens dermatologen lijdt een op de zeven Nederlanders aan chronische jeuk, waarbij je zes weken of langer aaneengesloten jeuk ervaart. Dit cijfer komt overeen met Duitse studies.

Van der Veen heeft constitutioneel eczeem. Door een aangeboren aanleg reageert zijn huid extreem op allerlei normale prikkels. Hij wordt rood, zwelt op, geeft prikkelende stofjes af. Daardoor heeft Van der Veen bijna altijd jeuk. Hij zucht. ‘Dertig jaar terug was de boodschap in het ziekenhuis dat er niet veel aan kon worden gedaan. Zalf smeren en antibiotica slikken tegen de ontstekingen, dat was het wel.’

Maar het tij keert. De afgelopen vijf jaar wordt de zware last van jeuk steeds meer onderkend. Nieuwe behandelmethoden bewijzen hun waarde. Hoog tijd voor een overzicht in de nieuwste inzichten uit het jeukonderzoek.

‘Toevallig heb ik net vanochtend mijn handtekening gezet’, zegt Bing Thio, dermatoloog in het Erasmus MC, over de telefoon. Thio heeft net zwart op wit dat hij een commissie zal voorzitten die landelijke richtlijnen voor de behandeling van jeuk zal opstellen. Volgend jaar moet de richtlijn af zijn. Thio: ‘Ons doel is om de biologische oorzaak bij patiënten te begrijpen en beschrijven, en vervolgens effectief aan te pakken.’

De erkenning voor de zware lasten van chronische jeuk neemt steeds meer toe. Neem alleen al de enorme invloed op slaap. Thio legt uit: ‘Als je acht uur slaapt, kom je zo’n twaalf keer door de eerste slaapfase. En dát is de fase waarin chronische jeukpatiënten hun jeuk het beste voelen. Jeukpatiënten slapen daarom enorm slecht.’

In een overzichtsstudie uit 2016 vroegen onderzoekers uit Chicago artsen en patiënten naar de belangrijkste gevolgen van chronische jeuk. Het mondde uit in een waslijst aan problemen. Naast het slechte slapen en de huidinfecties ervaren patiënten vaak schaamte over hun opengekrabde huid en worden ze in sociale relaties belemmerd op manieren die je als niet-jeukende nooit kunt bedenken.

‘Als we bij mensen op bezoek willen die honden of katten hebben, denk ik meestal: toch maar niet’, zegt Van der Veen. Zwemmen in chloor- of zeewater is voor hem te pijnlijk. Kleding is een dagelijkse puzzel: sommige stoffen dekken te veel af waardoor de huid pijnlijk gaat zweten. Op andere zijn bloedvlekken van de beschadigde huid te goed zichtbaar.

Beeld Vilain & Gai

Marjolein de Bruin-Weller, dermatoloog in het UMC Utrecht en hoofd van het nationale expertisecentrum eczeem: ‘Jeuk heeft een gigantische impact op je leven. We zien zelfs patiënten met zelfmoordneigingen. Mensen die altijd jeuk hebben en daar helemaal gek van worden.’ Patrick Kemperman, dermatoloog in het Amsterdam UMC, beaamt dat. ‘Elke week hebben we hier patiënten die helemaal radeloos zijn. Die soms zeggen dat ze wel over het balkon zouden willen springen. Jeuk kan een afschuwelijke nachtmerrie zijn.’

Van der Veen werkt op een hogeschool. Op erge dagen is de jeuk aan hem af te zien: gezwollen, opgezette of opengekrabde plekken in zijn gezicht. Over het algemeen gaan zijn collega’s daar goed mee om. Lachend: ‘Maar ik zie mensen weleens kijken. Zo van: zou ik iets durven zeggen? Af en toe vragen studenten of het wel goed met me gaat. Dan leg ik uit: zolang ik hier sta, gaat het redelijk.’

Af en toe gaat het niet redelijk en zit Van der Veen ziek thuis. Dat zijn dagen waarop hij het ‘altijd voelt kriebelen’ en door de jeuk nauwelijks slaapt.

‘Het werkverzuim onder patiënten met constitutioneel eczeem is groot’, zegt De Bruin-Weller. Sommige banen zijn soms helemaal niet uit te voeren. ‘Patiënten worden geweerd voor representatieve functies, of moeten stoppen met een baan in de zorg omdat ze te vaak hun handen moeten wassen.’

De toegenomen aandacht voor jeukpatiënten is ook in het ziekenhuis te zien: het aantal jeukpoli’s is in korte tijd stevig toegenomen. Kemperman houdt wekelijks jeukspreekuur in het Amsterdam UMC, waarbij hij met patiënten naar de oorzaak van hun jeuk puzzelt. ‘Systematisch nadenken is hard nodig, anders zie je door de bomen het bos niet meer’, zegt hij. ‘Er zijn bijvoorbeeld alleen al vierduizend huidaandoeningen waarvan een groot deel jeuk kan veroorzaken.’

Daar houdt het niet bij op. Je hebt dermatologische jeuk, door huidziektes zoals bij eczeem. Dan heb je interne jeuk, die kan optreden bij nierziektes. Neurologische jeuk is het gevolg van een fout in de zenuwen of het brein, en psychogene jeuk heeft een psychische achtergrond. Tot slot is er nog een kleine groep patiënten, zo’n 8 à 15 procent, bij wie helemaal geen oorzaak wordt gevonden.

De drie meestgestelde jeukvragen

Waarom gaat het meer jeuken als je krabt?
Krabben activeert het beloningscentrum in het brein, wat aanzet tot méér krabben. Herhaald krabben veroorzaakt wondjes. Bij de genezing maakt het afweersysteem stofjes aan die weer jeuk veroorzaken.

Wat helpt het beste tegen een muggebult?
Een coolpack uit de vriezer met een doek eromheen verlicht de jeuk en gaat de zwelling tegen. Ook een corticosteroïdenzalf helpt. Natte doeken of ijsblokjes niet: die drogen de huid uit, wat de jeuk verergert.

Wat helpt het beste als je door de brandnetels bent gelopen?
Brandnetelbladeren bevatten minuscule naaldjes met irriterende stoffen, zoals mierenzuur. Direct na aanraking de huid wassen met water en zeep helpt, net als een zure vloeistof zoals azijn, waarin de naaldjes oplossen. Ook hier geeft een corticosteroïdenzalf verlichting.

Enkele van die oorzaken zijn goed te behandelen als de bron wordt aangepakt. Soms is het lastiger. In 2004 kwam een oudere patiënte met heftige jeukklachten bij Kemperman op spreekuur. ‘Zij dacht dat ze op vakantie in Frankrijk besmet was geraakt met herfstmijt’, vertelt Kemperman. ‘Ze wilde een onderzoek, maar dit toonde geen besmetting aan.’ Desondanks bleef de vrouw overtuigd dat ze besmet was, met enorme impact. Kemperman: ‘Die vrouw zag haar kleinkinderen niet meer, uit angst hen met herfstmijt te besmetten.’

Dergelijke parasietenwaan – Kemperman maakt het geregeld mee in zijn praktijk – is maar één manier waarop jeuk ‘tussen de oren’ kan zitten. Dat jeuk een sterke psychologische component heeft, blijkt wel uit het feit dat het aanstekelijk is. Tal van onderzoeken laten zien dat wanneer je iemand anders ziet krabben, je zelf óók jeuk voelt. Op dezelfde manier kan alleen het idee van herfstmijt een jeukgevoel oproepen.

Gezondheidspsychologe Andrea Evers doet aan de Universiteit Leiden onderzoek naar dit soort suggestie-effecten. ‘We weten dat de suggestie van jeuk ook jeuk veroorzaakt. Vertel je dat een medicijn jeuk als bijwerking heeft, dan gaan mensen ook méér jeuk voelen’, zegt Evers.

Beeld Vilain & Gai

De jeuksensatie is uiteindelijk een product van ons brein. Bij de totstandkoming van die sensatie kan er een hoop misgaan. ‘Bijvoorbeeld in de afgifte van serotonine, de neurotransmitter die ook betrokken is bij onder andere stemming en emotie’, zegt dermatoloog Thio. Het is de reden waarom ook stress jeuk verergert. Én waarom sommige jeukpatiënten antidepressiva krijgen voorgeschreven. Door de afgifte van bepaalde neurotransmitters in het brein met medicijnen te stimuleren of onderdrukken, kan het jeukgevoel soms worden verminderd.

Niet iedere expert is even enthousiast over deze pillen. ‘Een paar studies suggereren dat antidepressiva kunnen helpen, maar het bewijs is heel inconsistent’, zegt gezondheidspsycholoog Evers. Het bewijs voor cognitieve gedragstherapie is sterker, benadrukt ze. ‘Ik leg vaak uit aan patiënten: je moet eigenlijk een soort Boeddha worden’, vertelt Evers. ‘We leren mensen om zich te distantiëren van de automatische neiging om te gaan krabben. Zo zorg je ervoor dat mensen beter met de jeuk kunnen omgaan en verminder je de stress die jeuk verergert.’

Cognitieve gedragstherapie wordt vooral ingezet om krabgedrag in de hand te houden. Van krabben wordt de jeuk op termijn namelijk alleen maar erger. Dat is niet eenvoudig, want krabben is lekker: de pijnprikkels blokkeren het jeuksignaal en stimuleren tegelijkertijd het beloningscentrum in het brein. Krabben gaat zelfs deels automatisch. Bij aankomst van een jeuksignaal in de thalamus, onder in het brein, wordt direct een opdracht aan de hand retour gestuurd: ga krabben!

Jeukpatiënt Van der Veen heeft allerlei strategieën geprobeerd om zichzelf het krabben af te leren. ‘Je probeert ergens anders aan te denken, stressballetjes te gebruiken. Wat bij mij nu het beste helpt, zijn handschoenen.’ In het eerste jaar van zijn eczeem (‘Ik was nog niet zo’n ervaren jeukpatiënt’) liep de ziekte uit de hand. Van der Veen moest, voor zijn eigen bestwil, opgenomen worden in het ziekenhuis. ‘Daar werd ik helemaal, van top tot teen, ingewikkeld in verband. Als een mummie’, vertelt Van der Veen. Alles om maar niet te krabben en de ontstoken huid tot rust te laten komen.

Beeld Vilain & Gai

Zo’n paardemiddel is steeds minder vaak nodig, door krabbeheersingsprogramma's zoals aan het UMC Utrecht. Daar houden patiënten hun jeuk- en krabgedrag bij in een dagboek. Verpleegkundige Lilian Figee: ‘Het is belangrijk dat de patiënt bewust wordt van zijn of haar krabgedrag. Vervolgens doen we aan gedragsomkering. We leren de patiënt aan niet te krabben bij jeuk, maar een andere handeling uit te voeren. Zoals aan een ring draaien, of op de handen zitten.’ Bij veel patiënten neemt zo de stress af en de controle over het krabben toe, en wordt de jeuk minder.

Dankzij de toegenomen aandacht voor de kwalen van jeuk neemt ook het wetenschappelijke onderzoek een vlucht. Onderzoekers krijgen steeds beter zicht op welke stoffen in het afweersysteem verantwoordelijk zijn voor uit de hand lopende jeuk. En, nog hoopgevender: ze beschikken over wapens om deze stoffen te lijf te gaan.

Door de jaren heen heeft Van der Veen alles geprobeerd tegen de jeuk. Pillen die zijn immuunsysteem platlegden, een dieet op water en brood en allerlei hormoonzalven. Tot dermatoloog De Bruin-Weller hem vorig jaar een nieuw middel voorschreef. Een tweewekelijkse injectie, die hij zichzelf thuis toedient. Van der Veen: ‘Al na vijf dagen zag de huid er veel beter uit en werd de jeuk minder. De artsen zeiden: reken erop dat je drie maanden lang verbetering ziet en het zich daarna stabiliseert. Maar na die drie maanden bleef het verbeteren.’

Jeuk en pijn: één pot nat?

Beide hebben een waarschuwende functie, maar beide kunnen in chronische vorm een verschrikking zijn: jeuk en pijn. In hoeverre zijn ze vergelijkbaar? Zowel jeuk als pijn ontstaat door een prikkeling van zenuwen in de huid, waarbij jeukzenuwen meer aan de oppervlakte liggen dan die voor pijn. Zowel jeuk- als pijnsignalen worden over zogeheten C-zenuwvezels vervoerd, met een snelheid van ongeveer één meter per seconde. Heftige pijnprikkels door mechanische oorzaken, zoals een snijwond, en warmte- en kouprikkels gaan over snellere zenuwvezels naar het brein, met zo’n 100 meter per seconde. Pijn- en jeukprikkels onderdrukken elkaar. Dit komt het duidelijkst tot uiting bij patiënten die onder algehele narcose gaan. Vlak voor het inslapen ervaren zij soms enorme jeuk. Dit komt doordat de pijnprikkels, die de jeuk normaal gesproken neutraliseren, door de verdoving zijn uitgeschakeld.

Van der Veen was de allereerste eczeempatiënt in Nederland die het nieuwe medicijn kreeg voorgeschreven. Het middel is een zogeheten biological: een medicijn op basis van antistoffen die zich specifiek richten op stoffen in het afweersysteem die een belangrijke rol spelen bij eczeem. De bijwerkingen beperken zich grotendeels tot droge, rode ogen. ‘Maar daarvan heb ik helemaal geen last’, zegt Van der Veen.

Áls biologicals een nadeel hebben, is het dat ze duur zijn. ‘1.500 euro per jaar voor één patiënt’, rekent dermatoloog Thio voor. Bovendien is voor lang niet iedere patiënt met chronische jeuk een biological beschikbaar. Slechts voor eczeem, psoriasis en netelroos zijn goed werkende biologicals op de markt. ‘Voor de jeukpatiënten zonder aanwijsbare oorzaak kunnen we op dit gebied nog weinig’, zegt De Bruin-Weller.

Kemperman verwacht veel van een andere biological die het jeuksignaal in de huid verstoort. Het middel is nog in ontwikkeling, maar bleek in een klinische studie onder 257 jeukpatiënten de jeuk significant te verminderen. ‘Ik verwacht dat middel over een paar jaar wel op de markt’, zegt Kemperman. ‘Er gloort hoop aan de horizon.’

Hoe ga je jeuk het best te lijf? Vijf wetenschappelijk verantwoorde tips.

Waarom wordt de één altijd gestoken en de andere juist nooit? Helpt muggenspul nu wel of niet? Maarten Keulemans schreef een opfriscursus ‘Mug’.

Zit er een limiet aan het aantal mensen dat je kunt kennen? Wat bewijst de uitslag van een schriftelijke test eigenlijk? In onze Grote Vragen Podcast beantwoorden we ‘vragen waar je nooit over na hebt gedacht maar plotseling dolgraag een antwoord op wilt hebben’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden