Einstein zonder blaam

Erkend fysisch genie of niet, volgens heel wat hedendaagse wetenschapshistorici is niet uit te sluiten dat Albert Einstein in 1915 een laatste cruciale stap in de formulering van zijn Algemene Relativiteitstheorie brutaalweg overschreef van de wiskundige David Hilbert....

Althans: op 18 november bedankt hij Hilbert met een briefje voor het manuscript van een artikel over zwaartekracht, ruimte en tijd dat Hilbert op 20 november oficieel indient bij een tijdschrift. Op 25 november biedt Einstein een in essentie vergelijkbare versie aan bij een tijdschrift.

Officieel luidt de geschiedschrijving daarom dat Hilbert en Einstein parallel de juiste formulering vonden van de Algemene Relativiteitstheorie, maar dat Hilbert de eer van de eerste publicatie toekomt.

Dat lijkt te mooi om waar te zijn. Beide geleerden stonden in nauw onderling contact in een poging de weerbarstige wiskunde van de zwaartekrachttheorie te temmen. Schreef Einstein niet uiteindelijk gewoon iets over van Hilbert? Of leende hij op zijn minst diens inzicht? Bekend is slechts dat hij zich boos maakte over Hilberts inspanningen om hem te snel af te zijn.

De vooraanstaande Duitse wetenschapshistoricus Albert Fölsing suggereerde vorig jaar in een vuistdikke biografie voorzichtig plagiaat. 'Zou Einstein, dwalend door Hilberts artikel, niet de ontbrekende formule in zijn eigen vergelijkingen hebben kunnen ontdekken, en dus strikt genomen hebben gespiekt?'

Andere geschiedschrijvers geloven daarentegen dat Einstein zo'n lage daad onmogelijk op zijn geweten kan hebben, omdat hij daarvoor - met alle respect - te dom zou zijn geweest. Hilberts artikel van 20 november is namelijk, stellen ze, dermate mathematisch, dat Einstein dat onmogelijk in zo korte tijd kan hebben doorgrond. Einstein gered door zijn onhandigheid; wetenschapshistorisch zijn er wel eens fraaiere argumenten gevonden.

In het Amerikaanse weekblad Science van deze week echter, vegen onderzoekers uit Israël, Duitsland en de Verenigde Staten Einsteins vermeende plagiaat met argumenten van tafel. Ze hebben het manuscript van Hilbert achterhaald dat Einstein onder ogen kreeg. En daarin is de nieuwe formule nog helemaal niet te vinden. Pas in een correctie op de drukproeven van 6 december 1915, ruim nadat Einstein zijn eigen versie had ingediend, schreef Hilbert die er alsnog expliciet in.

Sterker: Einstein leverde zijn artikel weliswaar pas op 25 november in, maar dit werd wel meteen, op 2 december, gepubliceerd door de Pruisische Academie van Wetenschappen. Hilberts verging het anders. Diens definitieve versie, die nog maar vaag lijkt op wat hij in november had ingediend, verscheen pas op 31 maart 1916.

Waarmee de rol van dader en slachtoffer heel goed omgekeerd zou kunnen zijn, aldus de auteurs van het artikel: Leo Corry, Jürgen Renn en John Stachel. 'Al met al suggereert onze reconstructie dat kennis van Einsteins resultaat voor Hilbert cruciaal kan zijn geweest om nieuwe elementen toe te voegen.'

Een wetenschappelijke doodzonde dus van een van de grootste wiskundigen van deze eeuw? Die conclusie gaat het drietal ook weer wat te ver. Waarschijnlijk, suggereren ze ruimhartig, is slechts onder wetenschapshistorici een misverstand ontstaan.

Martijn van Calmthout

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.