Eindelijk aandacht voor het Hollandse fietsen

Urban Cycling Institute

Nederlanders hoef je niets meer over fietsen te vertellen. Of toch wel? Eindelijk wetenschappelijke aandacht voor de nationale manier van voortbewegen.

Foto Thinkstock

Elke week, nee elke dág, sturen wereldsteden als Bangalore, Chicago, Peking, Londen en New Delhi smeekbeden naar het wereldfietsersparadijs: Amsterdam, help ons de fiets een plek te geven, het autoverkeer loopt vast. Heel eervol. Totdat blijkt dat de fietsdeskundigen hier geregeld met de mond vol tanden staan. Want van ons fietsgedrag weten wij ongeveer net zoveel als de vis van het water waarin hij zwemt.

Het nieuwe Urban Cycling Institute van de Universiteit van Amsterdam moet in die leemte voorzien, de plukjes kennis die er wel zijn verzamelen en het rijwiel onderwerp maken van academisch onderzoek. Dat levert kostbare kennis op die Nederland kan exporteren, maar waarmee we ook het succes van de fiets in eigen land beter gaan begrijpen en in stand kunnen houden. Want de populariteit van het stalen ros in het verleden biedt geen garantie voor de toekomst, waarschuwt planoloog/onderzoeker Marco te Brömmelstroet van het Urban Cycling Institute.

Op zijn werktafel liggen opbeurende factsheets: Nederland heeft meer tweewielers dan inwoners. En het aantal fietskilometers steeg van 13 miljard in 2000 naar 15 miljard in 2011. Toch kijkt Te Brömmelstroet niet blij. 'Dat zijn zulke algemene cijfers, die vertellen ons niets. Het aandeel van fietsritten op het totaal aantal verplaatsingen stijgt niet. En de gestegen fietskilometers komen vooral voor rekening van 65-plussers. Jongeren staan minder graag op de pedalen, niet-westerse allochtonen al helemaal niet. In de rurale gebieden en sommige buitenwijken loopt het fietsgebruik flink terug. In de meeste binnensteden neemt het juist explosief toe. Stationsstallingen puilen uit, want opeens gaan we massaal met de fiets naar het station. Waarom mag Joost weten. Beleidsmakers hebben het niet gestimuleerd. Integendeel, gezien het hardvochtige wegknipbeleid rond stations.'

Foto Thinkstock

Toekomst

De fiets heeft de toekomst, is het beeld, met telkens nieuwe verschijningsvormen van bak-, berg-, lig-, vouw-, race- en omafiets tot aan de OV-fiets en de e-bike. Nijmegen steelt de show sinds eind vorig jaar met een fietsprofessor. Utrecht heeft de ambitie dat op termijn de helft van de stadsritten met fietsend wordt afgelegd. Londen investeert in een 'masterplan' voor de fiets. Parijs lonkt zelfs naar het predicaat fietshoofdstad van de wereld.

Maar zolang we het fietsgedrag en de relatie met cultuur, infrastructuur en voorzieningen niet begrijpen, zijn al deze voorspellingen en investeringen op drijfzand gebaseerd, vindt Te Brömmelstroet. Want de ene deskundige denkt dat investeren in rijwielpaden tot meer fietskilometers leidt. De ander denkt dat het omgekeerd werkt: waar veel fietsers zijn, worden fietspaden aangelegd. Kleinschaligheid lijkt de fiets in de kaart te spelen, maar het omgekeerde is ook waar: langs veelgebruikte fietsroutes zie je allerlei voorzieningen ontstaan, van pinautomaten tot crèches. En wat gebeurt er als Amsterdam eenmaal een metro onder de binnenstad heeft? Is het dan gedaan met het succes van de fiets?, vraagt de planoloog zich af.

Hoewel, Te Brömmelstroet vermoedt van niet. 'Fietsen in Nederland is meer dan jezelf efficiënt verplaatsen, denk ik. Het is echt niet alleen omdat we een klein en vlak land zijn, dat we op veel plekken onze fietscultuur behouden hebben. Er zit ook een sociaal aspect aan. We fietsen vaak samen op of zitten bij elkaar op de bagagedrager. Er wordt heel wat afgekletst tijdens het peddelen. We zitten rechtop: we zijn in contact met onze omgeving. De omafiets is niet voor niets typisch Nederlands. Fietsen is hier los, ontspannen, voor alle leeftijdsgroepen en ook voor je plezier. Heel anders dan in Kopenhagen. Daar wordt haast professioneel geracet. Allemaal op snelle fietsen, diep gebogen over het stuur en puur voor woon-werkverkeer', aldus de planoloog.

Bakfietsfestival

Zaterdag en zondag is het internationaal bakfietsfestival 2015 in Nijmegen met op zaterdag een conferentie en een jaarmarkt op zondag. Een van de sprekers is de Amerikaanse transportdeskundige Kevin Krizek, fietsprofessor voor een dag per week aan de Radboud Universiteit.

Cultuur

Fietsen is onderdeel van een cultuur - en daarom blijft het lastig Nederlandse ervaringen over te planten op Amerikaanse of Aziatische miljoenensteden. 'Ze zijn vaak op zoek naar de silver bullet: een makkelijke oplossing voor een complex probleem. Maar die is er niet. Als je aan één radertje in het systeem gaat draaien, zet je een scala aan - vaak tegenstrijdige - ontwikkelingen in gang. Neem de fietshelm. Als je die verplicht stelt, versterk je het idee dat de tweewieler een gevaarlijk vervoermiddel is. Dat leidt tot een afname van het aantal fietsers. Dat vergroot juist weer de onveiligheid, want hoe meer fietsers des te meer andere weggebruikers rekening met ze houden. Kortom: de fietshelm vergroot zowel de individuele veiligheid, als de onveiligheid in het algemeen.'

Te Brömmelstroet zou het gedrag en de drijfveren van de Hollandse fietszwermen graag bestuderen zoals een bioloog dat met zijn uitverkoren diersoort doet. Hij gaat de fietsers observeren en ondervragen om te achterhalen of ze zich nauwer verbonden weten met de stad waar ze dagelijks doorheen peddelen dan andere verkeersdeelnemers. Zijn ze vaker maatschappelijk actief? Gaan ze vaker stemmen bij verkiezingen? Dat soort dingen. De planoloog vermoedt van wel. Zelf is hij - dat mag duidelijk zijn - verwoed grootgebruiker van de fiets. Goed voor vijfduizend fietskilometers per jaar.

Het doel is niet de fiets, benadrukt hij. 'Doelen zijn efficiënt en duurzamer transport en aantrekkelijke steden.' En die gigantische fietsvloot van 18 miljoen fietsen die het grootste deel van de tijd ongebruikt in fietsflats, schuren of aan bruggen vastgeketend staan, is niet efficiënt. 'Fietsparkeerplekken rond grote stations kosten duizenden euro's: Amsterdam spant de kroon met 7.000 euro per nieuw te bouwen fietsparkeerplek bij het Centraal Station. Dat kan zo niet doorgaan. De ruimte is op.'

Foto Thinkstock
Foto de Volkskrant

Innovatie

Er wordt gewerkt aan innovatieve oplossingen. Te Brömmelstroet wijst op de site spinlister.com waar mensen elkaars rijwiel kunnen lenen. 'Als je een bakfiets, racefiets of wat voor rijwiel dan ook nodig hebt en je ziet op de site een passend exemplaar dat bij jou in de buurt staat, kun je de fiets ontgrendelen en afrekenen met je mobiel. Technisch kan het en op kleine schaal gebeurt het al. Maar we weten niet of mensen hun fiets wel willen delen - wellicht zijn ze er te zeer aan gehecht.'

Het fietsen zelf kan ook efficiënter door een groene golf te creëren voor fietsers die zich aan een bepaalde snelheid houden. 'Ook dat is op belangrijke verbindingen technisch mogelijk. Evergreen heet de app die is ontwikkeld waarop de fietser kan zien hoe hard hij moet fietsen om in een groene golf terecht te komen.' Verder testen Te Brömmelstroet en zijn collega's 'slimme' fietspaden met ledlampjes op de kruisingen om auto's te waarschuwen voor naderende rijwielen. En hij onderzoekt of de omstreden Uberformule voor taxi's ook bruikbaar is voor fietskoeriers.

Onder de titel @fietsprofessor twittert Te Brömmelstroet dagelijks over de wetenschap en de praktijk van het fietsen. Sinds eind 2014 is er ook een echte fietsprofessor - voor één dag per week aan de Radboud Universiteit. Het gaat om de Amerikaanse transportdeskundige Kevin Krizek van de universiteit van Colorado, die het dna van de Nederlandse fietser gaat ontleden.

Dat Nijmegen het primeurtje van een fietsprof heeft, kan Te Brömmelstroet wel verkroppen. Dat het om een Amerikaan gaat, vindt hij opmerkelijk. 'Voor zo'n functie moet je natuurlijk internationale publicaties op je naam hebben over fietsen en fietsbeleid. Daar zitten Australiërs tussen en Amerikanen, maar weinig Nederlanders. Bizar. Daarom hebben we nu een professor uit de Rocky Mountains, Colorado. Maar ja, de vis in de kom is misschien niet per definitie de beste kandidaat om het water te bestuderen waarin hij zwemt.'

Foto Leonie Bos
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.