Een loket van het UWV.
Een loket van het UWV. © ANP

Een op de drie bijstandsgerechtigden ontvangt psychische zorg

Bijna eenderde van de bijstandsgerechtigden krijgt psychische zorg in de vorm van therapie in de geestelijke gezondheidszorg of medicijnen vanwege psychische klachten. Dat is ruim drie keer zoveel als bij werkenden of mensen die een opleiding volgen, van wie 10 procent psychische zorg ontvangt.

Dat blijkt uit onderzoek door het Centraal Bureau voor de Statistiek en Harvard University in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het is voor het eerst dat gegevens over de psychische zorg zijn gekoppeld aan die over de beroepsbevolking.

Alle uitkeringsgerechtigden samen nemen 58,2 procent van de kosten van de geestelijke gezondheidszorg voor hun rekening. Ongeveer 20 procent van de Nederlandse bevolking heeft psychische klachten, van wie 5 procent ernstig. Op enig moment in het leven krijgt ruim 43 procent van de Nederlanders hiermee te maken.

Het werkt ook andersom: eenmaal in de bijstand ondervind je sociale uitsluiting

Jim van Os

Dat bijstandsgerechtigden (circa 500 duizend) zijn oververtegenwoordigd in de psychische zorg verbaast hoogleraar psychiatrie Jim van Os (hersencentrum UMC Utrecht) niet. 'Met een psychische stoornis die lang aanhoudt ga je vanzelf richting de bijstand', zegt Van Os, gespecialiseerd in de GGZ. 'Maar het werkt ook andersom: eenmaal in de bijstand ondervind je sociale uitsluiting, wat weer een belangrijke risicofactor is voor psychische klachten.'

Die verdwijnen dan in afvoerputje van de bijstand

Jim van Os

Werknemers in de ziektewet (44,7 procent) en arbeidsongeschikten (38,2 procent) doen het vaakst een beroep op psychische zorg. Hoogleraar Van Os wijt het hoge percentage onder bijstandsgerechtigden (30,9 procent) ook aan uitkeringsverstrekker UWV, die 'onredelijk streng' is voor mensen met een psychische stoornis door hen niet toe te laten in de ziektewet, waar ze volgens hem vaak thuishoren. 'Die verdwijnen dan in afvoerputje van de bijstand, waar het lastig uitkomen is.'  

Hoogleraar economie Robert Dur (Erasmus Universiteit Rotterdam) werkt aan vergelijkbaar onderzoek en schrikt van de hoge percentages. 'Nu is vaak de opvatting dat mensen in de bijstand met gedwongen solliciteren of een tegenprestatie wel weer aan het werk te krijgen zijn', zegt hij. 'Maar als eenderde met psychische problemen kampt, zijn er eerst andere problemen op te lossen voor ze aan het werk kunnen.'

Werk vermindert de kans op een depressie

Werkgeversorganisatie VNO-NCW zegt de signalen uit het onderzoek te herkennen en hoopt juist dat het gemeenten aanzet deze groep nog beter in beeld te brengen. 'Dan helpen wij ze bij het vinden van een passende baan', zegt een woordvoerder. 'Voor ons 100.000 banenproject zoeken we mensen met een arbeidsbeperking, maar vooralsnog hebben we te weinig kandidaten.' 

Uitkeringsgerechtigden met psychische klachten hebben minder kans uit te stromen naar werk dan andere groepen, erkennen ook de onderzoekers. Psychische klachten belemmeren veel mensen om aan werk te blijven, hun werk op niveau te doen of om aan het werk te komen. Aan de andere kant vermindert werk de kans op een depressie. Hun aanbeveling is dat de geestelijke gezondheidszorg meer zou moeten samenwerken met instanties die de doelgroep aan het werk kunnen helpen.

Sociale diensten, de GGZ, huisartsen en UWV moeten worden geïntegreerd

Staatssecretaris Klijnsma (sociale zaken) stelt daarom voor de komende twee jaar 3,5 miljoen euro beschikbaar. 'GGZ-instellingen, gemeenten en UWV gaan de komende jaren nauw samenwerken om deze mensen naar werk te begeleiden. Ook samenwerking met werkgevers is cruciaal om mensen met een psychische aandoening aan werk te helpen.'

Het zal weinig veranderen, zegt hoogleraar Van Os. 'Wat Klijnsma doet is symptoombestrijding. De verschillende organisaties blijven bestaan, terwijl het hele systeem veel radicaler op de schop moet. Sociale diensten, de GGZ, huisartsen en UWV moeten worden geïntegreerd. Deze 3,5 miljoen euro zal vooral bureaucratisch overleg opleveren, terwijl het maar de vraag is of er beter zal worden samengewerkt.'