ESSAY

Een ode aan mijn haters

Schrijver en singer-songwriter Aafke Romeijn heeft een mening. En daardoor ook nogal wat haters op Twitter. Ze fantaseert er weleens over een kopje thee met ze te drinken.

null Beeld Deborah van der Schaaf
Beeld Deborah van der Schaaf

In de taxi terug naar huis, na een optreden in De Wereld Draait Door, check ik de hashtag #dwdd op Twitter. Als ik turf, kom ik op ongeveer vijftig tweets die over mijn bril gaan. 'Wie is die UIL?' 'Wie is die bitch met die bril???', en het grappiger geformuleerde 'Blanche van de Golden Girls heeft gebeld: ze wil haar bril terug'. Als ik thuis ben, maak ik screenshots van de meest in het oog springende reacties en schrijf er een kort blogje over op mijn website. Mensen weten inmiddels hoe ik met mijn haters omga: met humor. Ik voorzie hun tweets van commentaar, in de hoop dat anderen er net zo om kunnen lachen als ik. Op mijn nieuwe ep staat het nummer Russen, dat over mijn haters gaat. Over hoe ik erover fantaseer dat ik ze uitnodig voor thee met appeltaart, en dat sommigen normaal blijken en anderen lichtelijk paranoïde zijn. De clip is een ode aan mijn haters. Ik kan ze niet bestrijden, dus omarm ik ze maar.

Dat is niet altijd zo geweest. Ik herinner me de eerste keer dat ik een haattweet kreeg nog als de dag van gisteren. Mijn debuutalbum was net verschenen en de eerste reactie op Twitter luidde: 'Wauw, ik heb net het ALLERSLECHTSTE album ooit gehoord. Kan iemand dit meisje uit haar lijden verlossen??' Het kwam van een artiestenmanager van naam en werd gevolgd door tweets aan muziekjournalisten om mijn album met de grond gelijk te maken.

Ik ben er twee dagen niet goed van geweest. Voelde me een meisje dat op het schoolplein belachelijk werd gemaakt. Ik belde huilend vrienden om te vragen of mijn album echt zo slecht was. Er móést een kern van waarheid in zitten, anders nam iemand niet de moeite zijn afkeuring te laten blijken. Het duurde een paar jaar, twee albums, vele opiniestukken, wat tv-optredens en een berg ongefilterde haat om een olifantenhuid te kweken, een tefallaag waar het gif vanaf glijdt.

Menno Pot interviewde Aafke Romeijn afgelopen februari. Haar nieuwe album bevat twaalf sprankelende songs met puntige teksten. Voor het eerst zijn de sombere en vrolijke observaties in balans, zegt ze zelf, en dat past bij haar veelzijdigheid. (+)

Resistentie

Het is een proces waar iedereen die weleens in de media verschijnt doorheen gaat: de eerste haattweet doet nog pijn, maar langzaam kweek je resistentie. Die weerstand groeit mee met de negatieve tweets die steeds venijniger en lelijker worden naarmate je bekender wordt. Is het eerst een reactie op je werk, al snel worden het opmerkingen over je uiterlijk - zeker wanneer je vrouw bent - en voor je het weet gaat het over manieren waarop de anonieme haters jou de mond willen snoeren. Je raakt aan alles gewend.

Dat wil niet zeggen dat ik niet meer geraakt kan worden. Sinds ik een dochter heb, heb ik een zwakke plek. Ik sprak voor dit artikel met een aantal prominente publieke figuren op Twitter en kinderen blijken een universele achilleshiel. Journaliste en cabaretière Anke Laterveer: 'Laatst reageerde iemand op een column waarin ik schreef dat ik het soms zwaar vind in m'n eentje twee totaal verschillende kinderen te entertainen in de vakanties. Ze zei dat iemand als ik dan maar beter geen kinderen had kunnen krijgen.'

Columnist, en sinds kort lijsttrekker van GeenPeil, Jan Dijkgraaf is op Twitter en in zijn blogs niet mals voor anderen; en wie kaatst, kan de bal verwachten: 'Ik was hoofdredacteur van Metro toen columnist Theo van Gogh werd vermoord. In de maanden voor zijn dood kregen we steeds concretere bedreigingen aan zijn adres, zonder dat de politie het serieus nam. Als je zoiets meemaakt, zijn een paar haattweets echt peanuts. Toch: een paar jaar geleden ontving ik een dreigtweet waarin iemand zei dat hij mijn kinderen zou komen opzoeken. Daar ben ik wel even van over de zeik geweest.'

Zelf ontving ik, nadat ik in een artikel had geschreven over vrouwenbesnijdenis, een tweet waarin iemand suggereerde dat mijn dochter (destijds drie maanden oud) met een roestige bijl besneden zou moeten worden. Het was voor het eerst in lange tijd dat ik mijn laptop heb dichtgeklapt en een lange wandeling heb gemaakt om een paniekaanval af te wenden. Maar bang ben ik niet. Ik heb nooit gedacht dat iemand echt naar m'n huis wilde komen: de digitale wereld is nog altijd een andere dan de echte wereld. Bovendien heb ik zelden het idee dat mensen boos zijn op mij persoonlijk. Zodra je met je hoofd op tv verschijnt, lijkt het alsof mensen je niet langer als persoon zien, maar als scherm om hun ideeën en frustraties op te projecteren.

Ook cabaretier Dolf Jansen krijgt geregeld bakken derrie over zich heen, vooral als hij oproept tot empathie en dialoog, zoals in het vluchtelingendebat. 'Ik voel me nooit persoonlijk bedreigd door tweets. Ik besef dat mensen zelden mij als persoon haten, maar vooral waarvoor ik sta. Haters luisteren niet naar wat ik zeg: ik ben 'die linkse lul.' Ik ben een symbool voor alles wat ze haten. Bang ben ik niet, maar ik hoef niet de hele dag te horen hoe lelijk men me vindt.' Hoe ga je daarmee om? Eenvoudig: blocken en muten. Alhoewel: blocken doe ik zo min mogelijk, want sommige trollen zien een block als een trofee. Jansen: 'Ik heb nog geen twintig accounts geblockt, denk ik.' Muten is daarom handiger: je zet een account 'uit' zonder dat iemand het kan zien. Ik vind het een verademing: vooral de trollen die me bestoken met vunzigheden kan ik zo makkelijk negeren, zonder dat ik zij merken dat ik hun getrol niet trek.

Aafke Romeijn: 'Als je je op Twitter uitlaat over feminisme, islamofobie of racisme, merk je dat er duidelijke groepjes zijn.' Beeld
Aafke Romeijn: 'Als je je op Twitter uitlaat over feminisme, islamofobie of racisme, merk je dat er duidelijke groepjes zijn.'Beeld

Verhitte discussies

Er is een andere categorie negativiteit die me nog steeds raakt, of ik nu wil of niet. Er zijn twitteraars die ik al jaren volg, met wie ik zo nu en dan leuke, goede of grappige gesprekken heb en die plotseling omslaan als een blad aan de boom. Soms naar aanleiding van een van mijn stukken, soms komt het uit de lucht vallen. Met dit soort twitteraars ga ik in gesprek omdat ik wil weten wat ik verkeerd heb gedaan. Soms komen we eruit, maar soms kan ik niks meer goed doen. In een gepolariseerd twitterlandschap lijkt het al snel of iedereen leeft volgens het adagium 'wie niet voor me is, is tegen me', wat tot verhitte discussies leidt.

Journalist Wierd Duk verschijnt vaak in de media om te praten over gevoelige zaken als Rusland en de vluchtelingenproblematiek: 'Ik ga alleen in gesprek met mensen die ik serieus neem. Als ik die iets geks zie tweeten, stel ik vragen. Ik schrik nog steeds dat sommigen van hen opeens niet meer voor rede vatbaar zijn: ze beginnen te schelden, bieden hun excuses aan, en beginnen gewoon opnieuw.' Zo werd hij door een academicus en populaire twitteraar uitgemaakt voor 'stuk schimmel', iets later voor 'roeptoeter'.

Robbertje trollen

Als je je op Twitter uitlaat over feminisme, islamofobie of racisme, merk je dat er duidelijke groepjes zijn. Wanneer je door zo'n clubje op het schild wordt gehesen of juist tot vijand wordt verklaard, is dat haast niet meer te veranderen. Jansen: 'Mensen staan op Twitter vaak bij voorbaat tegenover elkaar, zonder te luisteren.' Duk: 'Het is of we als maatschappij een paar zenuwen bloot hebben liggen en steeds wanneer die geraakt worden, ontsteken mensen in blinde woede. Dat zegt niet alleen iets over die onderwerpen, maar vooral ook over persoonlijke hang-ups.'

Je hoeft je niet aan te sluiten bij zo'n twitterclubje, maar dat is eenzaam en je verhardt zelf ook, als je niet uitkijkt. Duk: 'Ik heb een olifantenhuid gekweekt, maar vergeet soms dat anderen die misschien niet hebben.' En er is nog een probleem. Dijkgraaf geeft grif toe dat hij zelf graag een robbertje trolt. 'Maar alleen bij mensen die ertegen kunnen: prominenten die ervaring hebben.' Toch maakt het feit dat de ander een dikke huid heeft, meent Laterveer, trollen niet vanzelf geoorloofd. Vorig jaar vertelde ze in tv-programma Pauw dat ze ooit was aangerand - ze initieerde de hashtag #zeghet -, en de moeilijkheden die ze ondervond bij het doen van aangifte. Laterveer: 'Toen bekende twitteraars zeiden dat ik mijn aanrandingsverhaal vast verzonnen had, vond ik dat vooral problematisch voor minder bekende slachtoffers. Het signaal was: hou maar je mond, je wordt toch niet geloofd. Prominenten op Twitter hebben een zekere verantwoordelijkheid, vind ik.'

Aafke Romeijn: 'Hoeveel je ook blockt en negeert: sommige trollen blijven het bloed onder de nagels vandaan halen.' Beeld Daniel Cohen
Aafke Romeijn: 'Hoeveel je ook blockt en negeert: sommige trollen blijven het bloed onder de nagels vandaan halen.'Beeld Daniel Cohen

Jennen en zuigen

Het credo luidt: don't feed the trolls. Dat is lastig. Hoeveel je ook blockt en negeert: sommige trollen blijven het bloed onder de nagels vandaan halen. Ze blijven jennen en zuigen. En als je zelf niet reageert, beginnen ze tegen je man, zussen, vrienden: alles om je uit je tent te lokken. Duk: 'Het is net een roedel hyena's die wacht op een zwak moment.' Negeren is het beste, daar zijn we het over eens, maar dat vergt veel. Dijkgraaf: 'Ik hou van ontregelen door opeens heel aardig te doen. Snappen ze niks van.'

Maar kom je niet in een veilige 'bubbel' terecht, als je je digitaal louter omringt met ja-knikkers? Dat vind ik riskant, dus volg ik veel twitteraars met wie ik het volstrekt oneens ben, maar met wie ik wél constructieve discussies heb. Jansen: 'Als ik in een negatieve reactie iets van redelijkheid bespeur, ga ik in discussie, met argumenten en humor.'

Humor vind ik ook belangrijk, het werkt ontregelend, relativerend en breekt het ijs. Echte haters zet ik graag voor schut door haattweets te bundelen op mijn website en van commentaar te voorzien. Alle briltweets kwamen keurig in één blogje terecht, waarin ik haters antwoord gaf: ja, er zitten echte glazen in mijn bril. Nee, ik ben niet Maja de Bij. En nee, ik ken Blanche van de Golden Girls niet, dus kan geen handtekening voor je regelen.

Gezellige tijdlijn

Tot slot: wie het niet met me eens is, is nog geen hater. Integendeel. Twitter werkt als een vlijmscherpe redacteur. Als je je tijdlijn goed organiseert, is het een heldere spiegel. Net als in het echte leven geldt: eerst luisteren, tot tien te tellen en dan pas antwoorden. Soms heeft een tegenstander gelijk. Nadat een week digitale diarree vanwege mijn verwijzing naar vrouwenbesnijdenis, begon het me te dagen: ik had óf mijn punt duidelijker moeten uitleggen en nuanceren óf een ander voorbeeld moeten kiezen. En nee: dat lag niet aan die anonieme twitteraar die mijn dochter te lijf wilde gaan met een bijl, maar aan anderen, die mijn stuk van minder gewelddadig commentaar voorzagen.

Ik heb geleerd dat als je je haters op waarde kunt schatten en om ze kunt lachen, je humeur in orde blijft. Maar ook aan humor zitten grenzen. Jansen: 'Mensen maken graag grappen over hoe mager ik ben. Prima, doe ik zelf ook. Maar ik werd een keer boven op een stapel Auschwitzlijken gephotoshopt: dat is geen satire meer.' In dat geval: wees niet te voorzichtig met blokkeren. Een gezellige tijdlijn begint én eindigt bij jezelf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden