Een levenshouding gevormd door grote schrijvers

In zijn woonplaats Vierhouten is woensdagavond overleden prof.dr. J. J. Oversteegen (73), een van de oprichters van het tijdschrift Merlyn....

D IT voorjaar publiceerde J. J. Oversteegen zijn meest persoonlijke boek: Etalage. Het heeft ondertitel Uit het leven van een lezer. Het bijzondere ervan is, dat hij veel schrijft over andere lezers, van zijn ouders tot de Italiaanse uitgever en lettré ('de onverzadigbare lezer') Roberto Bazlen. De meeste van die andere lezers hebben in Oversteegens leesleven een stimulerende rol gespeeld. Zij moeten hem hebben geïnspireerd tot eenzelfde gedrag.

Oversteegen werd het niet alleen nooit moe (ook letterlijk) over literatuur te spreken, zijn vaak briljante conversatie zat altijd vol met aanmoedigingen en adviezen. En die waren even uitdagend als prikkelend. Hij heeft zeer velen aan zich verplicht, vrienden en later studenten. Ook ik heb veel aan hem te danken, tot in het laatste gesprek dat ik met hem heb gehad. Hij had toen net gehoord dat hij ongeneeslijk ziek was. Hij redeneerde als vanouds, met heel veel terzijdes, over zijn ziekte sprak hij nauwelijks. Hij heeft die en het vooruitzicht van een snelle dood met stoïcijnse, bijna onwerkelijke moed gedragen, ook in de geest van Marcus Aurelius en Montaigne. Grote schrijvers hebben in veel opzichten zijn levenshouding gevormd.

Oversteegen studeerde Nederlands en geschiedenis te Amsterdam. Hij was enige tijd leraar, maar werd al gauw directeur van de Stichting voor Vertalingen. In die tijd, het einde van de vijftiger jaren, leerde ik hem kennen, wat betekende dat hij zich aan mij liet kennen in zijn belezenheid, ideeën over literatuur en maatschappij (hij was sociaal zeer gedreven). Uit wederzijdse herkenning - en in die herkenning moet uiteraard ook H. U. Jessurun d'Oliveira worden betrokken - is in 1962 het tijdschrift Merlyn ontstaan. Hij is in de - geplande - vier jaar van het bestaan van het blad de grote inspirator en stimulator geweest, de theoretische geest ook.

Merlyn heeft in zijn levensgeschiedenis zeer veel betekend. Niet alleen doordat hij in het tijdschrift heel veel publiceerde en ook polemiseerde - hij werd in zekere zin publiek - maar zijn intens bezig zijn met de literatuur bracht hem terug naar de universiteit. In 1969 promoveerde hij op het proefschrift Vorm of vent, een studie naar de literatuuropvattingen van Nederlandse critici tussen de beide wereldoorlogen die een standaardwerk is geworden.

Het boek is ook bewonderenswaardige beknopt geschreven, zonder de terzijdes, die hij in zijn latere studies weggaf. Die studies, geschreven tijdens zijn Utrechtse hoogleraarschap, zijn literair-theoretisch van aard, streng in de leer, maar sterk, zeker in de laatste van de drie studies, in de twijfel ook, gevolg van de vrees voor verwijdering tussen literatuur en literatuurwetenschap, waardoor hij tenslotte voor de kritiek koos.

Na zijn emeritaat werkte hij tien jaar aan een tweedelige biografie van Cola Debrot (voor wie hij, als voor Du Perron, de genoemde Bazlen, een grote verering had en die moet ook te maken hebben met de door hem, typische noorderling, bewonderde zuidelijke wereldse allures van de drie). De biografie heeft in Nederland niet de verdiende aandacht gekregen. Dat heeft hem veel pijn gedaan.

Onomstreden is Oversteegen nooit geweest. Hij lokte dat zelf uit, ook door zijn polemische aard, zijn vaak docerende toon, zijn grote voorkeur voor de discussie, onvermijdelijk in de standpuntbepaling van de intellectueel. Van de verantwoordelijkheid van de intellectueel was hij zich altijd bewust. Hij heeft heel veel van Ter Braak en Du Perron geleerd. De omstreden figuur die hij al als student was, kan men door een dun waas van fictie leren kennen in het werk van J. J. Voskuil en Frieda Vogels, medestudenten van Oversteegen. Maar ook het gezag, om niet te zeggen de leidende rol die hem al vroeg werden toegekend, worden zichtbaar.

Oversteegens bijzonderste eigenschappen waren zijn trouw in de vriendschap en zijn vermogen tot bewonderen. Ik heb hem veertig jaar gekend; hij heeft zeer veel tegen mij aangepraat, maar ook vele malen indrukwekkend tegenover mij gezwegen. Dat laatste is mijn mooiste herinnering aan hem. Hij liet er zijn innemende en vooral meelevende zachte krachten in blijken. Dat zijn die van de vriendschap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden