Een atlas van gewicht

Hij is vijf centimeter dik en vijf kilo zwaar en er is veel goeds te zeggen over de millennium-editie van 'The Times Atlas of the World'....

Een atlas voor het nieuwe millennium, dat moet haast wel een digitale zijn. Niks loodzwaar boekwerk, maar een vederlicht schijfje voor de computer. Niet dan? Nee, niet volgens de gevestigde uitgevers. Wie een grote boekhandel binnenstapt, vindt daar niet alleen de met veel fanfare gepresenteerde millennium-editie van The Times Comprehensive Atlas of the World, maar ook de Rand McNally Millennium World Atlas, de millennium-editie van de Philip's Atlas of the World, de Dorling Kindersley Millennium World Atlas en een nieuwe editie van de National Geographic Atlas of the World, die geheel in Amerikaanse stijl bescheiden wordt aangeprezen als 'de meest gezaghebbende en nauwkeurige atlas van dit moment'.

De Times-millenniumeditie verschijnt ruim honderd jaar na de eerste Times-atlas. Kan de Times nog steeds met recht 'de atlas der atlassen' worden genoemd, deze reputatie wordt in de millennium-editie wel in de waagschaal gesteld.

De redenen zijn bekend: het maken van een atlas is een duur en tijdrovend proces, de marges zijn klein en de concurrentie is groot. Het digitaal vervaardigen van kaarten, spaart tijd en geld. Wie de millennium-uitgave vergelijkt met de editie uit 1967 (herdrukt tot 1992), kan echter niet anders dan terugverlangen naar het pre-digitale tijdperk. Aan de leesbaarheid van de heldere kaarten mankeert niets. Die is zelfs verbeterd waar het de chaotische belettering betreft die door de vele actualiseringen van steeds dezelfde kaarten was ontstaan.

Wat is verdwenen, is de warmte en diepte van de vroegere kaarten. Niet alleen omdat van achtkleurendruk is teruggegaan naar vierkleurendruk, maar ook doordat met de digitalisering veel details in het reliëf verloren zijn gegaan. Juist hierdoor onderscheidde de Times-atlas zich destijds van zijn, met name Duitse, concurrenten.

Atlassen weerspiegelen niet alleen onze kennis van de wereld, maar zijn tegelijkertijd een uitdrukking van de politieke en economische machtsverhoudingen. Waar cartografen als Joan Blaeu, Abraham Ortel (Ortelius) en Gerard Kremer (Mercator) in de zestiende en zeventiende eeuw de toon aangaven, viel die rol in de negentiende eeuw toe aan Duitsland. In 1817 verscheen de eerste druk van Stielers Handatlas, die tot in de vorige eeuw vele herdrukken zou beleven.

Als opkomende koloniale mogendheid groeide ook in Groot-Brittannië de behoefte aan goede kaarten. De eerste Times-atlas uit 1895, een initiatief van het gelijknamige dagblad, was nochtans niet meer dan een Engelse bewerking van Andrees Handatlas, een misleidende titel voor een nauwelijks te tillen boekwerk dat in omvang weinig onderdeed voor de huidige Times. Wie Andrees Handatlas van honderd jaar geleden openslaat, wordt nog steeds getroffen door de verbijsterende hoeveelheid gegevens die de graveurs van Velhagen & Klasing uit Leipzig op de dubbele kaartbladen (die niet als in huidige atlassen in de vouw van het boek verdwenen) wisten aan te brengen, zonder dat de kaarten volslagen onleesbaar werden.

Het Duitse Rijk had omstreeks de eeuwwisseling, als we de latere veroveringen van Hitler buiten beschouwing laten, zijn grootste omvang bereikt en strekte zich uit van Metz in Lotharingen tot de Memel in het huidige Litouwen. In Andrees Handatlas lag de nadruk dan ook sterk op Europa en daarbinnen op het Duitse Rijk. Van de 126 kaarten waren er 51 aan Europa gewijd en daarvan weer bijna de helft aan Duitsland.

Na de Eerste Wereldoorlog besloot Times de zaak in eigen hand te nemen, onder het motto a world re-made must be a world re-mapped. In 1921 verscheen de geheel vernieuwde Times Survey Atlas of the World, vervaardigd door Bartholomew in Edinburgh. Het accent was daarin al verschoven naar de wereld buiten Europa en vooral naar de Britse koloniën.

De kaarten vielen op door het gebruik van kleuren om hoogteverschillen aan te geven. In de Duitse atlassen werd gebruikt gemaakt van 'schaduwering', waarbij door arcering de suggestie van een driedimensionaal beeld werd gewekt. Kaarten van gebergten als de Alpen werden moeilijk leesbaar. Nieuw was ook een plaatsnamenregister met coördinaten.

Na 1945 kon de kaart van Europa opnieuw worden getekend. De uitgevers van Times-atlas pakte de zaken groots aan. In 1955 verscheen het eerste deel van de vijfdelige Times Atlas of the World-Mid-Century Edition. Door elk werelddeel in een afzonderlijke band te stoppen, wilden ze een evenwichtiger beeld van de wereld als geheel geven. Elk deel bevatte 24 kaarten waarbij gebruik was gemaakt van bijvoorbeeld de luchtfotografie. Europa besloeg in deze atlas nog maar 36 van de 120 kaarten.

De spreiding over vijf delen bleek toch niet zo'n succes, want hoe hou je zo'n atlas up-to-date? In 1967 werd alles weer ineengeschoven in The Times Atlas of the World, Comprehensive Edition. Deze atlas, die met tussenpozen tot 1992 werd geactualiseerd en herdrukt, is nog steeds onovertroffen. De veelkleurige kaarten met hun rijkdom aan details en minutieuze weergave van het reliëf zijn nog steeds een lust voor het oog. De digitaal vervaardigde kaarten van de nieuwe millennium-editie doen daarmee vergeleken nogal flets aan.

Sinds de Times-editie van 1967 is de verhouding in de aandacht voor Europa en de rest van de wereld niet wezenlijk meer veranderd. Wel is in de millennium-uitgave een aantal accenten verlegd. Minder ruimte voor de Benelux, meer voor Oost-Europa. Geen kaarten meer van Alaska en Groenland, wel extra aandacht voor Latijns-Amerika.

Een feit blijft dat de markt nog steeds wordt beheerst door atlassen die zijn gemaakt vanuit een westerse optiek. Ook veel ontwikkelingslanden vallen uit geldgebrek vaak terug op bestaande atlassen waaraan regionale kaarten worden toegevoegd. Een uitgave die daarmee radicaal breekt, komt van een kleine Amsterdamse uitgeverij, Hebri, vooral bekend van wandkaarten voor scholen.

De atlas Nos Isla I Nos Mundi behandelt de wereld vanuit het perspectief van de Nederlandse Antillen en is bedoeld om op Antilliaanse scholen de plaats in te nemen van de vertrouwde Bosatlas. Want waarom zou een scholier in Willemstad wel moeten weten waar de Veenkoloniën liggen, maar vergeefs moeten zoeken naar informatie over Venezuela?

Voor de Nederlander is het even wennen, een wereldatlas die begint met Curaçao, Bonaire en Aruba en vervolgens in steeds grotere cirkels de rest van de wereld in kaart brengt: eerst het Caribisch gebied, Zuid-Amerika - in het bijzonder Suriname - en pas vele pagina's verderop Europa.

Ook deze atlas is geheel op de computer vervaardigd. Dat heeft geresulteerd in opvallend kleurrijke, maar goed leesbare landkaarten, aangevuld met thematische kaarten. De digitalisering heeft hier als voordeel dat relatief eenvoudig aangepaste edities voor andere landen in het gebied kunnen worden gemaakt. Aan een uitgave voor Suriname wordt gewerkt. Zo krijgt ieder land misschien ooit nog eens zijn eigen atlas.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden