BeschouwingRol gender in de samenleving

Een andere blik op het stadsleven in 18de-eeuws Amsterdam dankzij nieuwe technieken

Digitale Laserscan van de Bloemstraat, 4D Research Lab, Universiteit van Amsterdam. Beeld Stadsarchief Amsterdam - Bewerking Studio V

Met nieuwe technieken – van kunstmatige intelligentie tot laserscanning – werpen historici aan de UvA nieuw licht op de rol van mannen en vrouwen in de samenleving door de eeuwen heen. ‘Ik denk dat we over een paar jaar de geschiedenis van Amsterdam kunnen herschrijven.’

Waar zijn de Amsterdamse vrouwen gebleven? Ergens in de loop van de 17de eeuw, op de drempel van wat historici de ‘moderne tijd’ noemen, verdwenen vrouwen uit het straatbeeld in de hoofdstad. Vrouwen behoorden het huishouden te doen en trokken zich terug – of: werden teruggetrokken – achter de voordeur. Mannen deden het betaalde werk, buitenshuis, en claimden bij afwezigheid van vrouwen de openbare ruimte. Dat is althans de theorie.

Die theorie is tegelijkertijd hardnekkig en moeilijk te bewijzen, zegt Danielle van den Heuvel, universitair hoofddocent aan de Universiteit van Amsterdam. Van den Heuvel geeft sinds 2016 leiding aan Freedom of the Streets, een door NWO gefinancierd onderzoeksproject dat met voor historici nieuwe technieken kijkt naar vrouwen in de stad, in Amsterdam en Edo – het huidige Tokio, net als Amsterdam een van de belangrijkste steden in de vroeg-moderne geschiedenis.

‘Het bestaande beeld is dat vrouwen zich in de vroeg-moderne periode terugtrokken in huis. Denk aan de spreekwoordelijke Hollandse huiselijkheid: tafereeltjes op schilderijen van Vermeer en geschriften van moralisten als Jacob Cats over de rol van de vrouw. Aan de andere kant zie je dat er reisverslagen zijn van buitenlanders die het opvalt dat je in Nederland zoveel ondernemende vrouwen ziet.’

Beeld Getty - bewerking Studio V

Om een beeld te krijgen van de straten in 18de-eeuws Amsterdam analyseerde het team van Van den Heuvel duizenden historische bronnen, vaak handgeschreven documenten die tot voor kort nauwelijks toegankelijk waren voor systematisch historisch onderzoek. Het vergt oefening om oude, handgeschreven archiefstukken te lezen, waardoor historisch onderzoek zich vaak beperkte tot een afgebakende hoeveelheid materiaal.

Historische bronnen zijn steeds vaker digitaal beschikbaar, waardoor het eenvoudiger is archiefonderzoek te doen. Materiaal dat alleen met moeite toegankelijk was, bijvoorbeeld omdat het in buitenlandse archieven ligt, is tegenwoordig binnen handbereik.

Archiefstukken zijn bovendien steeds vaker inhoudelijk toegankelijk. Vrijwilligers transcriberen documenten in projecten van citizen science (‘burgerwetenschap’), beeldherkenningssoftware leest de handgeschreven teksten, of een combinatie van die twee. Het Amsterdamse Stadsarchief combineerde recentelijk handmatige en machinale transcriptie van teksten om de kunstmatige intelligentie van software die handschriften leest te verbeteren.

Door de enorm verbeterde toegankelijkheid van historisch materiaal en dankzij de verbeterde techniek om dat materiaal te analyseren, komt vooral het leven van gewone mensen beter in beeld, vertelt Van den Heuvel.

Beeld Getty - bewerking Studio V

‘Als je tien, vijftien jaar geleden onderzoek wilde doen, had je in Amsterdam bijvoorbeeld de beschikking over belastingregisters, maar daarin staan alleen de gegevens van inwoners boven een bepaald inkomen. Als je keek naar zoiets als de Amsterdamse vismarkt, dan had je alleen gegevens over de rijkere handelaren die daar een bank huurden. Er was nauwelijks informatie over de dragers, of de armere verkoopsters die daar net zo goed op de markt stonden.’

Die groep onzichtbare mensen, vrouwen en mannen, is voor een deel zichtbaar geworden door de digitale ontsluiting van het Archief van de Amsterdamse Notarissen in het Stadsarchief. Naast stukken over handel, slavernij, scheepvaart en erfenissen bevat het notariële archief een groot aantal verklaringen die door notarissen werden opgetekend in de aanloop naar rechtszaken. Dat zijn niet alleen verklaringen van slachtoffers van een misdrijf, maar juist ook verslagen van getuigen. Mensen die op straat waren en iets zagen gebeuren, geregistreerd met naam, toenaam, adres en de plaats en tijd waar ze getuige waren van een incident. ‘Dat betekent dat je gewone mensen, mensen die tot nu toe vaak onzichtbaar waren, een exacte plaats en tijd kunt geven. We kunnen mensen met al hun achtergrond tot op het uur nauwkeurig plaatsen in de geschiedenis.’

Dankzij die nauwkeurige gegevens wordt het ook mogelijk het gebruik van de publieke ruimte in kaart te brengen. Als je van iemand die een verklaring aflegt weet waar ze werkte, of waar ze zich bevond – denk aan een marktvrouw met een huisje in de Jordaan die op de Noordermarkt getuige is van een vechtpartij – dan kun je een looproute tussen huis en werk in kaart brengen; als je dat doet met gegevens uit honderden of zelfs duizenden getuigenissen, dan krijg je een beeld van het vroeg-moderne hoofdstedelijke spitsuur.

Beeld Getty - bewerking Studio V

Met de gegevens uit het notarissenarchief krijgen gewone Amsterdammers ineens een stem, hun eigen stem, in de geschiedenis van hun stad. ‘Je leest in die getuigenissen wat er op straat gebeurde, dingen die je eigenlijk niet tegenkomt in andere stukken. Denk aan straatverkopers, mensen die eten verkochten. Een van de verklaringen is van een oude man die ’s avonds laat pannekoeken stond te bakken op het Rembrandtplein en werd lastiggevallen door een groep dronken mannen.’ Inmiddels heeft het team meer dan tweeduizend van dat soort getuigenissen verzameld.

Het lijkt logisch dat je als onderzoeker méér spelden vindt in een grotere hooiberg, maar Van den Heuvel benadrukt dat het bij het werk niet alleen gaat om het verzamelen van grote hoeveelheden materiaal. ‘Het gaat om de manier die je gebruikt om dat materiaal te doorzoeken.’

‘Historici hebben het over fuzzy data. Gegevens die we gebruiken zijn vaak rommelig en niet gestructureerd. Voordat je gericht onderzoek kunt doen, en gerichte vragen kunt stellen, moet je zelf een systeem hebben om de informatie die je hebt te standaardiseren.’

Door het gebruik van kennis en methoden uit bijvoorbeeld de computerwetenschappen en sociale geografie is het bovendien mogelijk om meer gedetailleerde analyses van het materiaal te maken.

Een enkele keer zijn die geleende methoden en technieken ronduit onverwacht. Postdoctoraal onderzoeker Gamze Saygi maakte dit voorjaar met laserapparatuur een driedimensionale scan van de gevels in de Bloemstraat in de Jordaan. Geholpen door de coronamaatregelen, waardoor de straten begin april relatief leeg waren, bracht ze met lasermeetapparatuur het straatprofiel in kaart. Geen techniek die je onmiddellijk verwacht in historisch onderzoek, maar een driedimensionale scan geeft interessante nieuwe mogelijkheden. ‘Een landkaartje presenteert de werkelijkheid in een plat vlak, met een driedimensionale weergave kun je veel beter zichtbaar maken wat er in dat platte vlak precies gebeurde.’

Digitale laserscan van de Bloemstraat, 4D Research Lab, Universiteit van Amsterdam. Beeld Stadsarchief Amsterdam

‘We hebben bijvoorbeeld verklaringen van getuigen aan de Lijnbaansgracht, ook in de Jordaan, die vertellen hoe ’s avonds laat een vechtpartij uitbrak tussen bewoners van een andere kamer in huis. Je kunt ze niet alleen op een adres plaatsen, maar ook op een plek binnen dat adres.’

Door gegevens uit andere historische bronnen, bijvoorbeeld trouwboeken, doopregisters en afschriften over de verkoop van onroerend goed, te combineren met het notarieel archief en de driedimensionale visualisatie van de Bloemstraat, krijgt de geschiedenis letterlijk extra structuur en gelaagdheid, zegt Van den Heuvel.

De verbeterde en meer gestructureerde toegang tot bronnen brengt onderzoekers veel dichter bij de historische werkelijkheid, zegt Van den Heuvel. Dat betekent ook dat het bestaande beeld van die werkelijkheid misschien aan herziening toe is. Van den Heuvel vertelt dat haar proefschrift in 2007 ging over vrouwelijk ondernemerschap in de Noordelijke Nederlanden. ‘Ik had een heel ander boek geschreven als ik toen dit materiaal had gehad. Met de gegevens die nu beschikbaar komen, moet de geschiedenis van Amsterdam over een paar jaar waarschijnlijk herschreven worden.’

Universitair hoofddocent aan de UvA Danielle van den Heuvel geeft sinds 2016 leiding aan het project Freedom of the Streets.Beeld Anne Posthuma

In de stad Amsterdam

In de nacht van zaterdag 11 op zondag 12 juli 1750 krijgen Arij van der Ven en Jan Rut Deurhoff ruzie op hun kamer aan de Baangragt (tegenwoordig Lijnbaansgracht),

Van der Ven riep tegen Deurhoff: ‘Je bent een dieff en dat zegt je moeder zelfs.’

Deurhoff reageerde: ‘Als je van me moeder quaedt spreekt, zal ik je een stomp in je oogen geeven.’ En zo gebeurde.

Later diezelfde nacht ontstaat opnieuw een vechtpartij tussen de twee mannen, waarbij Van der Ven gewond raakt. Volgens huisgenoten roept hij: ‘Ik ben gequest ik ben gequest ik ben waeragtig gequest.’

De chirurgijn wordt erbij gehaald om hem te verbinden, waarna hij ‘kort na het verband deezer wereld zonder iets anders te zeggen als O God ’t geen hij verscheijde maelen repeteerde is koomen te overleijden.’

Op 3 juli 1750 staan twee dronken mannen te urineren tegen de kelderdeur van weduwe Aeltje Gerritz, in een steegje dat uitkomt op de Oudezijds Voorburgwal. Gerritz schreeuwt de mannen toe: ‘jou onbeschofte beesten stae je daer zoo te waeteren.’ Daarna gooit ze een kan water over een van de twee, die haar vervolgens een schop geeft, waardoor ze achterover haar kelder invalt. Een buurvrouw, ene Marianne Nicolo, gaat daarop met een glas brandewijn de kelder in om Aeltje weer op de been te helpen.

‘Mijn favoriete zaak, omdat het speelt in de steeg waar ik woon’, aldus onderzoeker Bob Pierik.

Paarden in Amsterdam

Er stond een paard op de gracht, belastingtechnisch gezien. Promovendus Bob Pierik gebruikte de zogenoemde Personele Quotisatie, een belastingregister uit 1742, om paardenbezit in de hoofdstad in kaart te brengen. Op het eerste gezicht lijkt het, ook in Pieriks woorden vooral ‘een leuk dingetje’, maar paardeneigendom geeft wel degelijk inzicht in het verschil tussen mannen en vrouwen in de openbare ruimte. Al in 1528 werd in Amsterdam vastgesteld dat er zoveel paarden waren dat verkeersregels nodig waren om vrouwen en kinderen op straat te beschermen tegen al te ongecontroleerde paardenkarren en –sledes. Aan de andere kant kregen vrouwen volgens Pierik juist meer bewegingsvrijheid toen er meer koetsen op de Amsterdamse straten kwamen, waardoor ze afgeschermd van de buitenwereld op stap konden.

Pierik maakt een belangrijke kanttekening bij de kaart: in de Personele Quotisatie staan alleen gegevens van belastingbetalers met een inkomen van meer dan zeshonderd gulden per jaar. Dat betekent dat driekwart van de Amsterdammers niet in het register staat. In het register staan bijvoorbeeld nauwelijks de zogenoemde ‘slepers’ die met paard en slede dagelijks goederen vervoerden.

Pierik wijst er nog op dat in de Personele Quotisatie gegevens werden geregistreerd op het adres van de belastingbetaler. Dat is niet per se het adres waar het paard huisde. Belastingtechnisch stond er een paard op de gracht, in werkelijkheid stond het waarschijnlijk ergens anders op stal.

Paardenbezit in Amsterdam (1742), Bob Pierik, Universiteit van Amsterdam. Beeld Stadsarchief Amsterdam

18de-eeuwse Gouden Gids

Het is een beetje lange titel, maar het Naamregister van alle de kooplieden, voornaame handelsdryvende of negotiedoende winkeliers en fabricanten der stad Amsterdam was jarenlang een standaardwerk met gegevens van alle ondernemers uit de hoofdstad. Een soort Gouden Gids van 18de-eeuws Amsterdam dus.

Postdoctoraal onderzoeker Gamze Saygi gebruikte een door het Stadsarchief gedigitaliseerde versie van het Naamregister om de bewegingen van Amsterdamse handelaren in te tekenen op een kaart van de stad uit 1784. ‘In het overzicht staan voor sommige handelaren het woonadres en het adres van de onderneming. Dat betekent dat je looproutes in kaart kunt brengen.’

Saygi keek met gegevens uit het naamregister ook naar historische clusters van verschillende soorten handel en activiteiten.

Het Naamregister bevat een aantal gegevens van vrouwelijke handelaars en fabrikanten in de stad. ‘Als je gaat zoeken, staan er wel degelijk vrouwen in het Naamregister. Weduwes, gezusters, vrouwen die samen een onderneming hebben’, aldus Saygi. Dat kan helpen hun rol in handel en nijverheid in beeld te brengen.

Daarnaast bevat het overzicht een aparte sectie met namen en adressen van joodse kooplieden (en ‘negotiedoende winkeliers en fabricanten’) en geven verhandelde producten een idee van internationale connecties van ondernemingen. ‘Denk bijvoorbeeld aan Turkse tapijten, of handelswaar uit West-Indië’, aldus Saygi.

De Bloemstraat in 3D

De Amsterdamse grachten zijn niet helemaal ten onrechte wereldberoemd, maar het weefsel dat de stad bij elkaar houdt (hield) wordt gevormd door verbindingsstraten zoals je die vindt in de Jordaan. ‘Dat is de plek waar je de sociale dynamiek vindt, daar kom je de hele stad tegen, van arm tot rijk’, aldus Gamze Saygi.

Stadsarchief Amsterdam

Digitale laserscan van de Bloemstraat, 4D Research Lab, Universiteit van Amsterdam.

Saygi maakte met hulp van het 4D Research Lab van de Universiteit van Amsterdam een driedimensionale scan van het straatprofiel in de Bloemstraat. Met de visualisatie die dat oplevert, hoopt ze letterlijk een extra laag aan de geschiedenis toe te voegen.

Scans voor het onderzoek werden gemaakt met zogeheten Lidar, laserapparatuur waarmee zeer precies afstanden bepaald kunnen worden. Het resultaat is zo nauwkeurig dat achter sommige ramen zelfs de bloemen op tafel te zien zijn.

Digitale Laserscan van de Bloemstraat, 4D Research Lab, Universiteit van Amsterdam. Beeld Stadsarchief Amsterdam

Meer visualisaties en landkaarten staan op www.freedomofthestreets.org

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden