Economie speelt geen rol bij racistisch geweld

Racisme jegens immigranten komt niet voort uit angst voor bedreiging van de economie ('ze pikken onze banen in'), maar gewoon uit vreemdelingenhaat. Economische factoren hebben daar vrijwel niets mee te maken.

Wil Thijssen
Demonstranten in Dover in september vorig jaar. Beeld epa
Demonstranten in Dover in september vorig jaar.Beeld epa

Dat blijkt uit een promotieonderzoek naar onder meer 'hate crimes' - de mishandeling, bedreiging of intimidatie van iemand vanwege diens afkomst of geloof. Promovendus John van Kesteren onderzocht slachtoffers van racistisch geweld in veertien West-Europese landen. 'Je zou verwachten dat in regio's met een hoge werkloosheid en lage inkomens meer racistisch geweld voorkomt, maar dat is niet zo', zegt Van Kesteren. 'Hate crimes nemen alleen toe naarmate het aantal immigranten stijgt, ongeacht sociaal-economische factoren in het gebied waar die toename zich afspeelt.'

Onder vreemdelingenhaat verstaat de promovendus angst voor verlies van de eigen identiteit door bijvoorbeeld vreemde geloofsrituelen - 'denk aan de kreet dat heel Europa islamiseert' - vreemde eetgewoonten of het verdwijnen van Zwarte Piet.

Jonge immigranten

Van Kesteren baseert zijn conclusie op resultaten van de Internationale Slachtofferenquête, die sinds 25 jaar elke vier of vijf jaar wordt gehouden onder de bevolking van ruim tachtig landen. Daarin worden gemiddeld tweeduizend personen per land bevraagd over hun ervaringen met diverse soorten criminaliteit. In West-Europa is 2,8 procent van de bevolking ten minste eenmaal slachtoffer geweest van racistisch geweld. Dat varieert van 1 procent in Portugal tot 5 procent in Denemarken en het Verenigd Koninkrijk, maar in Portugal wonen verhoudingsgewijs dan ook minder immigranten dan in die laatste twee landen.

De resultaten laten zien dat jonge immigranten die wonen in een grote stad, een laag inkomen hebben en veel uitgaan het grootste risico lopen om slachtoffer te worden van racistisch geweld. Dat komt eigenlijk vooral, zegt Van Kesteren, doordat zij het vaakst in contact komen met de lokale bevolking, en dus ook met daders.

Hate crime

Ook 1 procent van de autochtonen is weleens slachtoffer van een hate crime, maar bij immigranten is dat aantal drie keer zo hoog. Daarmee scoort West-Europa veel hoger dan Australië, Canada en de Verenigde Staten, maar dat komt doordat de laatste drie van oudsher immigratielanden zijn, stelt de onderzoeker. 'Iedereen is daar immigrant. Europeanen daarentegen zijn blijvers. Daar ligt immigratie gevoeliger.'

Van Kesteren promoveerde vrijdag 2 oktober aan de universiteit van Tilburg op zijn onderzoek naar data van de Internationale Slachtofferenquête. Emeritus hoogleraar criminologie Frank Bovenkerk, die veel onderzoek verrichtte naar de relatie tussen etniciteit en criminaliteit, noemt Van Kesterens onderzoeksresultaten over racistisch geweld verrassend. 'De vraagstelling is interessant. Er wordt altijd verondersteld dat economische factoren bij hate crimes wel een rol spelen. Dat op basis van empirisch bewijs blijkt dat dit niet zo is, is opzienbarend te noemen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden