DIVERS

Zoals bekend uit interviews en uit zijn autobiografische boekje Weerzien (1984) bracht Boudewijn Büch zijn jeugd in de jaren vijftig door in Wassenaar en in de aangrenzende duinen van Meijendel....

Waar is Vati dan?

Het verhaal over de bewonderde vader die voor lange tijd verdween uit het leven van de zoon toen die een jaar of tien was, een gebeurtenis die aan de basis ligt van zijn ongeneeslijke melancholie, keert voortdurend terug in het werk van Büch. Ook als het de romans betreft waarin de hoofdpersoon Winkler Brockhaus heet, het dorp van de jeugd de naam Oppidum draagt, en Meijendel is uitgegroeid tot een landschap van arcadische allure. Via deze Brockhaus kan Büch zijn neiging tot mythologisering en zelfvergroting uitleven.

Het is een van de mogelijkheden die literatuur biedt, daar kan niets tegen ingebracht worden. Dat wil zeggen: als die neiging werkelijk in literatuur uitmondt, en daar slaagt Büch maar niet in. Met het Woordenboek van Holle Frasen naast zijn computerscherm ('Tijd, afstand, nostalgie en verlangen maken alles mooier'; 'De tijd staat niet stil'; 'Het uitzichtloze van het onuitroeibare verlangen'; 'De drijfjacht op het verleden') haalt hij in De Bocht van Berkhey (De Arbeiderspers, ¿ 29,90) voor de zoveelste keer die bijzondere vader, die au fond niets avontuurlijkers verzint dan zijn zoon mee naar de duinen of het museum te nemen, en de onvergetelijke 'geestgronden' van stal. Naar de vallei van je jeugd kun je later nooit meer reizen, zo beseft eenieder die volwassen is. Brockhaus schijnt dat niet te begrijpen. 'Waar is Vati dan?', zeurde hij als kind al tegen zijn moeder, en dat is hij zijn hele leven blijven jengelen.

Arjan Peters

Godengeweld

'Mijn verhaal gaat over de oorlog en over een man die als eerste,/ Trojes kust ontvluchtend, geroepen werd naar Italië;/ veel zwierf hij rond over zeeën en landen, weerloze prooi/ van godengeweld en wraakzucht van de onverzoenlijke Juno,/ veel ook heeft hij verduurd in een oorlog tot hij een stad/ zou stichten in Latium, dat als land van geboorte bestemd was/ voor Latijnen, Alba en de hoge muren van Rome.'

Zo begint de classicus Piet Schrijvers zijn vertaling van de Aneis van Vergilius, een integrale vertaling die bij de Historische Uitgeverij Groningen

(¿ 65,-) is uitgekomen.

Schrijvers, die al eerder zijn vertaling van de boeken 1, 2, 4 en 6 van de Aeneis onder de titel De zwerftocht van Aeneas bij de Historische Uitgeverij had gepubliceerd - nu herzien voor deze volledige versie - is gebaseerd op de editie van T.E. Page uit 1984.

Wie meent niet in staat te zijn de bijna driehonderd bladzijden Vergiliaanse epiek te lezen, kan er ook naar luisteren, want bij het boek zit een cd, waarop Jules Croiset de tekst voordraagt.

Willem Kuipers

Tussenzinnen

Wie in de zeventiende eeuw een boek aan de man wilde brengen, prees het aan met de woorden: 'Ter lering en vermaak'. Van de mooie boeken in de Griffioenreeks (drie nieuwe deeltjes; Querido; ¿ 12,50 per stuk) kan dat nog steeds gezegd worden. Het schatrijke Bourgondische Brugge komt tot leven in Is Brugge groot? En dat levert, zeker als de middeleeuwse dichter Anthonis de Roovere aan het woord is, puur vermaak op. In zijn kroniek van Brugge gaat hij als een journalist te werk. Hij schuwt roddel noch sensatie. Vooral het wel en wee van de adel wordt uitgebreid belicht. Wie droeg wat bij de intocht van Filips de Goede? Wat werd er gegeten op de bruiloft van graaf Karel en Margriete van York? En waarom verzuimde Maria van Bourgondië, die liever ging schaatsen, haar regeringsplichten?

Amusante verslaggeving, maar niet zonder moraal. Die belerende strekking ('ter lering en vermaak') ontbreekt evenmin bij Constantijn Huygens, die in Korenbloemen zijn geestige en lichtvoetige verzen afwisselt met serieuzer gedichten. Maar ook die zijn roerend en persoonlijk. 'Ik preek vol mededogen', zegt hij zelf verontschuldigend. In een tijd waarin zoveel gestorven werd, was zijn raad aan Maria Tesselschade: 'Leert lijden met beleid'.

Net zo bewogen, maar niet half zo bescheiden, was Multatuli. Uit de lange brief aan zijn jeugdvriend Kruseman, Ik ben zwanger van denkbeelden, treedt hij naar voren als de egocentrische, briljante, arrogante en geestige man die acht jaar later de Max Havelaar zou schrijven. Gezien zijn 'vast voornemen om tot het volk te spreken' is hij in 1851 alvast op zoek naar een 'moedige uitgever'. Dat werd Kruseman. Om hem te overtuigen van zijn kunnen, spreidt Multatuli heel zijn stilistische kunnen ten toon. En dat is niet gering. De lezer moet daar maar begrip voor opbrengen, want, zo merkt hij op: 'Het leven bestaat uit tussenzinnen.'

Yra van Dijk

Foto-album Duras

Voor de dit jaar overleden Marguerite Duras was haar leven er een van beelden. Wie haar boeken heeft gelezen, haar toneelstukken en haar films heeft gezien, kent ze zo om en nabij, de beelden van het oude Indochina, waar Duras haar jeugd beleefde, de beelden van Parijs tijdens en na de oorlog, de beelden waarmee zij, omfloerst door de herinnering, de liefde voor haar lezers en kijkers gestalte gaf.

Samen met haar zoon Jean Mascolo koesterde Duras het plan om ook andere beelden van haar leven aan haar trouwe aanhang te laten zien, de strikt persoonlijke, de plaatjes uit het eigen familiealbum. Zij heeft dat voornemen niet meer kunnen realiseren, maar dankzij Mascolo is het er toch van gekomen. Hij is erin geslaagd om kort na de dood van zijn moeder een schitterend fotoboek uit zijn privé-collectie samen te stellen. Alain Vircondelet, een kenner van Duras' werk schreef er een biografische tekst bij. Het is, zeker voor bewonderaars van Duras, een mooi document geworden, dat onder de titel Marguerite Duras - Vérité et légendes door Editions du Chêne (import Nilsson & Lamm, ¿ 68,50) werd uitgegeven.

WK

Het oude huis

Huizen met een geheim: ze komen vaak voor in de verhalen van Ethel Portnoy. Oude muren zijn stille getuigen geweest van liefde en verdriet, van geboorte en dood. Van deportatie, soms, of internering. Meestal geven de wetende, krakende huizen vol geschiedenis hun geheimen niet prijs. Maar de personages van Ethel Portnoy zijn gespitst op boodschappen uit het ongerijmde.

In Bange mensen (Meulenhoff, ¿ 32,90) laat Portnoy een jonge Amerikaanse met haar zoontje zo'n statig, vervallen Haags huis betrekken, dat nog bezield wordt door eerdere bewoners. Barbara Lofzanger, die in Amerika Frans heeft gestudeerd, is dol op de grootse negentiende-eeuwse stijl in afgebladderde staat. Ook Barbara zelf is al een beetje versleten, en heeft een geschiedenis.

Ze vluchtte naar Nederland, waar een familielid zou wonen, omdat haar echtgenoot haar en haar zoontje Toby mishandelde. Justus, de verre verwant, blijkt een aan Parkinson lijdende homoseksueel, die haar nauwelijks bescherming kan bieden. In een verpleeghuis werkt hij aan een biografie van Spinoza en droomt hij over een onbereikbare geliefde, zijn oud-student Chris Galjaard, die hij via zijn uitgever aan een baantje helpt: hij mag een cd-rom maken over Den Haag in de Tweede Wereldoorlog.

Schrijvend aan zijn cd-rom valt het Chris op 'dat hij naast zijn aantekeningen steeds meer van zijn eigen gedachten op schreef'. Een oude truc: Chris kan zo in zijn 'manuscript' allerlei dingen zeggen, die anders lastig in het verhaal opgenomen hadden kunnen worden: zijn visie op de hunkerende Justus en diens bizarre benadering van Spinoza, over de 'ongemanierde' Amerikaanse, over het Den Haag waarin hij rondwandelt en het Den Haag uit zijn archieven.

Via Chris kan Portnoy haar - voorspelbare - kritiek kwijt op de oppervlakkigheid van het 'informatietijdperk' en via Barbara geeft zij lucht aan haar ergernis over de keurige Nederlandse samenleving. Chris en Barbara blijken, behalve kennissen van Justus, ook nog eens buren. En na de laatste pagina vermoedelijk zelfs meer dan dat. Alles in dit boek komt schokvast op zijn pootjes terecht.

Wat deze 'Haagse vertelling' redt, is de liefdevolle tekening van de drie hoofdpersonen en de stad Den Haag. En vooral de overtuigend opgeroepen sfeer van het oude huis, en het geheimzinnige verhaal dat Barbara krijgt ingefluisterd.

Aleid Truijens

Tinissima

Tina Modotti was de dochter van Italiaanse immigranten, die vanaf 1913, toen ze zich in San Francisco vestigde al spoedig naam kreeg als actrice, zowel in het theater als in de bioscoop. De 'exotische schoonheid', die het publiek in haar zag, werd een bekende verschijning in kringen van avantgarde-kunstenaars en nam actief deel aan een leven, dat gekleurd werd door een streven naar seksuele bevrijding en politieke hervorming.

Nadat Modotti Edward Weston had ontmoet, van wie zij leerde fotograferen, trokken ze samen naar Mexico, waar hun huis het gistende middelpunt werd van artistieke en revolutionaire initiatieven. Tina Modotti, 'Tinissima' voor haar vrienden, een grage minnares, wier mooie lichaam fotografen en schilders als Weston en Diego Rivera inspireerde, werd daar, in Mexico, voor de zoveelste keer verliefd, ditmaal op de Cubaanse politieke vluchteling Julio Antonio Mella. Voorgoed, dacht Tinissima, want zoveel hield zij van hem. Maar in 1929 werd Mella door handlangers van de Cubaanse dictator Machado vermoord.

Met die aanslag - en het beeld van een troosteloze Tinissima - begint de Mexicaanse schrijfster Elena Poniatowska haar geromantiseerde levensverhaal van Tina Modotti, die na de dood van haar geliefde nota bene in staat van beschuldiging werd gesteld: zij zou Mella hebben gedood, een 'crime passionelle', waar de boulevardkranten zich verlekkerd op stortten.

Tinissima, zoals Poniatowska's roman heet, is inmiddels in een aantal talen vertaald. Voor de Nederlandse lezers is een tweetal edities beschikbaar, een Duitse van Suhrkamp (¿ 65,60) en een Engelse van Faber & Faber (¿ 47,30). De internationale populariteit van het boek lijkt niet zozeer te danken te zijn aan zijn grote literaire kwaliteit (Poniatowska schmiert van tijd tot tijd nogal), alswel aan het onderwerp, die vrije, strijdbare vrouw, die na haar uitwijzing uit Mexico als communiste in Berlijn met de nazi's te maken kreeg en vervolgens in Moskou en later in het Spanje van de Burgeroorlog bleef vechten voor haar idealen. Ze stierf, incognito in Mexico, in 1942, 's nachts in een taxi.

WK

Sprookjes

'Sprookjes zijn niet voor kinderen', schrijft Herman Pleij in zijn inleiding bij Sprookjes van de Lage Landen, deel IX in de serie Nederlandse Klassieken van Bert Bakker (¿ 55,- gebonden, ¿ 39,90 paperback). 'Pas later', vervolgt hij, 'zijn deze oeroude verhalen over gerechtigheid, wraak en wonderbaarlijke beloningen beland in de kinderkamer.

Daar moesten ze lange tijd de verbeelding en wensdromen van de jeugd bedienen. En dat maakte al die sprookjes besmet voor volwassenen. . .'

Misschien biedt deze uitgave de kans om te ervaren dat er zelfs voor hen heel veel aan deze verhalen te beleven valt. Als voorzitters van politieke partijen kinderliedjes gaan zingen in het openbaar, markeert dat per slot van rekening een culturele verandering, waarvan de literatuur kan profiteren.

Dit boek is een selectie uit Sprookjes van de Lage landen, Nieuwe Sprookjes van de lage Landen, Honderd-en-één Sprookjes van de lage Landen en De onbekende lotgevallen van Klein Duimpje en Hans & Grietje, die eerder bij dezelfde uitgever verschenen, dankzij het zoek- en schrijfwerk van Eelke de Jong en Hans Sleutelaar. Peter Vos maakte het juiste soort, sfeervolle, 'sprookjesachtige' illustraties.

WK

Op zijn hondjes

De surrealisten begonnen in 1928, onder leiding van hun strenge voorman André Breton, aan een 'onderzoek' van elkaars seksualiteit. Achter gesloten deuren hield men tot 1932 regelmatig - en met wisselende deelnemers - een twaalftal sessies, waarin geen geslachtelijke intimiteit onbesproken bleef. Hoe beroemde mannen als Aragon, Prévert, Artaud, Queneau, Eluard en de niet-Franse surrealisten Max Ernst en Man Ray het deden, met wie, wanneer, wat hun voorkeuren en hun belemmeringen waren - het wordt in het verslag van deze gesprekken en detail weergegeven.

Voor degenen die geïnteresseerd zijn in de beweging van het surrealisme, die in de jaren twintig en dertig zoveel invloed had op het Franse culturele en politieke klimaat, werpt Seksuele obsessies een helder licht op deze intellectualistische schatgravers van het onderbewuste, maar vooral ook op hun onderlinge verhouding. Zij blijken in sexualibus soms tamelijk honds of tegendraads ('Op zijn hondjes' en '69' hebben de voorkeur), maar een aantal hunner wijst homoseksualiteit af. Vooral Breton, de verlichte leider.

Je ziet ook hoe sommigen - die later met de beweging zullen breken, zoals Raymond Queneau, de meest verstandige van het stel - moeite hebben met de straffe hand van Breton, die bovendien blijk geeft van racistische trekjes. Op de vraag: 'Staat het u tegen om gemeenschap te hebben met een vrouw van het niet-blanke ras?' antwoordt hij: 'Met elke niet-blanke vrouw mits het geen negerin is.' De samenstelling en inleiding bij dit boek - een nieuw deel in het opvallende avant-garde-fonds van de Utrechtse uitgeverij IJzer (¿ 39,90) - is van José Pierre. Het werd vertaald door René Sanders, Willem Desmense en Rhodé Bouter.

WK

Jane Austen

Film en televisie hebben de Engelse schrijfster Jane Austen (1775-1817) een nieuw leven bezorgd. In de Verenigde Staten werd het lezen van Austen een rage na de verfilming van Pride and Prejudice (Waan en eigenwaan). Nu ook haar roman Emma (1816) het publiek naar de bioscopen lokt, komen voor degenen die het boek zelf wel eens willen lezen, twee Nederlandse vertalingen keurig op tijd.

Bij Athenaeum-Polak & Van Gennep verscheen, in de bekende fraaie vormgeving van dit fonds, een vertaling van Annelies Roeleveld en Margret Stevens (¿ 57,50) en Het Spectrum kwam met een veel minder mooi ogende, maar goedkopere editie (¿ 34,90), die door Carolien Polderman-de Vries werd vertaald (een herziene versie van de editie die in 1980 werd opgenomen in de reeks Spectrum Klassieken).

WK

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden