Dit KNAW-lid maakt zich geen zorgen over Nederland als onderzoeksland

'Wie de kans krijgt, komt. En gaat daarna ook niet snel weg'

Zelf las ze ook geregeld de opgewonden krantenberichten over topwetenschappers die hun heil elders in de wereld zochten. En dat die haar soms een onbestemd gevoel gaven, zal socioloog prof Tanja van der Lippe niet ontkennen. 'Des te blijer ben ik dat we het hebben uitgezocht en dat er van een uittocht geen sprake blijkt.'

Tanja van der Lippe

De gevreesde braindrain bestaat helemaal niet?

'In elk geval is het niet het hele verhaal. Er gaan mensen de wereld in, er komen andere mensen hierheen. Meer dan vroeger, maar netto is er balans.'

Maar er vertrekken natuurlijk wel degelijk meer Nederlandse wetenschappers dan voorheen. Ook toppers.

'Er is duidelijk meer beweging ontstaan, maar dat is vooral een teken van de internationalisering die je overal ziet. Vrijwel niemand gaat weg omdat Nederland niet deugt.'

Maar soms wel, bijvoorbeeld als het ondoenlijk blijkt om hier aan geld voor onderzoek te komen.

'Dat is een probleem en we benadrukken dus ook dat daar een punt van zorg zit. Dat zien de buitenlandse academici namelijk ook: Nederland is een geweldig wetenschapsland met heel goeie mensen, maar geld is er een probleem. Vooral voor nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek.'

Toch komen ze massaal.

'Omdat de wetenschappelijke kwaliteit in veel vakgebieden echt heel hoog is. Wie de kans krijgt, komt. En gaat daarna ook niet snel weer weg, zoals weleens het beeld is. Een groot deel van de buitenlanders met een NWO-beurs blijft daarna hier werken.'

Uw commissie sprak met tientallen uitgeweken of juist binnengekomen academici. Wat noemen zij, afgezien van de budgetten, als knelpunten?

'Op een aantal vlakken is Nederland vooral minder open en gastvrij dan we zelf geneigd zijn te denken, ook in de universitaire wereld. Geringe diversiteit is echt een punt, de man-vrouwverhoudingen en de etnische verscheidenheid. We denken dat we het goed doen, maar trekken na zes uur wel de deur dicht. Dan blijft die ene Chinees eenzaam achter.'

U zegt letterlijk: biedt buitenlandse onderzoekers een warmer welkom.

'We kunnen hen meer verwelkomen, ja. In allerlei opzicht. Vaak is het bijvoorbeeld moeilijk om voor de partner van een topwetenschapper ook iets te bieden, het two body problem wordt dat wel genoemd. Ik kan me voorstellen dat universiteiten elkaar daarbij kunnen helpen.'

Geen braindrain, dat is goed nieuws. Maar u maakt zich zorgen over het huidige evenwicht, het kan ook misgaan?

'Ons advies is tweeledig. Nederland moet investeren in onderzoekers, niet alleen in onderzoek. En we moeten meer een eenheid uitstralen en talent verwelkomen.'

U pleit zelfs voor gezamenlijk optrekken als het merk University of the Netherlands, een stokpaardje van de Akademie.

'De KNAW heeft al eerder vastgesteld dat de afstanden hier kleiner zijn dan die tussen de vestigingen van de University of California. Dat betekent weinig reistijd, veel samenwerking. Nederland is klein, maar prettig. Dat is een sterk punt als je toptalent wil binnenhalen.'