Digitale privacy moet onze tweede natuur worden

Je laat je gulp toch ook niet open staan?

Digitale privacy gaat al snel over cryptografie en ingewikkelde wiskunde. Maar het zou eigenlijk een tweede natuur van ons allemaal moeten worden. Net zoals je erop let er een beetje fatsoenlijk bij te lopen.

Post u nooit het huisnummer van uw woning online? Vult u bij online-aankopen een neptelefoonnummer in? Heeft u de gps-functie van uw smartphonecamera uitgeschakeld? Gefeliciteerd, u bent privacybewust. Alleen weten digitale snoodaards (of gewoon handige bedrijven die zo veel mogelijk informatie over u willen vergaren) altijd wel een manier te vinden om persoonsgegevens te achterhalen.

Weg privacy

Voorbeeld: foto's die u met uw smartphone schiet hebben geen gps-data, omdat u deze functie hebt uitgeschakeld. Maar als u op hetzelfde moment de app van Google hebt geïnstalleerd en deze wél toestemming heeft geodata te verzamelen, dan zal deze app deze gps-gegevens combineren met het tijdstip waarop de foto genomen is. En wordt - magie! - alsnog een verband gelegd tussen de foto en de locatie waar die is geschoten. Weg privacy.

Een mogelijk nog verontrustender voorbeeld geeft Martha Larson, hoogleraar multimedia-informatietechnologie aan de Radboud Universiteit. Met een technologie die geo-location estimation wordt genoemd, kunnen foto's zonder gps-informatie met behulp van beeldherkenning ongemerkt worden voorzien van locatiedata.

Geo-location Estimation

Geo-location Estimation (GLE), een methode waarbij met beeldherkennigssoftware (ongevraagd) locatie-informatie kan worden toegevoegd aan foto's waarbij deze data ontbreken, wordt volgens onderzoekster Martha Larson in de praktijk vermoedelijk nog niet toegepast. 'Al weten we dat nooit zeker, want het kan ook ongemerkt gedaan worden.' Potentieel privacyschadende technologieën als GLE kunnen grote gevolgen hebben, schrijft haar collega Gerald Friedland van de Berkeley-universiteit.

Door allerlei informatie over iemand bijeen te sprokkelen ontstaat een fenomeen dat cybercasing wordt genoemd: het zoeken naar zwaktes waardoor iemand chantabel wordt. Een firma die via bedrijfsspionage kennis van concurrenten wil achterhalen, kan met dit soort technologieën op zoek gaan naar medewerkers die een zwakke schakel zijn, bijvoorbeeld omdat ze gokschulden hebben, verslaafd zijn of een buitenechtelijke relatie hebben. Met dit soort technologieën wordt het veel makkelijker deze speld in de hooiberg te vinden en kwetsbare medewerkers te benaderen, stelt Friedland.

Dat gaat zo: u neemt een foto van een geliefde met op de achtergrond een herkenningspunt. Dat kan de Dom in Utrecht zijn, maar ook een minder opvallend oriëntatiepunt, zoals een elektriciteitcentrale. 'Of zelfs de bankbiljetten die in sommige cafés aan de muur worden gehangen', schetst Larson. Als iemand anders eerder op deze plek een foto heeft genomen waarbij wel gps-informatie is vastgelegd, kan beeldherkenningssoftware feilloos de positie bepalen van de ongelocaliseerde foto.

Dit kan ongewenste advertenties tot gevolg hebben, maar ook crimineel gedrag uitlokken. Om te kijken welke combinaties van sociaalmediagedrag gevaarlijk zijn, deed Larson onderzoek in een grote dataset van Yahoo (de zogenoemde YRCC100M set) waarmee ze allerlei data aan elkaar kon koppelen.

Boeven

Uit deze gegevens kan bijvoorbeeld worden achterhaald dat iemand een aankoop heeft gedaan, zegt ze. Op een andere post zie je de persoon trots voor zijn nieuwe flatscreen staan. 'Die combinatie van gegevens kan voor boeven nuttige informatie bevatten.' De boef weet immers dat iemand een mooie nieuwe televisie aan de wand heeft hangen en hoeft alleen nog maar even zijn adres te achterhalen.

'Als je het hebt over privacy, gaat het al snel over encryptie en algoritmen, en wordt het al snel een saai verhaal', zegt ze. Privacy wordt daardoor al snel een discussie voor wiskundigen en opiniemakers. 'Begrijp me goed: deze encryptie en algoritmen zijn noodzakelijk. Maar de gewone gebruiker gaat het al snel boven de pet en haakt mogelijk af. Ik wil daarom kijken of privacy ook op een meer creatieve manier bereikt kan worden.'

Vergelijk het met de dagelijkse routine waarbij je kleren kiest om naar je werk te dragen, schetst ze. 'Kleding biedt ook een vorm van privacy; niemand gaat immers naakt de straat op. Maar het is nooit iets waaraan je denkt als je 's ochtends voor de spiegel staat. Je kijkt vooral of iets leuk staat en of het past bij de gelegenheid.'

Toch hebben mensen een tweede natuur ontwikkeld, waardoor ze zich bewust zijn van het privacyaspect van kleding. Dat merk je als je op straat loopt en je je plotseling realiseert dat je gulp openstaat. 'Dan besef je ineens weer het privacyaspect van kleding. Zoiets zou ook moeten met ons onlinegedrag.'

Tegengif

In een paper dat de onderzoeker schreef met collega's van onder meer de Amerikaanse Berkeley-universiteit en de TU Delft beschrijft Larson een tegengif dat ze voor geo-location estimation ontwikkelde. Dat werkt heel eenvoudig: leg een creatief filter over een foto en beeldherkenningssoftware tast ineens in het duister. Doordat het filter beeldinformatie verandert, herkennen de algoritmes de inhoud niet langer, terwijl familieleden en vrienden gewoon een vakantiefoto zien. Zo kun je bijna ongemerkt je privacy beschermen, aldus Larson.

De onderzoeker ('ik zit een beetje tussen datawetenschap en communicatiewetenschap') wil kijken of het mogelijk is een proof of concept te ontwikkelen voor meer creatieve manieren van privacybescherming. Om dit idee verder te kunnen uitwerken ontving ze onlangs een zogenoemde Open Mindsubsidie van 50 duizend euro van wetenschapsfinancier NWO.

Met het geld wil Larson een wedstrijd organiseren waarin de ideeën verder worden uitgewerkt. Liefst met zo breed mogelijk 'input': 'Gebruikers kunnen eraan meedoen, maar ook bedrijven en wetenschappers en misschien wel kunstenaars.'

Ze is blij dat ze voor 'dit wilde idee' is beloond met de prijs. 'Dat je 50 duizend euro krijgt om uit te zoeken of het kan werken. Heel bijzonder.'

Meer open minds

Wetenschapfinancier NWO reikt jaarlijks vijf subsidies ter waarde van 50 duizend euro uit aan origineel onderzoek van wetenschappers die 'out of the box' denken. De Open Mindprijzen werden afgelopen november uitgereikt aan onder anderen Martha Larson met haar onderzoek hoe privacy in video's beter beschermd kan worden door automatisch onderdelen weg te laten die niet relevant zijn voor de video, maar die mogelijk wel privacygevoelige details prijsgeven.

Andere winnaars zijn:

Wiendelt Steenbergen (Universiteit Twente) voor zijn idee om in een zeer vroeg stadium het geslacht van kippenembryo's vast te stellen, zodat haantjes al in het ei worden ontdekt. Jaarlijks worden miljoenen pasgeboren haantjes gedood omdat ze geen financiële waarde hebben in de kippenindustrie.

Alexander Ebbing (NIOZ) wil 'kraamkamers' voor zeewier ontwikkelen. Door op grote schaal zeewier te kweken op zee, kan dit worden gebruikt als biomassa voor klimaatvriendelijker energie, zonder beslag te leggen op landbouwgrond.

Studententeam Solid van de Technische Universiteit Eindhoven werkt aan een concept om ijzervijlsel te gebruiken als energiedrager. Door roestdeeltjes met waterstof om te zetten in ijzerpoeder, ontstaat een gesloten energiekringloop voor toepassing in bijvoorbeeld scheepsmotoren.

Gert Weijers en Freke Wilmink (Radboud umc) werken aan een technologie waarmee met ultrageluid kan worden vastgesteld hoe volgroeid de longen zijn van vroeggeboren baby's. Onderontwikkelde longen vormen de meest voorkomende complicatie.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.