Column De Wetenschapper

Deze hoogleraar scheikunde protesteert tegen de afbreuk van de alfawetenschappen: die kunnen die 150 miljoen euro niet missen

Marleen Kamperman Beeld de Volkskrant

Ik had op deze plaats een andere column gepland. Een mooi stukje, al zeg ik het zelf, kabbelend, zonder scherpe standpunten, zonder eigenlijke pointe, maar allercharmantst. Die column was klaar, ik wachtte rustig de inleverdatum af. En toen? Toen kwam het nieuws naar buiten dat technische universiteiten en faculteiten er geld bij krijgen, en dat dat geld wordt weggehapt uit de taartpunt van de, laat ik zeggen, minder technische wetenschappen. Een ‘budgetneutrale bekostigingsherziening’, voorgesteld door een commissie (Van Rijn), in opdracht van een minister (Van Engelshoven). 

Meer geld voor kwantummechanica dus, minder voor filosofie. Meer mogelijkheden voor onderzoek naar de snaartheorie, minder voor onderzoek naar de maatschappelijke betekenis van het dichtwerk van Arnold Hoogvliet. Het bedrag dat genoemd wordt is 150 miljoen euro per jaar, wat me precies 150 miljoen euro per jaar te veel lijkt. 

Ik ben chemicus. Ik zit in de goede hoek. Ik heb zeven promovendi, mijn onderzoek draait wel. Maar ik wil het opnemen voor faculteiten Nederlands, geschiedenis, wijsbegeerte, theologie, in het hele land. Niet omdat ik het zo lullig vind voor die geschiedenisprofessor met maar één promovendus, niet omdat ik al die mensen van al die faculteiten ken en ze zo aardig vind, niet omdat ik goede sier wil maken met compassie jegens minderbedeelden, maar omdat ik geloof dat harde wetenschap niets waard is zonder iets minder harde wetenschap. Wij hebben elkaar nodig, alfa bèta gamma, wij vullen elkaar aan. 

Een samenleving waar alleen geld is voor nanotechnologie, waar iedereen die een beetje kan nadenken rocket scientist moet worden, is een samenleving op weg naar faillissement. Vol slimme rekenaars zonder cultureel besef, zonder historisch besef, zonder filosofische basis. Geen idee van de wereld buiten hun laboratorium, buiten hun computerschermen. Bovendien niet in staat om de resultaten van hun onderzoek begrijpelijk op te schrijven. 

Nu al is de taalvaardigheid van studenten in mijn vakgebied abominabel. Van Nederlands hebben ze geen benul, van Engels zo mogelijk nog minder. Hoe moeten die studenten ooit een fatsoenlijk onderzoeksvoorstel schrijven, of aan de buitenwereld uitleggen, met behulp van taal dus, waar ze mee bezig zijn? Ik pleit hier en passant voor het invoeren van Nederlands als verplicht vak voor alle eerstejaarsstudenten, eventueel te substitueren, in geval van studenten uit den vreemde, door Engels. Wie geen taal beheerst zal in geen enkele wetenschap ver komen. Het treurige einde van de studie Nederlands aan de VU had met deze maatregel wellicht voorkomen kunnen worden. 

Ja, ik had een aardig stukje klaarliggen, maar het valt helaas af voor deze gelegenheid. Het moet op de valreep wijken voor dit protest, deze oproep tot solidariteit in de wetenschap, in de universitaire scene. Laat je horen voor niet-zo-exacte wetenschap. Laat je horen tegen de degradatie van de geesteswetenschappen tot sluitpost op de begroting. Laat het werk van Arnold Hoogvliet niet verkommeren.

Marleen Kamperman is chemicus. Ze is hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen en ontwikkelt nieuwe materialen, waarbij ze zich laat inspireren door de natuur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden