Volgens gynaecoloog Dorenda van Dijken is de studie van The Lancet niet toepasbaar op de huidige situatie in Nederland.

Wetenschap Overgang

De zorgen over hormoontherapie in de overgang zijn terug

Volgens gynaecoloog Dorenda van Dijken is de studie van The Lancet niet toepasbaar op de huidige situatie in Nederland. Beeld Marie Wanders

Een uitgebreide internationale studie toonde vorige week dat hormoontherapie tegen overgangsklachten een hoger risico op kanker geeft dan werd gedacht. Wat betekent dat voor de Nederlandse praktijk?  

De bezorgde reacties konden niet uitblijven: toen vakblad The Lancet eind vorige week naar buiten bracht dat hormoontherapie tegen overgangsklachten risico geeft op borstkanker, stroomde de mailbox van Dorenda van Dijken, gynaecoloog in het Amsterdamse OLVG West, vol met vragen. Nieuw is het onderwerp niet: al jaren is bekend dat vrouwen die in de overgang lange tijd hormonen gebruiken wat vaker borstkanker krijgen. Maar dit keer was de boodschap alarmerend.

Een internationale groep van driehonderd wetenschappers had 58 epidemiologische studies op een rij gezet, waarbij data waren gebruikt van meer dan 100 duizend vrouwen met borstkanker. Die diepgaande analyse maakte duidelijk dat bij hormoontherapie het risico op borstkanker hoger is dan tot nu toe was aangenomen: als vijftig vrouwen de meest voorgeschreven combinatie van hormonen gebruiken (oestrogeen en progesteron) dan krijgt een van hen daardoor borstkanker. Dat risico blijft verhoogd tot tien jaar nadat ze zijn gestopt. Bij vrouwen die alleen oestrogenen gebruiken, is het risico lager: een op de 200. De uitsmijter van de studie was de allerlaatste zin: in de westerse landen zijn sinds 1990 20 miljoen gevallen van borstkanker vastgesteld en 1 miljoen daarvan zouden weleens op het conto kunnen komen van hormoontherapie.

‘Een rampzalig bericht’, zegt Van Dijken: ‘Dit werpt ons in de beeldvorming weer 15 jaar achteruit.’ Het gebruik van hormonen tegen overgangsklachten kelderde wereldwijd nadat een omvangrijke Amerikaanse studie in 2002 had aangetoond dat de kans op borstkanker erdoor werd vergroot. In Nederland gebruikt nu nog slechts 5 procent van de vrouwen in de overgang hormonen, het aantal gebruikers ligt naar schatting op 140 duizend. De beroepsvereniging van gynaecologen (NVOG) beveelt in een recente richtlijn aan om met elke vrouw de voordelen van een hormoonbehandeling af te wegen tegen de nadelen, aan de hand van individuele risicofactoren zoals overgewicht en familiaire belasting. Wat betekent het onderzoek in The Lancet voor de Nederlandse praktijk?

Epidemiologen Jan Vandenbroucke en Frans Helmerhorst, beiden emeritus-hoogleraar aan het LUMC in Leiden, keken op verzoek naar de cijfers en concluderen dat de meta-analyse uitstekend in elkaar zit. Het gaat om een mix van studies waarbij wordt teruggeblikt (vrouwen krijgen borstkanker, hebben ze hormonen gebruikt?) en waarbij vrouwen worden gevolgd (vrouwen slikken hormonen, hoeveel ervan krijgen borstkanker?) en er is een effect in alle leeftijdscategorieën. Ook opmerkelijk, zegt Vandenbroucke: dat effect is er in oudere én in recente studies. ‘Toen artsen 35 jaar geleden op grote schaal hormonen gingen voorschrijven, was niemand zich bewust van het risico op borstkanker en werd niet nagegaan of vrouwen daar aanleg voor hadden. Nu weten artsen dat wel en ik ga ervan uit dat ze eerst het risico in kaart brengen. Dan verwacht je dat in recenter onderzoek de kans op borstkanker een stuk lager ligt, maar dat is niet zo. Er is dus iets aan de hand.’

Alle vormen van hormoontherapie doen mee in de analyse, mailt Helmerhorst in een reactie. ‘Natuurlijk blijft er wetenschappelijke kritiek mogelijk, maar als ik de balans opmaak tussen werking en bijwerkingen, dan zeg ik: wees enorm terughoudend.’ Ook  Toine Lagro-Jansen, huisarts en emeritus-hoogleraar vrouwenstudies medische wetenschappen (Radboudumc) benadrukt het belang van het onderzoek voor de praktijk: ‘De kritiek op eerdere studies was dat die vooral gingen over vrouwen van boven de 60, maar we zien nu dat het hogere risico ook geldt voor vrouwen die al bij aanvang van de menopauze met hormonen beginnen. De toename van het aantal gevallen van borstkanker is illustratief, relevant voor vrouwen en voor de praktijk van de dokter. We weten dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen oestrogenen en veel gevallen van borstkanker.’

Maar gynaecoloog Van Dijken, voorzitter van de Dutch Menopause Society, onderdeel van de NVOG, zegt dat de resultaten uit de analyse in The Lancet niet meer van toepassing zijn op de huidige situatie. Ze wordt gesteund door de internationale beroepsgroep die vorige week in een verklaring de kritiek op een rij zette. Het eerste geval van borstkanker dat is meegenomen in het onderzoek dateert al van 1974, benadrukt Van Dijken, en in veel van de onderzochte studies zijn hormonen gebruikt die allang niet meer worden voorgeschreven, omdat bekend is dat ze het risico op kanker vergroten. Die hormonen zijn vaak ook nog eens langdurig voorgeschreven, veel langer dan in Nederland gebruikelijk is. ‘De conclusie is: alle hormoonbehandelingen zijn slecht. Dat klopt niet. We weten allang dat het risico op borstkanker te maken heeft met het type progesteron en met de duur van het gebruik. Daarom hebben we het type medicatie en het beleid aangepast.’

De cijfers in het onderzoek lijken haar gelijk te geven: dydrogesteron en gemicroniseerd progesteron, de medicijnen die niet alleen door de gynaecologen (internationaal) maar ook door het Nederlands Huisartsen Genootschap als eerste keus zijn benoemd, scoren bij een gebruik van minder dan 5 jaar (de norm in Nederland) het gunstigst van alle combinatiepreparaten, en geven slechts een licht verhoogd risico. 

Belangwekkend detail uit de studie: vrouwen van 50-plus met obesitas hebben van zichzelf al een even hoog risico op borstkanker als vrouwen die tien jaar lang oestrogenen slikken tegen overgangsklachten. Overgewicht brengt meer kans op kanker met zich mee, doordat vetcellen het hormoon oestrogeen produceren. Nu het aantal vrouwen met overgewicht toeneemt, is dat een belangrijke boodschap, schrijven gynaecologen van de International Menopause Society in een reactie op het onderzoek in The Lancet. ‘Als obesitas een medicijn was, dan zouden we aanraden dat niet te gebruiken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden