De wetenschap, de ware wetenschap

Project ware wetenschap: alledaags onderzoek versus medialogica

Twee jaar lang keek de Volkskrant mee met twaalf onderzoeksteams, om eens van dichtbij te zien hoe dat eigenlijk gaat, wetenschappelijk onderzoek doen: project Ware Wetenschap. Vijf bevindingen van een experiment met 'slow science'.

Beeld Leonie Bos

We wilden het eens helemaal anders doen, want eerlijk is eerlijk, zo heel erg denderend ging het niet, met die wetenschap.

Het was eind 2012, in Tilburg bleek Diederik Stapel jarenlang ongehinderd cijfers uit zijn duim te kunnen zuigen, en toen in Rotterdam Dirk Smeesters, ook psycholoog, tegen de lamp liep wegens fraude, klonk zijn verweer duister: maar cijfers mooier maken, dat is nu eenmaal zoals wij wetenschappers het doen.

Ook bij ons rees de vraag: doen wij van de media het wel helemaal goed? Als journalisten hangen we rond bij de boom der kennis, en oogsten we alleen de mooiste vruchten: gelukt en gepubliceerd onderzoek, aan het eind van de rit. Alsof de wetenschap alleen maar klinkende successen boekt. Wat zou er gebeuren als we vooraf onze nieuwskeuze maakten? Als we vooraf zeiden: díé vrucht zou wel eens mooi kunnen worden - en dan een paar jaar bleven staan om te kijken hoe hij rijpte?

In december 2012 plaatsten we daarom in bijlage Vonk een korte oproep:

'Laat uw wetenschappelijk onderzoek volgen door de Volkskrant. Een experiment in 'slow science', ons lijkt het wel wat. Bent u wetenschapper (uw vakgebied maakt niet uit), gaat u een studie doen en bent u geïnteresseerd? Stuur dan een korte pitch naar warewetenschap@volkskrant.nl. We maken een selectie, leggen uw plannen vooraf vast, en beloven een artikel in de krant - ongeacht de uitkomst van uw onderzoek.'

Zestig teams zonden in, twaalf kozen we uit, met als criterium: zouden we hierover berichten als dit onderzoek echt zou opleveren wat men hoopt?

Want ja, als de oorzaak van multiple sclerose aan het licht komt (Jeroen Geurts en collega's, VU Amsterdam), er een techniek komt om malaria uit te bannen (Bart Knols, Wageningen) of als blijkt dat je schizofrenie kunt bestrijden met gewone cholesterolverlagers (Iris Sommer en collega's, Universiteit Utrecht) - dan is dat nieuws, dan zouden we daarover schrijven. Even zozeer zou u erover lezen als er een evoluerende robot opstond die zichzelf in elkaar knutselt en leert lopen (Guszti Eiben en Berend Weel, VU), als experimenteel werd aangetoond dat er mensen zijn die de toekomst kunnen voorzien (Dick Bierman, UvA), duidelijk werd hoe snel de permafrost van Siberië dooit (Jorien Vonk, Universiteit Utrecht), of als men de oorzaak vindt van de mysterieuze kniepijn 'theaterknie' waarmee zeker 70 duizend Nederlanders per jaar te maken krijgen (Marienke van Middelkoop en Rianne van der Heijden, Erasmus MC). De lijst is langer, maar u krijgt een idee.

Nu, precies twee jaar later, is het tijd om de oogst te bekijken. We leerden vijf lessen, die iedereen die iets heeft met de wetenschap in ons land eigenlijk in zijn oren zou moeten knopen.

1. De wetenschap loopt eigenlijk best gesmeerd

Na alle toestanden had het ons niet eens verbaasd als we het ene na het andere onderzoek hopeloos hadden zien mislukken. Maar dat viel mee: van de twaalf onderzoeken liepen er weliswaar vijf vertraging op, maar niet één studie werd afgebroken.

Vier onderzoeksteams ontdekten niet wat ze vooraf hoopten te vinden; vijf teams vonden (nog) geen antwoord op hun onderzoeksvraag maar maakten wel flinke vorderingen. Bij drie teams mag je gerust spreken van een succes: het onderzoek liep gesmeerd, ze vonden wat ze zochten, eind goed al goed.

Het misschien meest klinkende succes komt van malarioloog Bart Knols, die met zijn bedrijf In2Care pvc-buisjes voor onder de dakrand bedacht met daarin met muggengif gewapende gaasjes. Om de malariamuggen te doden. 'Ik hield mijn hart een beetje vast: waar gaat dit naartoe?', bekent hij achteraf.

Nou: het ging hierheen. Inmiddels zijn haast tweeduizend woningen van de gaasjes voorzien, en veel meer is in aantocht. Van de bewoners is 93 procent tevreden over de tubes en in een plaatselijk ziekenhuis bleken er van de 123 geregistreerde malariapatiënten maar 2 afkomstig uit een van de behandelde huizen.

'Ik kan me geen groter succes voorstellen', zegt Knols, die binnenkort in Benin wil onderzoeken of de gaasjes er ook in slagen om de ziekte als geheel terug te dringen. 'Dit is een droom die uitkomt.' Zo gaat het normaal gesproken dus níét, benadrukt Knols. 'Ik heb dit in twintig jaar onderzoek nog nooit meegemaakt.' Les geleerd: een bedrijf oprichten helpt soms echt. 'Als bedrijf hebben we alle vrijheid om het op onze eigen manier te doen. Je kunt meteen in de echte wereld laten zien dat het kan en veel sneller doorstoten naar het groot.'

Uiteindelijk was er maar een enkel onderzoek dat, nou ja, niets opleverde. 'Ik begon met de hypothese dat jongens het bij gamma- en bètavakken op school moeilijker hebben dan meisjes door de verschuiving naar meer context (verhaaltjesopgaven, red.)', zegt Ferry Haan (UvA). 'En eerlijk gezegd ben ik daar geen moer mee opgeschoten.' Nou ja, geen moer: 'Bij wiskunde een goed geïnformeerde nul, zoals we dat in de wetenschap zeggen', zegt Haan.

Beeld Leonie Bos

2. Wetenschapsgeschiedenis wordt struikelend en prutsend geschreven

Geleerden zijn de hogepriesters van deze tijd. Meneer de professor, zegt Matthijs van Nieuwkerk; de meneer of mevrouw die na zorgvuldig onderzoek plechtig mededeelt: van chocolade word je minder chagrijnig, van koffie leef je langer en op Ganymedes is meer water dan op aarde. Maar nee. De afgelopen twee jaar ontdekten we: ze lijken verdacht veel op gewone mensen, die wetenschappers.

'De natuur', verzucht hersenwetenschapper Jeroen Geurts, 'is een stuk ingewikkelder dan je denkt. Je gaat met je stellige vraag op pad. Maar al snel ontdek je: wetenschap is constant zoeken, in plaats van constant vinden.'

Samen met promovendi Roel Klaver en Veronica Popescu dacht Geurts aan te gaan tonen dat multiple sclerose een ziekte is van de 'processoren' in het brein, de grijze cellen. Dat lukte ze. Een beetje. Maar niet in alle hersengebieden even sterk.

'Het publiek denkt vaak dat onderzoek als volgt gaat', zegt Geurts. 'Je hebt een vraag, doet een experiment en dan heb je het antwoord. Maar in werkelijkheid doe je een experiment en krijg je een uitkomst die je niet snapt. Je gaat terug naar de tekentafel. Je doet het experiment nog een keer: krijg je er opeens iets anders uit. Tja, welk resultaat moet je nou vertrouwen? Je haalt er een expert bij. Die zegt: o, dit herken ik, dit heb ik ook weleens gehad.' Zo blijft wetenschappelijk onderzoek 'een gesprek', vertelt Geurts. 'Tot het moment dat er een artikel ligt. En ook dat is geen kant-en-klaarantwoord, maar gewoon de stand van dat moment.'

'Wetenschappelijk onderzoek gaat niet van A naar B. Soms kom je bij C uit', beaamt aardwetenschapper Jorien Vonk. 'Soms moet je zijpaden bewandelen, om te ontdekken dat ze doodlopen.' Zelf schreef ze mee aan diverse toonaangevende publicaties, waardoor haar eigenlijke onderzoek naar permafrost iets, nou ja, ondersneeuwde. Zo ontdekten liefst negen van de twaalf teams die we volgden in de marges van hun onderzoek onverwachte nieuwe feiten waarnaar ze eigenlijk niet op zoek waren.

Begrijpelijk dus dat zoveel wetenschappers zeer ongerust zijn over de overheidsplannen om de wetenschap veel meer nog dan nu al het geval is op projectbasis te betalen. 'Dat is echt een enorme fout', zegt robotbouwer Guszti Eiben. 'Onderzoek is niet: u vraagt, wij draaien; teken maar bij het kruisje. Het is inherent aan de wetenschap om ergens anders uit te komen dan waar je had verwacht. De wereld om ons heen is altijd rijker dan je denkt.'

MS-onderzoeker Geurts is, als president van de Jonge Akademie van Wetenschappen, betrokken bij de onderhandelingen over de verdeling van de wetenschappelijke centen. 'De heersende visie van wetenschap in Den Haag is: druk op het knopje en er komt een briefje met het antwoord uit', schetst hij. 'Onze boodschap aan de politiek is steeds: realiseer je dat wetenschap zo niet werkt. Vrijheid inbouwen is geen spielerei, maar een essentieel onderdeel van onderzoek. De vrijheid om in te kunnen springen op wat we niet snappen.'

Beeld Leonie Bos

3. Ook geleerden hebben soms pech (of geluk)

Dan kun je, zoals marien geoloog Jan-Berend Stuut, nog zo veel verstand hebben van stofstormen: als je onderzoeksinstrumenten op de zeebodem liggen, heb je daar niks aan.

Team Stuut was de afgelopen jaren op zee met boeien met stoffilters en bemonsteringsflesjes eraan in de weer, bedoeld om zinkend woestijnstof en algen op te vangen. Flesjesboei nummer één dobberde weg, kennelijk losgesneden door een visser. Bij een andere boei brak een kabel af bij het ophalen - wég instrumenten en stofmonsters. Later gingen nog twee boeien stuk: moest Stuut weer de zee op om ze te repareren.

Tussen de raadselen van het universum en de wetenschapper in staan vaak zulke zaken als brekende kabels, verdraaide knieën en gammele motorbootjes die uitgerekend stuk gaan als je in Siberië over een verlaten rivier vaart. Dick Bierman (UvA) wilde onderzoeken of mensen in de toekomst kunnen kijken: werd zijn medium ziek. Guszti Eiben wilde robots leren lopen: de hardwarepartner kreeg de robots niet af.

Weer anderen trotseerden de bureaucratie. Tjalling de Haas kwam tot de ontdekking dat hij voor zijn veldwerk op Spitsbergen een wapenvergunning nodig had (wegens ijsberen), Jorien Vonk hoorde deze maand dat een flink deel van haar veldwerk verloren is gegaan: in Moskou bleek iemand de monsters die ze in Siberië had verzameld (met dat lekke bootje) te hebben weggegooid. Ferry Haan trotseerde intussen de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, beheerder van de (privacygevoelige) eindexamenscores die Haan wilde bestuderen op man-vrouwverschillen. 'Je hebt een goede onderzoeksvraag. De informatie is er. Maar vervolgens blijkt die goudmijn bij dit onderzoek heel moeilijk te ontginnen', zegt Haan.

Of neem de kafkaëske worsteling van Iris Sommer, bezig met de werving van schizofreniepatiënten voor haar onderzoek. 'Bij iedere instelling waarmee we wilden samenwerken moesten we de hele papierwinkel opnieuw doorlopen', vertelt ze, 'Het zou een kwestie van een handtekening kunnen zijn, want het gaat steeds om dezelfde studie. Maar elke instelling heeft eigen procedures, besturen en goedkeuringscommissies. Dus is mijn team meer tijd kwijt aan de papieren dan aan het begeleiden en werken met de patiënten.'

Je kunt overigens ook geluk hebben, zegt Stuut (van het woestijnstof). Op zijn meest recente tocht voor de Afrikaanse kust werd zijn onderzoeksschip vol geraakt door een stofstorm. Het was net paneermeel. Het spul zat overal. Maar voor de onderzoekers was het een droom: zoveel onderzoeksmateriaal als ze maar wilden.

Beeld Leonie Bos

4. Wetenschap is een kwestie van vertrouwen

En het Stapel-effect, waar het toch een beetje mee begon? De aantijging van Dirk Smeesters, dat wetenschap duw- en trekwerk is, en gegoochel met cijfers en proefpersonen? Daar zagen we weinig van. Maar, dat ook: we kunnen ons er iets bij voorstellen.

De teams die zich aanmeldden waren sowieso de braafste jongetjes en meisjes van de klas. Bierman had zijn onderzoeksopzet vooraf plechtig laten vastleggen, zodat hij niet meer zou kunnen smokkelen. En toen we een blik wilden werpen op de tussenresultaten van Van der Wal, reageerde ze geschokt: 'Dat is strikt verboden!' Dat zegt het al: uiteindelijk draait het in de wetenschap om vertrouwen. En in een systeem waar wetenschappers alleen maar moeten scoren en binnenhalen, wordt dat vertrouwen op de proef gesteld.

Serieuzer, viel ons op, is de dreiging van wat wetenschappers kennen als het 'bureaulade-effect' en publicatiebias: de neiging om weinig opmerkelijke uitkomsten onvermeld te laten. Geen wetenschapper heeft immers veel puf om een experiment dat toch al niks opleverde uit te werken tot een artikel voor de collega's. En omgekeerd zitten de vakbladen (en de media) niet te springen om wetenschappers die, tadaaaa!, iets niet hebben ontdekt. Het gevolg is dat spannende resultaten voorrang krijgen en de wetenschap de wereld structureel iets mooier, spannender en heftiger voorstelt dan in werkelijkheid het geval is.

Ook de door ons gevolgde teams ontkomen daar niet helemaal aan, merkten we. In totaal publiceerden de twaalf teams tot dusver zo'n twintig artikelen over de onderzoeken die we volgden. Maar, opvallend: uitgerekend de studies die níéts ontdekten, blijven achter.

Natalie van der Wal kreeg zelfs van collega's te horen dat het geen goed idee was om haar 'mislukte' onderzoek toch te publiceren: dat zou haar cv maar schaden. Van der Wal besloot zich daar weinig van aan te trekken, maar loopt nu tegen obstakel nummer twee aan: 'Ik had echt de intentie om te publiceren, maar ik moet er tijd voor maken en die heb ik niet. Ik ben nu bezig met ander onderzoek waar wél wat uit komt', zegt ze. Daardoor kan het gebeuren dat een andere wetenschapper haar experiment tevergeefs herhaalt, beseft Van der Wal ook wel. 'Misschien dat ik er op mijn weblog een stukje over neerzet', zegt ze.

Iedereen zou een voorbeeld moeten nemen aan het geneesmiddelenonderzoek, vindt Iris Sommer. Daar worden studies immers vooraf in detail online vastgelegd, voordat er ook maar één patiënt is onderzocht. 'Ik moet daarna de uitkomsten opgeven, ook als ze negatief zijn', vertelt Sommer. 'Anders wordt mijn geld niet uitgekeerd en kan ik een studie niet afronden.'

Beeld Leonie Bos

5. Vond ú het eigenlijk wel zinnig?

'In alle eerlijkheid', verzucht Volkskrant-redacteur Martijn van Calmthout, die de projecten van De Haas en van Bierman volgde, 'zijn dit natuurlijk geen omvalbevorderende conclusies. Wat ik zelf aardig vind, is dat ons project genadeloos laat zien hoe de medialogica haaks staat op alledaagse wetenschap.'

Een moeilijk punt, want inderdaad: een publiekshit wilde Ware Wetenschap niet worden. Er kwamen geen postzakken met ingezonden brieven, we kwamen niet op tv en chef internet Laurens Verhagen trekt een zuinig gezicht als hij de statistieken erbij pakt. In 2013 werd het dossier Ware Wetenschap 125 duizend keer aangeklikt, het jaar daarna nog maar 36 duizend keer. Er zijn websites die er een fles voor zouden opentrekken, maar op de honderdduizenden pageviews die deze krant gewend is, is het niet denderend.

We merkten het ook aan onszelf. Journalisten die we zijn, wilden we toch het liefst nieuws melden, een mooi verhaal vertellen: doorbraak tegen multiple sclerose, oorzaak geheimzinnige kniepijn eindelijk onthuld. Nu leek het soms een beetje een film van Ingmar Bergman: mooie beelden, maar wel wat traag. 'Wat gaat onderzoek eigenlijk langzaam, als je erover vertelt', viel Geurts op. 'Ik kreeg soms de aandrang om het lab in te gaan, als jullie weer langs kwamen', bekent Vonk. 'Maar dan dacht ik toch: voor de Volkskrant het lab in, dat gaat me iets te ver.'

Anderzijds, een trouwe fanschare had de rubriek ook. Toen we eens schreven dat Rianne van der Heijden en Marienke van Middelkoop geen patiënten konden vinden voor hun onderzoek naar kniepijn, volgde er 'een stortvloed' van aanmeldingen. En op bijeenkomsten en bij ontmoetingen met wetenschappers werden we voortdurend op de schouders gehesen: wat een fantastisch initiatief, wat dapper en goed dat de Volkskrant dit doet. 'Zo'n stuk in de Volkskrant wordt ook in wetenschappelijke kring veel beter gelezen dan mijn onderzoek in een vakblad', ondervond Daniel Janssen, die onderzoek deed naar het nut van excuses.

Zo kregen we, over de mail en via de sociale media, veel lovende reacties: een 'supergoed initiatief', een 'te gek project'. Een grote Britse krant overwoog het initiatief over te nemen, en op diverse academische bijeenkomsten in binnen- en buitenland, zo hoorden we via-via, kwam het project van The Volkz-krènt ter sprake.

Dat sterkt ons in misschien wel de belangrijkste conclusie. In een wereld waar veel draait om geld, resultaten en spierballenvertoon, is het buitengewoon zinnig om het onderzoek eens van zo dichtbij te bekijken. 'Het is niet zo van: hup, hier is resultaat', zegt Van Middelkoop. 'We moeten er echt wat voor doen.'

 

Voor een verslag per onderzoek dat we volgden: volkskrant.nl/warewetenschap

Verslaggevers: Martijn van Calmthout, Bard van de Weijer, Marc Seijlhouwer, Eline Huisman, Ellen de Visser, John Wanders, Tonie Mudde, Ronald Veldhuizen, Maarten Keulemans.

Reageren? Via e-mail: Warewetenschap@volkskrant.nl; via Twitter: @warewetenschap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.