'De kans om een krokodil tegen te komen leek me groter'

De Volkskrant interviewt wetenschappers over hun veldwerk. Klaas-Douwe Dijkstra gaat als een meester Prikkebeen op insectenjacht.

Klaas-Douwe Dijkstra.Beeld Els Zweerink

'Dorpsbewoners in verre landen kijken vaak raar op als ze mij treffen: een blanke man sluipend in het bos, prikkend in de klimplanten, luisterend naar het geritsel van vleugels, wild om zich heen slaand met een net naar een onzichtbare prooi. Nieuwe libellen- en juffersoorten vangen en beschrijven, dat is wat ik doe, van Oeganda tot Zuid-Afrika en van Liberia tot Angola.

Als ik lees over de miljarden die worden gestoken in de zoektocht naar buitenaards leven, schiet ik in de lach. We weten nog maar zo weinig over het leven hier op aarde. Het is haast pervers: buitenaards leven bestaat misschien niet eens, maar hier gaan we zeker veel verliezen. Vorig jaar beschreef ik met collega's alleen al zestig nieuwe libellensoorten. Dat is niet alleen belangrijk voor onze kennis over de natuur, maar ook voor de bescherming. Wat geen naam heeft, bestaat niet, zo werkt het.

Ooit ging ik mee met een expeditie langs de Malagarasi, een rivier in Tanzania waar plannen waren om een stuwdam te bouwen. Welke dieren en planten zijn daar aanwezig? Wat zijn de verwachte effecten op de natuur? De financier van de dam, de Amerikaanse overheid, wilde dat eerst goed uitzoeken.

Ik vond weinig interessants. We voeren met een bootje de monding uit, het Tanganyikameer op. Dat klinkt lieflijk, maar soms is het een woeste binnenzee. In de zware golfslag hielden alleen wat woest zwiepende rietstengels stand. Niet waar je libellen verwacht; die vind je eerder aan een rustig beekje.

Maar opdracht is opdracht en nooit geschoten is altijd mis, dus ik dat meer in, met het klotsende water tot mijn schouders. De kans om een krokodil tegen te komen leek me groter dan om een libel te zien, maar al bewogen water en riet zo wild dat-ie nauwelijks kon blijven zitten, daar zat een teer juffertje in geel, groen en blauw. Een nieuwe soort die ik de naam Pseudagrion tanganyicum heb gegeven.

Naam: Klaas-Douwe 'KD' Dijkstra
Beroep: Entomoloog bij Naturalis Biodiversity Center (Leiden)
Missie: Libellensoorten ontdekken

Zo'n vondst roept meteen vragen op. Nieuwe soorten kunnen ontstaan doordat een populatie voor langere tijd afgezonderd raakt, zoals vogels die zich vestigen op een eiland, of dieren die van hun soortgenoten gescheiden worden door een gebergte. Maar hoe kon die gele juffer ontstaan?

Afrika's grote meren zijn beroemd als kweekvijvers van nieuwe vissensoorten, maar voor vliegende insecten gaat dat minder op. Zijn rode neefjes en nichtjes leven vlakbij, dus deze meerbewoner hoeft niet ver te gaan om het met ze aan te leggen. Was hier sprake van een spontane kleurmutatie? Vinden meervrouwtjes gele mannetjes aantrekkelijker? Raakten moerasneefjes en meernichtjes zo vervreemd?

Zo zit ik daar dan, met een nat pak en een hoofd vol vragen met die wonderlijke juffer in mijn net.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden