InterviewCarlijn Welten

‘De GGZ behandelt psychische problemen te vaak alsof er iemand met een gebroken arm binnenkomt’

Carlijn Welten: ‘Niet dat ik ouders of de omgeving de schuld wil geven, maar misschien houden ze de problemen in stand of kunnen ze een belangrijke speler zijn in de oplossing.’Beeld Kiki Groot

Voormalig hockey-international Carlijn Welten wil de ggz laten inzien dat je bij behandelingen niet alleen naar de patiënt zelf, maar ook naar de omgeving moet kijken. Dat doet de toekomstige kinder- en jeugdpsychiater door zelf een praktijk te openen, en met een podcast.

‘Als je de mensen achter de functies spreekt, in de geestelijke gezondheidszorg, blijkt dat ze allemaal snakken naar verandering. Iedereen werkt keihard, maar de wachtlijsten blijven. Het is heel verdrietig om patiënten weg te sturen, ze tussen de wal en het schip te zien vallen, of ze niet de behandeling te kunnen geven die jou als psychiater het beste lijkt.’ 

Aan het woord is Carlijn Welten (32), voormalig Nederlandse hockey-international, inmiddels kinder- en jeugdpsychiater in opleiding en gezins- en relatietherapeut. Volgend voorjaar opent ze met psychiater en systeemtherapeut Niek Hayen een nieuw centrum voor kinderpsychiatrie in Haarlem: Het Huis. Daarin willen ze – met een team van tien collega’s – kinderen en jongeren gaan behandelen op hún manier. Want dat kan, denken ze. Ook binnen de huidige regelgeving.

Hun initiatief is slechts een van de vele bewegingen in de ggz om de kwaliteit van de zorg voor mensen met psychische problemen te verbeteren, benadrukt ze. In een tiendelige podcastserie, die dinsdag online gaat, geeft Welten een overzicht van alle veranderingen die gaande zijn. Een podcast waarmee ze hoopt de pakweg 75 duizend werknemers in de ggz (in voltijdbanen gerekend) te inspireren en te motiveren.

Waarom wordt u niet gewoon kinderpsychiater?

‘Dan ga ik trekken aan de mammoettanker die de ggz is om hem misschien een paar graden te kunnen draaien. Dat lijkt mij erg onbevredigend.’

Waar liep u vooral tegenaan tijdens uw stages als arts-assistent?

‘Ik werkte op een gesloten afdeling voor kinderpsychiatrie. Kinderen die een ernstige crisis doormaken worden er gebracht door hun ouders. Een paar weken later hebben wij het kind ‘gefikst’ en komen de ouders het weer halen. Dat is toch vreemd? Die ouders spelen hoe dan ook een rol. Niet dat ik ouders of de omgeving van het kind de schuld wil geven, maar misschien houden ze de problemen in stand of kunnen ze een belangrijke speler zijn in de oplossing. Je hebt ze hoe dan ook nodig om het kind te helpen om overeind te komen en te blijven. Daarom heb ik een extra opleiding gevolgd van twee jaar om systeemtherapeut te worden. Als systeemtherapeut kijk je altijd ook naar de omgeving van de patiënt. Een patiënt staat nooit op zichzelf.’

Kunt u een voorbeeld noemen?

‘In een van de afleveringen vertelt een vrouw dat ze als kind de etensborden uit het raam gooide en het bed van haar oudere zus natmaakte. Dan ben je geneigd te denken dat er iets ernstigs aan de hand is met het kind. Later bleek dat het gewoon haar manier was om af te rekenen met de spanningen in het ouderlijk huis. Zoiets ontdek je makkelijker als je de omgeving – het systeem – van de patiënt erbij betrekt.’

Een van de veranderingen in de ggz is de inzet van ervaringsdeskundigen. Komt die ook ter sprake?

‘Ja, dat zie je bijvoorbeeld in de werkwijze van de Yes We Can Clinics, waar jongeren worden behandeld die zijn vastgelopen in de reguliere zorg. Daar maken jongeren onder meer kennis met ervaringsdeskundigen die hun leven wel weer op de rit hebben gekregen. Dat helpt enorm: ervaringsdeskundigen te zien die, ook al hebben ze soortgelijke problemen als jij doorgemaakt, inmiddels een stabiel leven leiden en gelukkig zijn. Wat zij kunnen, kun jij misschien ook.’

Welk nieuwe inzicht kreeg u door de podcast te maken?

‘Als professionals willen wij de mensen helpen om te veranderen. Ik had mij nooit zo gerealiseerd dat dit automatisch betekent dat de patiënten dus niet goed zijn zoals ze zijn. Een patiënt van de Herstelacademie, waar alleen maar lotgenoten en ervaringsdeskundigen werken, vertelde mij dat ze daar voor het eerst het gevoel kreeg dat ze goed genoeg was. Dat ze eigenlijk niet hoefde te veranderen. Dat ze nu eenmaal gevoeliger was dan de meeste mensen, dat ze wat vaker somber en angstig was dan gemiddeld, maar dat ze dat niet per se hoefde te veranderen.’

‘Een patiënt van de Herstelacademie, waar alleen maar lotgenoten en ervaringsdeskundigen werken, vertelde mij dat ze daar voor het eerst het gevoel kreeg dat ze goed genoeg was.’Beeld KIKI GROOT

Is dit een voorbeeld van wat u bedoelt met ‘normaliseren’, een begrip dat in de podcast vaak terugkomt?

‘Ja. In Nederland krijgt één op de tien kinderen te maken met Jeugdzorg of met de geestelijke gezondheidszorg. Eén op die tien! De meeste kinderen komen daar overigens goed uit. Maar zou het echt zo zijn dat zoveel kinderen specialistische zorg nodig hebben? Wij zijn geneigd ons te concentreren op wat niet goed gaat, terwijl je kinderen ook kunt helpen sterker te worden. Door ze te helpen om vrienden te maken, hun zelfvertrouwen op te vijzelen, een talent te ontwikkelen maar ook bijvoorbeeld door hun omgeving te helpen veranderen. De meeste kinderen kunnen het leven aan, ook al is het soms zwaar en oneerlijk en boordevol tegenslagen.’

U heeft veel kritiek op lineair-medisch denken in de ggz. Wat is dat?

‘Psychische problemen behandelen alsof er iemand met een gebroken arm binnenkomt. Hij is gevallen, de arm gaat in het gips of wordt geopereerd en daarna is het gefikst. In de ggz is het nooit zo simpel. Het is nooit één incident waardoor de patiënt depressief is en er is nooit één aanpak waarmee je het probleem oplost. Dat inzicht is natuurlijk niet nieuw. We leren allemaal in de opleiding dat psychische problemen voortkomen uit een combinatie van verschillende elementen: genetische aanleg, ingrijpende gebeurtenissen, het samenspel daartussen en noem maar op. Maar onze behandelingen zijn niet op die complexiteit ingesteld.’

Verzekeraars dringen aan op behandelingen waarvan is aangetoond dat ze effect hebben. Wat vindt u van dat ‘meten en weten’ in de psychiatrie?

‘Het is vooral de wetenschap die wilde ‘meten en weten’. De zorgverzekeraars hebben dat overgenomen. Maar wát meten we eigenlijk? Nu draait alles om symptoomreductie. Hoeveel minder angstig is de patiënt. Hoeveel minder somber. Maar is dat waar het om draait? Daar moeten we opnieuw over nadenken. En dat willen zorgverzekeraars ook: die zien ook dat het systeem vastloopt. 

‘Ik ben zelf gepromoveerd op de vraag wie wel en wie niet goed zal reageren op bepaalde medicatie bij een manie. Maar nu vraag ik mij af: was dat wel de juiste vraag? Hebben patiënten daar eigenlijk wel wat aan? Misschien moeten we patiënten vragen wat zij willen weten.’

Wat gaat u nooit zeggen tegen patiënten van Het Huis?

‘Nooit is een lastig woord. Maar we zullen zo min mogelijk zeggen: ‘Oe, jouw probleem past niet in ons straatje’.’

Podcast Hoe de GGZ verandert: te beluisteren via www.hoedeggzverandert.nl. De podcast is ook te vinden op Spotify en Apple Podcast, onder Hoe de GGZ verandert. Mensen kunnen op de podcast reageren via het e-mailadres: carlijn@hoedeggzverandert.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden