Foto Inzicht

De fruitvlieg: irritant in de keuken, populair in het laboratorium

Fruitvliegjes planten zich razendsnel voort. In de keuken bloedirritant, maar zeer welkom in het laboratorium.

Beeld Theo Audenaerd

Ineens waren ze er. Een heleboel fruitvliegjes in zijn keuken. Geen idee waar ze vandaan kwamen. Fotograaf Theo Audenaerd kreeg een tip om ervan af te komen: een schaaltje met azijn en een paar druppels afwasmiddel. Het werkte. De beestjes gingen massaal ten onder in het mengsel. Na een dag was het bakje vol. De volgende dag weer en dat bleef zich herhalen. Audenaerd begon de dode vliegjes te sparen in een weckfles met azijn. Na een paar weken had hij er een paar duizend. Hij legde ze op een wit bord, fotografeerde ze van bovenaf en bleef zich afvragen hoe het kwam dat ze zijn woning bevolkten.

Fruitvliegen zijn gewoonlijk gek op groente- en fruitafval en flessen met restjes bier of wijn. Ze worden aangetrokken door de geur van alcohol. Op rottend fruit of in een laagje drank leggen de vrouwelijke vliegjes graag hun eitjes. De larven die daaruit tevoorschijn komen voeden zich met de gistcellen en suikers die in bedervend fruit en drank voorhanden zijn. Een vrouwtje kan per keer zo’n honderd eitjes leggen. De levenscyclus van een fruitvlieg gaat behoorlijk snel: de weg van eitje tot volwassen insect dat kan zorgen voor een volgende generatie wordt afgelegd in een dag of tien.

In de juiste omstandigheden kunnen de beestjes zich dus razendsnel voortplanten. Dat maakt ze irritant in de keuken, populair in het laboratorium. Fruitvliegen worden vaak gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Ze zijn makkelijk te kweken en door de snelle ontwikkeling en het grote aantal nakomelingen vormen ze een ideaal modelorganisme voor genetisch onderzoek. Ze worden onder meer gebruikt in onderzoek naar alzheimer, kanker en parkinson.

Dé fruitvlieg bestaat niet. Fruitvliegen zijn een familie van vliegen, die tientallen soorten omvat. Aan de hand van deze foto is het lastig vaststellen welke soorten op het bord aanwezig zijn. Daarvoor zouden ze stuk voor stuk van dichtbij moeten worden bekeken. De beestjes zijn tussen de 1,5 en 2 millimeter lang. Het bekendste familielid is op het oog ruim vertegenwoordigd: de Drosophila melanogaster, ook wel bananenvlieg genoemd. En dan ziet de kenner nog enkele exemplaren van de soort Drosophila repleta, ooit geïmmigreerd vanuit Noord-Amerika. Voor een leek niet te zien.

Uitleg: John Smit, projectleider bij EIS Kenniscentrum Insecten en onderzoeker bij Naturalis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.