ColumnJasper van Kuijk

De documentaire Dogtown and Z-boys toont het moment dat het skateboarden voorgoed veranderde

null Beeld

Van die momenten dat het verschil tussen verleden en toekomst ineens volledig duidelijk wordt. Nadat muziekrecensent Jon Landau voor het eerst Bruce Springsteen had zien optreden, schreef hij: ‘Ik zag mijn rock-’n-rollverleden voor mijn ogen voorbijflitsen. Ik zag ook iets anders: ik zag de toekomst van rock-’n-roll en zijn naam is Bruce Springsteen.’ Van een iets pragmatischer niveau: toen ik voor het eerst een iPhone gebruikte, wist ik dat telefoons met fysieke knoppen klaar waren. Paradigmaverandering.

Een prachtige illustratie van zo’n moment zit in de skateboarddocumentaire Dogtown and Z-boys. Een fragment over het Del Mar-skateboardkampioenschap van 1975 illustreert in een paar minuten het kantelpunt waarop skateboarden veranderde van een geinig spelletje à la hoelahoepen in een streetwise actiesport.

null Beeld

Skateboarden was in de jaren zestig al een tijdje populair geweest, toen nog met harde keramische wielen en een smal board. Het was ook vrij braaf. Meer een spelletje dan een sport. Trucjes doen. En dan niet trucjes als in ‘boven de halfpipe uit vliegen’-trucjes, maar trucjes in de categorie jojo’en en lolo-ballen. Het skateboard was gewoon de zoveelste in een lange rij gadgets waar een tijdje lang iedereen op het schoolplein mee speelde.

Begin jaren zeventig kwam het skateboarden terug van een tijdje te zijn weggeweest, mede dankzij de uitvinding van zachtere wielen van polyurethaan. De terugkeer werd gemarkeerd met het eerste Del Mar-skateboardkampioenschap in jaren. De meeste deelnemers bij het freestylen pikten de draad weer op waar die ooit was blijven liggen: elegant zwierend slalommen, een handstand op een board, met beide voeten voorop balanceren op de voorwielen. Trucjes. Knap. Maar cool? Mwah.

En dan komt het Zephyr-skateboardteam uit Dogtown, een wat vervallen buurt tegen Santa Monica en Venice aan. Dit team bestond uit surfers die, wanneer ze niet konden surfen, gingen skateboarden. De leden van Zephyr hadden hun stijl verder ontwikkeld door tegen de schuine betonnen taluds van schoolpleinen op te skaten en drooggevallen zwembaden te gebruiken als ‘skatebowl’. Ze namen uit het surfen de door de knieën gebogen lichaamshouding mee en hielden hun zwaartepunt laag. Met de hand naar de grond reikend, zoals surfers ook hun hand uitstrekken naar een golf. Het was een totaal ander soort skaten. Rauw, agressief, surfend. Het leidde bij andere skaters tot verbazing en ongeloof. Zoals Zephyrlid Bob Biniak in de documentaire zegt: ‘Als een ijshockeyteam op een kunstijswedstrijd.’ Outsiders.

Hoewel bij het Del Mar een ‘trucjes-skater’ nog wel het kampioenschap bij de heren won, won Zephyr-skater Peggy Oki bij de dames en twee andere Zephyrleden werden derde en vierde bij de junioren. Maar wie de beelden nu ziet, ziet het moment dat het skateboarden veranderde. Nieuw materiaal, een andere skate-omgeving en invloeden uit een andere sport produceerden samen een nieuwe vorm. De oude was op slag gedateerd.

Jasper van Kuijk op Twitter: @jaspervankuijk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden