Interview heldere communicatie

Dankzij deze fotostrips slaat u niet meer dicht na de woordenbrij van de dokter

Een op de drie mensen heeft moeite met een bezoek aan de dokter en het begrijpen van informatie over hun gezondheid. Dit geldt vooral voor ouderen, die ook nog eens meer gezondheidsproblemen hebben. Voor deze groep ontwikkelde communicatiewetenschapper Ruth Koops van ’t Jagt fotostrips met herkenbare personages die naar de huisarts gaan. Donderdag promoveert ze hierop aan de Rijksuniversiteit Groningen.

communicatiewetenschapper Ruth Koops van 't Jagt (RUG)

Fotostripjes, vinden ouderen dat niet kinderachtig?

‘Voor mijn onderzoek werkte ik met een groep ouderen. Zij waren mijn testgroep en mijn denktank. Zij gaven de voorkeur aan de strips boven de traditionele folders in de wachtkamer, waar vooral tekst in staat. Zij hebben de belangrijkste vragen bedacht via rollenspellen met een amateuracteur die ook nog eens gepensioneerd huisarts is; daarom zijn de verwoordingen zo authentiek mogelijk.

‘Dit soort strips bestaan al in Latijns-Amerika, fotonovelas. Ik heb ze gezien voor diabetes, obesitas, depressies. En ook in Zuid-Afrika wordt het gebruikt, bijvoorbeeld bij soa’s. Ik denk dat zorgverleners daar bewuster zijn van het effect van verhalende communicatie. Al zie je daar weer vaak dat het halve romans zijn. Ik wilde iets dat op één pagina past, dat je in een paar plaatjes snapt. Daarom heb ik fotostripmaker Ype Driessen gevraagd, ik was al een fan van hem.

‘De zeven fotoverhalen die we hebben gemaakt leggen de belangrijkste communicatieproblemen bloot, hoop ik, zoals complex taalgebruik, iemand meenemen naar de dokter, je vragen van tevoren opschrijven, goed medicijngebruik en het toepassen van adviezen.’

In één van de strips zegt de huisarts tegen een mevrouw: ik wil u onderzoeken op anemie. Daarna laat hij het woord hemoglobine vallen. Een beetje huisarts snapt toch ook wel dat niet iedereen weet wat dat is?

‘Je zou het denken, maar toch hoorde ik van de ouderen die ik voor mijn onderzoek heb gesproken dat er vaak woorden en termen worden gebruikt die ze niet snappen. En van artsen hoorde ik ook voorbeelden waarvan ik niet verwacht had dat mensen het niet zouden weten. Dat je niet één maar twee longen of nieren hebt bijvoorbeeld, of waar je heup zit.

‘In deze fotostrip antwoordt de mevrouw ‘annewie? Kunt u dat uitleggen, dokter’ en daar is zo’n beeldverhaal ook voor bedoeld: als verhalende ondersteuning om onzekere patiënten te helpen en te laten zien: kijk er zijn meer mensen zoals ik die het niet snappen en als je het vraagt, legt de dokter het gewoon uit.’

Foto Ruth Koops van 't Jagt

U heeft het in uw proefschrift over mensen met ‘lage gezondheidsvaardigheden’, wat bedoelt u daarmee?

‘Dat zijn mensen die veel meer moeite dan gemiddeld hebben met het vinden, snappen, op waarde schatten – denk bijvoorbeeld aan het inschatten wat betrouwbare informatie is op internet – en kunnen toepassen van medische informatie. De kans is daardoor groot dat ze minder goed met hun ziekte of aandoening omgaan, dat ze eerder fouten maken met het innemen van geneesmiddelen en dat ze hun zorgverlener niet goed begrijpen.

‘Het probleem zit vaak in taal. Communicatie over ziekte gaat vaak in talige informatie, terwijl we uit allerlei internationale studies weten dat mensen erg gebaat kunnen zijn bij verhalen met beeld over personages die op henzelf lijken.’

En dat geldt dus voor een op de drie Nederlanders?

‘Meer zelfs. De cijfers komen van onderzoeksinstituut Nivel. Ruim 36 procent van de mensen heeft lage gezondheidsvaardigheden, health literacy in het Engels. Het zijn vaker ouderen, mensen met een migrantenachtergrond, mannen, mensen met een laag opleidingsniveau. Het hangt enigszins samen met geletterdheid, toch zijn er mensen die prima kunnen lezen en schrijven, maar hun arts niet goed begrijpen.

‘Het onderliggende probleem is dat mensen onzeker zijn. Zij denken dat het aan hen ligt als ze iets niet snappen. En ze durven dan ook geen vragen meer te stellen. De dokter is zo slim en ik ben te dom, denken ze. Het gevaar is dat een arts iemand een leefstijltip voorschrijft, zoals: u moet wat meer bewegen, maar dat de patiënt geen idee heeft wat dat in de praktijk betekent. Of iemand denkt: ik heb al zoveel pillen, ik weet niet meer waarvoor ze allemaal zijn, ik neem ze gewoon niet meer in.’

En nu, komen de strips overal in wachtkamers te liggen?

‘In een ideale wereld wel. Ze liggen al bij enkele huisartsen in Groningen en ze staan bijvoorbeeld op oefenen.nl, een website waarop mensen kunnen oefenen met taal, rekenen, internetten of plannen. En ze zijn naar het Syrisch en Eritrees vertaald voor vluchtelingen.’

Foto Ruth Koops van 't Jagt
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.