Dankzij China vliegt er binnenkort voor het eerst een Nederlands instrument naar de maan

Met de Chinezen de ruimte in

Er vloog nog nooit een Nederlands instrument naar de maan, maar dat kan gaan veranderen. Als het Radboud Radio Lab het gevecht tegen de tijd en tegen de communicatieproblemen met de Chinezen weet te winnen.

Astrofysicus Mark Klein Wolt, directeur van het Radboud Radio Lab Foto Foto: Bert Beelen

Na maandag 21 mei kan Marc Klein Wolt opgelucht ademhalen. Hopelijk. Die dag wordt de Chinese maansonde Chang'e 4 de ruimte in geschoten. Als het goed is met een Nederlands radio-experiment aan boord. Maar zo ver is het nog niet. Nog lang niet. Voorlopig is het keihard werken geblazen op Klein Wolts Radboud Radio Lab in Nijmegen. Problemen genoeg. Aan de andere kant: na de achtbaan van de afgelopen twee jaar is Marc wel wat gewend.

Niet eerder vloog er een Nederlands instrument naar de maan. En niet eerder is er zo'n krachtige en breedbandige radio-ontvanger de ruimte in gestuurd. Op zo'n 65 duizend kilometer achter de maan moet hij laagfrequente radiogolven uit het vroege heelal gaan oppikken. Op aarde lukt dat niet, dankzij de ionosfeer. Dicht bij de aarde ook niet, vanwege allerlei stoorzenders. Als dit experiment slaagt, komt er in de toekomst misschien wel ooit een radiotelescoop te staan op de achterkant van de maan - de droom van de Nijmeegse hoogleraar Heino Falcke.

Eind oktober 2015 kreeg Klein Wolt een telefoontje van Jeroen Rotteveel, oprichter en directeur van ruimtevaartbedrijf ISIS in Delft. Ze kenden elkaar van eerdere projecten. 'Ik zit in Beijing, op handelsmissie met koning Willem-Alexander. China heeft plaats voor een instrument op een van hun maansondes. Ik dacht meteen aan jou. Kun je binnen vier weken een uitgewerkt voorstel aanleveren?' Tuurlijk, unieke kans. Maar wacht even - vier weken? En lanceren in mei 2018? Oeps.

Inmiddels is duidelijk dat in China alles anders gaat dan hier. Over cultuurschok gesproken. De ruimtevaart valt onder verantwoordelijkheid van het leger. Uitwisseling van technische details? Vergeet het maar. Beslissingen kunnen van de ene op de andere dag worden herroepen. En alles moet dus veel sneller dan bij een project van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. De Netherlands-China Low-frequency Explorer (NCLE) is dan ook geen officieel ESA-project. Klein Wolt vloog de afgelopen twee jaar minstens zeven keer zelf op en neer voor overleg.

Taalproblemen

Op zich gaat het om een eenvoudig experiment. ISIS ontwikkelt drie antennes van 5 meter lang die als een soort overmaats meetlint worden uitgerold. Astron in Dwingeloo levert een analoge ontvanger en ruisonderdrukker. Het Radboud Radio Lab bouwt de digitale ontvanger. Drie reuzenrolmaten en een paar kastjes met elektronica. Maar in de ruimtevaartwereld zijn dingen nooit echt eenvoudig. NCLE mocht bijvoorbeeld niet zwaarder zijn dan 10 kilo en niet meer energie verbruiken dan een gloeilamp van 50 watt. Ga er maar aan staan.

'De Chinezen communiceren ook heel anders', zegt Falcke. Hoe dan? 'Niet', grinnikt hij. Oké, dat is overdreven, maar makkelijk is anders. Taalproblemen, slechte Skype-verbindingen, verschillende tijdzones - het helpt allemaal niet echt om elkaar goed te begrijpen. Je voelt je al snel lost in translation. Het scheelt dat er een Chinese postdoc in Nijmegen werkt die in Nederland is gepromoveerd. Maar toch. Klein Wolt houdt een videoblog bij over zijn enerverende ervaringen. Een Nederlandse journaliste wil er ooit een documentaire over maken.

Daarin spelen de jongens van de Nijmeegse indierockband The Hubschrauber dan vast ook een rol. Hun debuutalbum Kepler-186f gaat in digitale vorm mee aan boord - Klein Wolt hoorde ze een jaar geleden in het radioprogramma De staat van Stasse en het contact was snel gelegd. 'Ik wilde het heel voorzichtig bij de Chinezen in de week leggen', vertelt hij, 'maar ze reageerden meteen enthousiast. Blijkbaar doen ze dat daar heel vaak: Chinese muziek die vanuit de ruimte wordt afgespeeld.'

Nee, de echte problemen speelden afgelopen voorjaar, toen er verteld moest worden dat Nederland de oorspronkelijke deadline van oktober 2017 nooit zou halen. In Beijing zat Klein Wolt samen met Harry Förster van het Netherlands Space Office tegenover acht à tien hooggeplaatste Chinese officials. Aan de overkant van de tafel barstte de bom; iedereen begon druk in het Chinees met elkaar te praten. Even laten landen, zei Förster. Komt goed. En inderdaad, de oplossing die Klein Wolt voorstelde, viel uiteindelijk in goede aarde.

Die oplossing kwam erop neer dat er eerst een 'kwalificatiemodel' geleverd zou worden. Nog niet the real thing (de uitrolantennes waren nog niet klaar), maar wel geschikt voor het Chinese testprogramma. Meer werk voor de Nederlanders, maar het kon niet anders. In oktober ging dat kwalificatiemodel - in de handbagage - mee naar China. Ook leuk: aan een douanebeambte op Schiphol uitleggen dat er elektronica in die koffer zit waar de douanier absoluut niet aan mag komen. Kwam gelukkig ook goed.

Maar nu is er wel een nieuwe uitdaging. Want voordat het echte instrument richting China gaat, moet het hier in Nederland natuurlijk uitgebreid worden getest. Dat wordt al snel tweede helft april. Maar de Chinezen moeten alles in hun ruimtesonde inbouwen en ook nog een testprogramma uitvoeren. Aan de lanceerdatum valt niet te tornen - beslissing van hogerhand - dus China wil de overeengekomen leverdatum een aantal weken naar voren halen. Het gaat heel krap worden allemaal.

Geen weggegooid geld

En als het onverhoopt niet lukt? Nee, dan is de pakweg 3 miljoen euro aan Nederlandse investering geen weggegooid geld. Er komen meer Chinese maansondes. Chang'e 4 gaat dienst doen als communicatiesatelliet voor een toekomstige lander die op de achterkant van de maan wordt neergezet. Die is een stuk groter, dus daar kan het instrument ook op mee. Maar liever eerst dit, zegt Klein Wolt. Nooit eerder zijn er op deze frequenties metingen gedaan achter de maan. Wie weet wat voor verrassende resultaten dat oplevert. Zonde om die kans niet te grijpen.

Dus maandag 21 mei staat nog steeds in zijn agenda gebeiteld. Vanaf de Jiuquan-lanceerbasis in het noordwesten van China, vlak bij de grens met Mongolië, moet Chang'e 4 dan gelanceerd worden, met een Lange Mars 4-raket. Een paar weken later kan NCLE in bedrijf zijn.

Chang'e is de naam van de Chinse maangodin. Die reisde volgens de overlevering naar de maan nadat ze een onsterfelijkheidselixer had gedronken. De westerse ruimtevaartwereld is gewend aan fantasieloze afkortingen - ook alweer zo'n voorbeeld van een opmerkelijk cultuurverschil. Klein Wolt: 'Als de lancering is gelukt, moeten we ons experiment ook maar eens een wat mooiere naam geven.'

Meer over