Dan maar hete lucht voor Kyoto

Volgens het Kyoto Protocol moeten landen tussen 2008 en 2012 8 procent minder broeikasgassen uitstoten dan in 1990. Een enkeling haalt dat op zijn sloffen....

De laatste Klimaatconferentie in het Canadese Montreal is een maand geleden afgesloten, maar de strubbelingen over de uitvoering van het Kyoto Protocol zijn nog niet van de baan. Nu blijkt uit Brits onderzoek dat dertien van de vijftien (oude) Europese lidstaten hun Kyoto-verplichtingen in de periode 2008-2012 niet zullen halen. De tien EU-nieuwkomers sinds 2004 liggen wel op schema.

Een mager resultaat voor Europa. 'Het tast de geloofwaardigheid van de Europese Unie aan, vooral omdat de EU de ferventste voorstander is van Kyoto', zegt Donald Pols van Milieudefensie. 'Bovendien blijkt er een kloof tussen wat Nederland zelf rapporteert over de geleverde prestaties - Nederland haalt Kyoto, stelt staatssecretaris Van Geel - en wat buitenlandse instituten over Nederland zeggen.'

Het Britse Institute for Public Policy and Research, een denktank van premier Blair, beoordeelde de landen aan de hand van een verkeerslichtsysteem. 'We werken met een soort waarschuwingssysteem', legt dr. Tim Lawrence van het IPPR uit.

Groot-Brittannië en Zweden halen hun verplichte reducties van broeikasgassen en doen zelfs meer dan wordt geëist. Zij staan op groen. Frankrijk, Griekenland en Duitsland kunnen het nog halen als ze extra inspanning leveren en komen op oranje. 'Maar de andere tien landen zijn zo ver verwijderd van de verplichte CO2-reducties dat is uitgesloten dat ze 'Kyoto' halen in de periode 2008-2012', zegt Lawrence. Het gaat om Denemarken, Finland, Ierland, Italië, Luxemburg, Oostenrijk, Portugal en Spanje. En Nederland.

Het Britse rapport spoort aardig met het EU-rapport Broeikasgas emissietrends en ramingen in Europa 2005, dat eind 2005 werd gepubliceerd, zegt dr. Joop Oude Lohuis van het Natuur- en Milieuplanbureau in Bilthoven. Daarin stond dat de EU er tussen 2008 en 2012 een zware dobber aan krijgt om 8 procent minder broeikasgas uit te stoten ten opzichte van 1990. Maar als alles op alles wordt gezet, moet het haalbaar zijn.

Kerncentrales

Niet alle lidstaten moeten 8 procent omlaag. Er is in 1998 (toen de EU nog uit vijftien landen bestond) een verdeelsleutel afgesproken, waarbij rekening werd gehouden met de armere landen Spanje, Portugal, Griekenland en Ierland. Zij mochten eerst nog economisch groeien, meer CO2 uitstoten, ten koste van andere landen. Bovendien werd gekeken naar de kosten. Frankrijk, met veel kerncentrales die weinig met directe kooldioxide-uitstoot van doen hebben, zou veel kosten moeten maken om voor zijn andere energiebronnen over te stappen van vuile kolen naar schoner gas.

Frankrijk kwam in de fortuinlijke positie dat het alleen maar moest zorgen dat de uitstoot van CO2 niet toeneemt ten opzichte van 1990. Een makkelijker doelstelling dan die van Groot-Brittannië, dat 12,5 procent moet zakken om aan de Kyoto-verplichtingen te voldoen. Maar zelfs Frankrijk zit inmiddels 2 procent boven zijn plafond van 1990, vooral doordat de Fransen enorm mobiel zijn geworden. 27 Procent van de nationale kooldioxide-uitstoot komt daar van het verkeer.

Wil Frankrijk de broeikasgassen op het niveau van 1990 houden, dan zal het land in het buitenland emissierechten moeten kopen. Landen kunnen via een buitenlandse omweg credits halen om aan hun verplichtingen te voldoen. Door in Oost-Europa schone energiecentrales, stadsverwarming, windparken, zonnecollectoren of biogas uit afval te financieren, verwerven ze CO2-rechten.

Nederland, dat 6 procent moet reduceren, haalt het niet met binnenlandse maatregelen en is daarom al snel gaan pionieren met de aankoop van emissierechten in het buitenland, lang voordat andere landen dit gingen doen.

Nederland kocht voor 34 megaton (één megaton is één miljoen ton) in Oost-Europa en voor 67 megaton in ontwikkelingslanden, waarmee het land bijna de helft van de 220 megaton aan toegestane emissies in het buitenland verwerft. Het voordeel is dat Nederland er goedkoop (voor 3,60 tot 4,20 per ton CO2) afkomt. In Nederland zelf kost het vermijden van een ton CO2 30 tot 75 euro.

Die buitenlandse omweg is echter riskant, blijkt uit de evaluatie van het Centrum voor Energiebesparing en Schone Technologie (CE) in Delft. Rechten in Oost-Europa kunnen achteraf waardeloos worden als de projecten alsnog worden afgekeurd omdat ze niet voldoen aan de spelregels. Of dat zo is, wordt pas dit jaar duidelijk.

Als reactie wil Nederland meer rechten kopen, zodat er reserve is als er later tegenvallers blijken. Maar projecten moeten drie jaar worden voorbereid voordat ze in de uitvoeringsfase komen en zullen daarom tussen 2008-2012 nog weinig emissierechten opleveren.

Uit de EU-studie blijkt dat behalve EU-landen ook Canada en Japan nog voor vele megatonnen CO2-rechten moeten kopen. Ingewijden zeggen dat Canada zo laat is, omdat het land erop rekende dat het Kyoto Protocol toch niet ingevoerd zou worden. De Canadese industrie klaagt over concurrentievervalsing, omdat de industrie in buurland de VS niet onder het Kyoto-regime valt (zie kader).

Dringen

In het Delftse rapport staat dat Canada 500 miljoen ton moet zien te verwerven en de EU-landen samen 495 tot 650 miljoen ton. Dat wordt dringen. Gezien de schaarste aan projecten, die nog niet eens zijn gecontracteerd, ziet het er niet best uit voor landen die in 1997 in Kyoto beloofden aan het eind van dit decennium te beginnen met de reducties van broeikasgassen in de strijd tegen klimaatverandering.

'Als je ziet dat pionier Nederland al zoveel extra moet doen om Kyoto te halen, dan houd ik mijn hart vast voor landen die veel later zijn begonnen, zoals Italië en Spanje, of die nog moeten beginnen, zoals Canada', zegt dr. Jasper Faber van CE in Delft.

Nu de voortekenen somber zijn, lijken Rusland en Oekraïne de redders in de nood te moeten worden. Deze twee landen kunnen veel emissierechten verkopen omdat ze door hun ingestorte economieën weinig CO2-emissies hebben, maar ze beantwoorden in de verste verte niet aan de spelregels van het Kyoto Protocol.

Toch azen veel landen op de megatonnen 'hete lucht' uit Rusland en Oekraïne. 'In 1998 zeiden veel landen daar niet aan te willen omdat het klimaat daar weinig mee opschiet. Maar het water is tot de lippen gestegen en dus kun je op je vingers uittellen dat landen tegen minder strikte voorwaarden hete lucht gaan kopen', zegt Faber.

'Als Kyoto wordt gehaald is dat grotendeels te danken aan het opkopen van hete lucht, dat geen bijdrage levert aan de oplossing van het klimaatprobleem.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden